'Vier kapiteins op het schip, dat gaat prima'

Drie Groninger rederijen hebben begin dit jaar de handen ineen geslagen om verder te gaan als Shipping Company Groningen. Dat was geen keuze uit luxe. 'We vroegen ons alledrie af, hoe verder?'

Door Loek Mulder
Het onderkomen van de rederijen is tot 'House of Shipping' gedoopt. Vanuit dit vier verdiepingen tellende pand aan de Oostelijke Ringweg van Groningen doen Feederlines, Thorco Shipping en Navigia het financieel, technisch en organisatorisch management van de zestig schepen die ze in eigendom hebben of beheren. Ze zorgen dat de schepen worden bevracht, van bemanning worden voorzien, verzekerd zijn en ze regelen zaken als financiering. Een metershoge, goudkleurige scheepsschroef van een coaster voor de deur maakt duidelijk dat we hier met mannen van de koopvaardij te maken hebben.

Dat het in de hele scheepvaartsector, van scheepsbouwers tot en met de rederijen moeizaam gaat is geen geheim. Het bericht van eind juni dat het voortbestaan van Rederij Wagenborg door een financiële injectie van drie banken is gered, tekent de omstandigheden. 'Je moet er niet aan denken dat Wagenborg zou zijn omgevallen. Dat zou een ramp zijn geweest', zegt Feederlines-directeur Jan van der Laan.

RTV NoordZaken sprak met directeur Van der Laan van Feederlines en Otto Torenbosch van Thorco Shipping Holland over hun gevecht om de situatie te boven te komen. Dat lukt hen ondanks de malaise wonderwel, zeggen ze.

Via Facebook op de hoogte blijven van NoordZaken? Like hier onze NoordZaken Facebook pagina.


Waarom was de fusie noodzakelijk?
Van der Laan: 'We wilden voorkomen dat we zouden omvallen. Zelfstandig zouden we het niet hebben gered. De scheepvaart zit al sinds 2008 in een crisis. Reders stoten schepen af en krimpen in, al dan niet gedwongen door de banken. Feederlines, voorheen een volle dochter van Reederei Hartman uit Leer, had in de hoogtijdagen 55 schepen en zestig man personeel. Dat is beetje bij beetje afgenomen tot circa twintig.'
'De verdiensten met de overgebleven schepen namen af. Bij alle drie de reders kwam de omvang van het bedrijf en de werkgelegenheid in het gedrang. Begin 2016 heeft Feederlines afscheid moeten nemen van de helft van het personeel. De situatie werd voor de bedrijven afzonderlijk te onzeker. We vroegen ons alledrie af, hoe verder?'

Juist doordat bedrijven omvallen, ontstaan mogelijkheden voor ons
Otto Torenbosch - Thorco Shipping Holland


Navigia en Feederlines besloten samen te werken, vorig jaar kwam daar Thorco bij en vervolgens werd de samenwerking omgezet in een fusie. Het samenvoegen van de organisaties zou in elk geval de kosten al behoorlijk drukken. 'We zijn nu sterker, het is rustiger', zegt Van der Laan. 'We hebben onlangs vijf nieuwe mensen kunnen aannemen. Twee van hen had ik een jaar ervoor ontslagen.'

En dan ben je ineens een organisatie met vier directeuren. Vier kapiteins op het schip, werkt dat?
Van der Laan:'We zijn in staat onze ego's aan de kant te schuiven. Het maakt ons niet uit wie in welke situatie naar voren wordt geschoven. Kleine rederijen hebben over het algemeen zo'n vijftien schepen en één directielid. Wij hebben zestig schepen en een vierkoppige directie. Dat kan dus prima.'

Behalve Jan van der Laan en Torenbosch maken ook de twee Navigia-directeuren Jan van Breden en Eric Bos deel uit van de leiding van Shipping Company Groningen.

Jullie groeien terwijl in de hele scheepvaartsector de verdiensten zwaar onder druk staan?
Torenbosch: 'Juist doordat bedrijven omvallen, ontstaan er mogelijkheden voor ons. Toen Abis Shipping in Harlingen ten onder ging heeft Navigia zes schepen in management kunnen overnemen. Zo hebben we via Thorco ook schepen van Flinter Shipping in Barendrecht en eerder van de Winschoter rederij Reider Shipping aan onze vloot kunnen toevoegen. Nu bezitten we een vloot van zo'n zestig schepen. En die ontwikkeling zet door. Momenteel is Shipping Company Groningen in gesprek met een buitenlandse partij over de overname van het management van acht schepen.'

Doordat de Groningse reders deze schepen veelal tegen een lage tweedehandsprijs overnamen en de financiering ervan opnieuw konden inrichten, kan Shipping Company Groningen ze tegen lagere kosten laten varen. Daardoor weten de drie aangesloten rederijen zelfs winst te maken. Al blijft dat 'marginaal' zoals Torenbosch benadrukt.

Een rederij kan de kosten drukken en goedkoper schepen financieren, maar uiteindelijk gaat het om wat er kan worden verdiend met het vervoer over zee. En er is nog steeds een teveel aan vrachtcapaciteit.
Torenbosch: 'Het is vooral slecht in markt van grote bulkers en grotere containerschepen. Wij zitten meer in de kustvaart, met schepen van 90 tot 125 meter lengte. Daar wordt nog wel wat verdiend. We kunnen nu overleven. Het betekent dat we er goed voor staan op het moment dat de markt aantrekt.'
Van der Laan: 'Maar de vrachtenmarkt is niet wat het was en ik denk dat het ook nooit meer wordt zoals het was.'

