Vroag & Antwoord: Kip en haan

© RTV Noord
Een nieuwe maand, een nieuw thema bij Vroag&Antwoord op Radio Noord: vogelnamen. Deze keerde ‘kip’ en de ‘haan’ de onderwerpen. In de 11e vragenlijst, november/december 2014 vroegen we naar de benaming van deze beesten.
Bij de ‘haan’ is de meest in het oog springende kwestie het verschil tussen
hoan
en
hoane
, maar af en toe worden ook andere varianten genoemd, zoals
tuuthoan(e)
en
krikhoan(e)
. daar kom ik straks nog op terug. In de omgeving Stad en in het Westen en Noorden van de provincie wordt
hoan
gezegd. In Westerwolde en de Veenkoloniën wordt door vrijwel iedereen een
e
toegevoegd:
hoane
. Het Oldambt vormt een mengsel van beide: in plaatsen die meer bovenin deze regio liggen wordt vooral
hoan
gezegd, dus in Appingedam, Delfzijl, Meedhuizen, de Woldstreek, ongeveer tot Wagenborgen aan toe. In Wagenborgen wordt alleen
hoan
genoteerd, in Nieuwolda alleen
hoane
, terwijl die plaatsen vlakbij elkaar liggen.
Haan
wordt nauwelijks genoemd in de enquête.
De ‘kip’ is ingewikkelder. Daar worden veel varianten voor gegeven: hìn, hìnne, rep, piek, tuut, tute, tude, kuken, kip, kippe, kibbe en krikke. Veel daarvan komen ook terug op Facebook. Nu moet gezegd worden dat het met de kip en de haan in het Gronings nog niet zo eenvoudig gesteld is, omdat ze nog wel eens verschillende namen krijgen die te maken hebben met de leeftijd van de kip. Tel regionale verschillen en verschuivingen in het Gronings hierbij op en er ontstaat een grote hoop namen waar moeilijk orde in aan te brengen is. Voor een deel was er wel structuur in te ontdekken.
Het Westerkwartier is de enige regio waar piek voorkomt en dan ook nog eens zeer frequent. Volgens Ter Laan is een piek een jonge kip, maar die naam wordt inmiddels wellicht voor de kip in het algemeen gebruikt.
In Westerwolde en de Veenkoloniën zijn hìnne en tude veel genoteerd. In het Oldambt is de kwestie wel of niet toevoegen van die laatste e vergelijkbaar met het hoan/hoane-verhaal. Bovenin gebruikt men die e niet, maar vanaf ongeveer Nieuwolda wordt deze wel toegevoegd. In en rondom Winschoten zegt men meestal geen tude maar tute, dus in Beerta, Finsterwolde, Midwolda, Oostwolde, Scheemda, Westerlee en Winschoten en ook nog iets verder daar omheen: in Nieuweschans, Blijham en Oude Pekela.
Iets noordelijker in het Oldambt en nog noordelijker, op het Hogeland is tuut veel gehoord, maar ook hìn.
Tot slot is het Nederlandse woord kip in opkomst, bij iedere jongere generatie groeit het aandeel kip--zeggers. Daarmee komen ook kippe en kibbe op.
Volgende week: de zwaan en de eend.