'Ik vertrek' (en huilend terug naar Bedum)

We zaten aan de bar te wachten tot onze tafel vrij was. De eigenaresse (en tegelijk barvrouw) van de pizzeria had nauwelijks oog voor ons. Bezweet liep ze met grote tassen vol pizzadozen naar buiten.

Op de stoep voor het restaurant stond een ouwe slordig geparkeerde Fiat Panda met geopende achterklep. Hier gooide ze met een grote zwaai de tassen met pizza's in. De bestuurder keek verbaasd achterom en maakte een gebaar of het niet wat voorzichtiger kon. 'Loop zelf dan, idioot!!' schreeuwde de eigenaresse woest terug. 'Vijftig pizza's op zaterdagavond. Jullie zijn knettergek!'

Roberto wilde me nog tegenhouden maar ik was al opgestaan van de bar. Hier wilde ik natuurlijk meer van weten. De bestuurder van de Panda neuriede met de radio mee terwijl een peuk in zijn mondhoek rood oplichtte. 'Vijftig pizza's!?' vroeg ik hem door het open raampje in het Italiaans. 'Feestje vanavond?' Hij deed net of hij me niet begreep. Toen ik de pizzeria weer inliep kwam de eigenaresse met de volgende lading pizza's. 'Kan ik helpen?' vroeg ik haar. Ze keek me argwanend aan. 'Hoor je bij die Hollander daarbuiten?'

Een Hóllander? Wát moet een Nederlander in een oude Italiaanse Panda nou met vijftig pizza's in Genua? Opnieuw bij de oude auto vroeg ik deze keer in het Nederlands 'Feestje vanavond!?' De man in de Panda schrok zich een hoedje. Stotterend begon hij zijn verhaal over een Nederlandse camping even verderop, dat de pizza-oven stuk was gegaan en dat ze net een kinderfeest hadden georganiseerd deze zaterdagavond. Het huilen stond hem nader dan het lachen. 'En dit moeten we allemaal zelf betalen' besloot hij, met zijn duim wijzend op de geurende berg pizzadozen achterin. Ik meende een Gronings accent te horen. 'Kommen ie oet Grunnen?' vroeg ik voor de grap. Een grote grijns op zijn gezicht. Het ijs was gebroken.

De camping waar de man het over had was in 2012 overgenomen door Dick en Ina Visser. Uit Bedum. Gevalletje 'Ik Vertrek', want ze spraken geen woord Italiaans. Dus maakten ze er een Nederlandstalige camping van. En dat was ondanks lekkende leidingen, knetterende kortsluitingen en een zwembad gevuld met bruin water, uiteindelijk toch een beetje gelukt. Een beetje. Totdat Ina terug wilde naar Beem. Wènst had ze gehad. En flink ook. Huilend is het gezin twee maanden geleden in de auto gestapt, twintig campinggasten verbouwereerd achterlatend. Gelukkig waren pensionado's oom Gerrie en tante Aaltje er toevallig ook. Aaltje had iets sussends gezegd als 'goa mor wicht, wie rizzen het wel dizze zummer'. En zo stond Gerrie in de oude Panda van zijn nichtje te wachten op z'n pizza's. En ook hij sprak geen woord Italiaans.

Toen de Panda was volgepropt met pizza's gooide de eigenaresse de achterklep met een harde klap dicht. 'De rekening krijg je er meteen bij!!' riep ze terwijl ze een verfrommeld papiertje door het open raampje de auto in gooide. 'En uw tafel is klaar' zei ze tegen me met een vermoeide glimlach op haar gezicht.

Terwijl Gerrie een straal gas gaf om weg te rijden, wenste ik hem 'succes mit dien viefteg pizza's!' Hij sprong boven op de rem en kwam met gierende banden hangend uit het raampje vijf meter verderop weer tot stilstand. 'H-h-hou veul?' riep hij angstig. 'Viefteg?' zei ik twijfelend. Hij sloeg zijn handen voor zijn gezicht. 'Wad is?' vroeg ik nieuwsgierig. 'Het mouten er viefTIEN wezen' zei hij met zijn hoofd op het stuur.

De Panda reed hortend en stotend via een bergweggetje de stad uit. 'Ik goa ook terug noar Beem!!' hoorde ik Gerrie nog uitschreeuwen, voordat ik het restaurantje weer binnenstapte. 'Wat neem jij?', vroeg Roberto lachend toen ik ging zitten, 'ze hebben alles nog zei de eigenaresse. Behalve pizza.'

Marc Wiers
Meer over dit onderwerp:
columns
Deel dit artikel:

Recent nieuws