Scheepswerven zijn niet met hun tijd meegegaan
Jan van der Laan - directeur Feederlines


Wat betekent, vanuit het gezichtspunt van de reder, de haperende markt voor zeevracht voor de noordelijke scheepswerven?
Van der Laan: 'Het is heel simpel. Wanneer we een schip van zevenduizend ton laten bouwen bij een Nederlandse werf, betalen we rond de twaalf miljoen euro. Ik kan ook een redelijk nieuw tweedehands schip kopen voor een miljoen of vijf. Dan is de keus snel gemaakt. Twaalf miljoen voor een schip met een beperkte verdiencapaciteit is momenteel niet haalbaar.'



Er zijn volop tweedehands schepen beschikbaar. Er is dus geen enkele noodzaak een order te plaatsen bij een werf?
Torenbosch:'Voorlopig niet. Alleen hele nieuwe ontwikkelingen kunnen daar verandering in brengen. Strengere milieu-eisen bijvoorbeeld. En schepen moeten over een tijdje allemaal een ballastwatermanagement-systeem aan boord hebben. Op het moment dat schepen niet meer aan milieu-eisen voldoen, of bijvoorbeeld niet zuinig genoeg meer varen, dan kunnen de werven weer op orders van reders rekenen.'

Bodewes bouwt een schip dat op LNG vaart, Barkmeijer bouwt een innovatief baggerschip, werven bouwen schepen met speciale boegen of werken aan andere innovaties. Zijn jullie er niet aan toe om met dergelijke vernieuwende schepen te gaan varen?
Torenbosch: 'De bedrijven die vracht laten vervoeren over zee zijn er niet aan toe. Die zijn niet bereid om hogere vrachtprijzen te betalen.'
Van der Laan: 'Wij kunnen wel zeggen dat we varen met een superzuinig, zeer innovatief schip, maar als onze tarieven daardoor enorm stijgen, heeft dat bedrijfseconomisch geen enkele zin.'

Samen de noordelijke scheepvaartsector redden is een gepasseerd station
Otto Torenbosch - Thorco Shipping Holland


Wordt het geen tijd dat de bedrijven in de noordelijke scheepvaartsector de koppen bij elkaar steken om te zorgen voor het voortbestaan van een gezonde bedrijfstak? Is dat niet een gezamenlijke verantwoordelijkheid van scheepsbouwers, toeleveranciers en reders?
Torenbosch: 'Dat lijkt mij een gepasseerd station. Wat er nu gebouwd wordt, is slechts een fractie van een jaar of tien terug. We kunnen zo een stuk of tien werven opnoemen die in de afgelopen jaren hier in de regio zijn verdwenen: De Hoop, Damen, Bijlholt Foxhol, Volharding, Frisian Shipyard, Welgelegen, Van Diepen, Bijlsma. Deze werven vertegenwoordigden de noordelijke scheepsbouw. Dat is dus weg.'

Wat is het perspectief voor de sector?
Van der Laan: 'Scheepswerven zijn niet met hun tijd meegegaan. Ze bouwden een schip, leverden het af, maakten een mooie winst en zeiden: veel plezier ermee. Ik wil wel nadenken over innovatieve nieuwe schepen, maar dat moeten projecten worden van de werf en de reder samen. En de werf moet ook medeverantwoordelijk worden voor de exploitatie van het schip.'

Het beeld dat jullie schetsen voor de sector is niet zonnig. Waar staan jullie over een jaar of wat?
Van der Laan: 'We groeien door overnames verder. We zijn daarover in gesprek met diverse partijen. Daarna bouwen we door naar een volgende stap. We kijken daarbij scherp naar Duitsland. Daar hangt een big bang boven de markt. Veel bedrijven in de sector worden overeind gehouden door overheden en banken. Die zullen er op een gegeven moment uitstappen.'
'Wat we hier in onze House of Shipping hebben neergezet, wordt door de markt gezien. Onze schepen varen tegen een lagere kostprijs dan voorheen. Met onze huidige omvang kunnen we goedkoop inkopen en zekerheid en kwaliteit bieden. Het geeft Shipping Company Groningen een goede concurrentiepositie.'

Voor het kantoor wapperen nog de vlaggen van de drie afzonderlijke reders: Navigia, Feederlines en Thorco. Wanneer worden die vervangen door één vlag van Shipping Company Groningen?
Torenbosch: 'Voorlopig houden de rederijen de eigen merknamen. Een sterke naam, die goed in de markt ligt, dump je niet zomaar. Over een tijdje, wanneer Shipping Company Groningen meer bekendheid heeft, dan zal dat wellicht het label worden.'

Meer NoordZaken-artikelen lezen? Dat kan hier.

Lees ook:
- Nieuwe finaciële zorgen voor reders: scheepsinstallaties onbetaalbaar
- Scheepsbouw: keihard knokken om te overleven
Meer over dit onderwerp:
Havens economie GRONINGEN
Deel dit artikel:

Recent nieuws