Door de mand: Kees Vlietstra viert vakantie

'Ja, als een Boeddha pap,' reageert mijn jongste zoon als ik voor de tachtigste keer voor me uit mompel dat ik me als een God in Frankrijk voel.We zitten op het terras voor onze gehuurde caravan aan het meer van Annecy. Het is hier fantastisch.



Betoverende omgeving, lekker weer, exquise voedsel, een fijne camping en zelfs lekkere wijn voor een bierdrinker. En het moet gezegd: de Fransen zijn aardige mensen. Eigenlijk erger ik me alleen maar aan de Nederlanders op de camping. Oorzaak: handdoekje leggen. Om half zeven 's ochtends gaan de eerste medelanders met vijf handdoeken per persoon naar het zwembad om ligbedjes te reserveren. Dat geeft ze het 'internationale recht' om de hele dag eigenaar van dat ligbedje te zijn. Ook al gaan ze tussen de middag uitgebreid lunchen in het twintig kilometer verder gelegen bergdorp: die handdoek laten ze liggen zodat ze in de namiddag nog even lekker aan de zwembadrand met een Telegraaf van gisteren kunnen uitbuiken. Op 'hun' ligbedje.

Door die flauwekul heb ik nooit een ligbedje en ben ik gedwongen om aan het eind van de ochtend al in de bar aan de rand van het zwembad plaats te nemen. Zodoende heb ik vriendschap met Louis gesloten. Louis is beheerder van de camping. Hij doet alles. Alle campinggasten lopen met hem weg. Hij is hartelijk, energiek, commercieel, joviaal maar bovenal gastvrij. Louis is een harde werker. Doet niets met de Franse slag. Kortom, de moderne beheerder. Het liefst staat hij achter de bar. Daar hebben we mooie gesprekken.

Ik vertel hem over dat vermaledijde 'serviette mettre'. Louis herkent het 'handdoekje-leggen-probleem' en vertelt me dat hij daar van het bestuur van de camping geen actie tegen mag ondernemen. Dat staat namelijk in de statuten van de camping. En die zijn van voor de Renaissance en gelden nog steeds. Ik haal mijn schouders op. In mijn beste Frans vraag ik hem of hij de beroemde basketbalcoach Ton Boot kent. 'Mais bien sûr, le grand Toine Bateau, champion avec Donar,' antwoordt Louis terwijl hij een vers getapt biertje voor me neerzet. Ik glim, Louis is een kenner. Ik vertel hem dat volgens onze Toine Boot 'alle bestuurders slecht zijn, behalve degenen die het tegendeel hebben bewezen.'

Louis knikt. Volgens mij is hij het wel eens met monsieur Boot. Hij vertelt me dat hij denkt dat het bestuur hem wil wippen als beheerder. 'Pourquoi?,' vraag ik hem boos. Hij haalt zijn schouders op. Statuten, regels, starheid, dictatuur, eigen belang. Wie zal het zeggen?

Terwijl Louis als een klein Frans geilpikkie charmant een mooie blondine in een te kleine bikini aan een koffie verkeerd helpt kijk ik op mijn mobieltje naar het laatste sportnieuws. Er komt een pamflet vanuit de Nederlandse voetbalwereld tegen het spelen op kunstgras in de eredivisie. Aanjagers zijn Gullit, Van Bommel, Sneijder en Robben.

Als tweede rechtsback van Engelbert 3 ben ik het daar volkomen mee eens. En dan niet alleen in de eredivisie maar ook in de reserve vijfde klasse C. Weg met dat kunstgras. Sterker nog, ook de hockeyers en de korfballers moeten wat mij betreft gewoon weer verplicht op echt sappig natuurgras spelen. Op alle niveaus. In mijn tijd als speler van Nic.5 was ik de enige die liever om 10.00 uur zondagochtend in de mist op het hoge natte gras van WSS in Oude Pekela (met na afloop flessen bier en gehaktballen van Jannie Wageman) speelde dan op het keiharde antieke betonkunstgras (doe daar eens wat aan gemeente Groningen!) van mijn eigen cluppie.

Maar goed, ook het manifest van Robben cs tegen het kunstgras zal tegen dezelfde weerstand aanlopen als die Louis ondervindt van het bestuur van de camping: Statuten, regels, starheid, dictatuur, eigen belang. Voor de FC Groningen is het sowieso van groot belang dat alle eredivisie clubs vanaf volgend seizoen verplicht worden om op kunstgras te spelen. Alleen dan is er namelijk een kleine kans dat Arjen Robben zijn comeback gaat maken bij de FC. Robben vindt dat kunstgras maar helemaal niks. Dus, kom op Sparta, Heracles, PEC Zwolle, Excelsior, VVV Venlo, ADO Den Haag en Roda JC, weg met dat kunstgras, of degradeer maar gewoon, dan worden wij volgend seizoen aan de hand van Robben champion.

De blondine in de te krappe bikini paradeert naar het zwembad. Louis en ik kijken haar ongegeneerd na. Ik vertel Louis hoe ik lang geleden samen met mijn kameraad Willem in Chersonissos een revolutionaire actie heb uitgevoerd tegen dat handdoekje leggen. Als twee vrijgezelle dertigers kwamen we na een nachtje stappen met zestienjarige slettebekjes uit Newcastle om half acht met de taxi aan bij ons appartementencomplex. Met zwembad én ligbedjes. De eerste handdoekjes waren al weer neergelegd door de Duitsers en Nederlanders. Willem nam vanuit de taxi een aanloop en sprong in zijn stapkleding in het diepe. Bommetje. Ik liep eerst een rondje om het bad en flikkerde alle handdoeken van de ligbedjes in het water. De taxichauffeur achtervolgde me terwijl hij in het Grieks aan het schelden was. We hadden nog niet betaald. Willem duwde hem wat natte drachmen in zijn handen. 's Middags werden we wakker. Op een ligbedje.

Louis schudt met zijn hoofd, hij zet nog een biertje voor me neer. Dat is niet de oplossing zegt ie. Zo'n pamflet wil wellicht helpen. Egalité, fraternité, liberté. Met een brok in zijn keel geeft hij me nog een wijze levensles. Dit kon ik na zes biertjes destilleren uit zijn Franse dialect:'Besturen van campings, gemeentes en voetbalbonden moeten beseffen dat wie alleen het medicijn kent, niets van het medicijn weet, en wie alleen iets van voetbal begrijpt, die begrijpt helemaal niets van voetbal.' (vrij naar Hippocrates)

Ik kijk Louis bewonderend aan. Vanavond ga ik met een petitie langs bij alle campinggasten. Louis-tje moet blijven. Verder hoop ik dat Arjen Robben op tijd fit is voor de cruciale WK kwalificatie wedstrijd Frankrijk-Nederland op 31 augustus. Tot die tijd leef ik nog een weekje als Boeddha in Frankrijk. À votre santé.
Meer over dit onderwerp:
sport beterweters beterweterssport
Deel dit artikel:

Recent nieuws