Dagwoord: SLEPT

© RTV Noord
Siemon Reker neemt in maart volgend jaar afscheid als hoogleraar Groninger taal en cultuur aan de RUG. Vanaf 2 maart pakt hij dagelijks een publicatie uit zijn Groninger boekenkast en legt de vinger telkens bij één wisselend woord daaruit. Dat resulteert in de werkdagelijkse column Dagwoord.
Verder dan de titel van deze schitterende verhalenbundel hoeven we niet te kijken:
Knivveltoons
van Duut van Goor uit 1970. Elf korte verhalen zijn het, ingeleid door Albert Sassen. Dat laatste is begrijpelijk in dat jaar of in die periode: mevrouw Van Goor-Duut zoals de schrijfster officieel heette en Sassen zaten als twee collega-Veenkolonialen lang in de redactie van het
Cultureel Maandblad Groningen
. Sassen was kort tevoren in 1969 van lector Nederlandse taal- en letterkunde gepromoveerd tot hoogleraar Nederlandse taalkunde aan de RUG. Dat zal overigens samenhang vertonen met zijn besluit om nu uit de redactie van dit Maandblad te stappen.
Sassen wijst op het absurd-fantastische dat een kenmerk van de bundel Knivveltoons is en hij gaat niet voorbij aan het prachtige titelwoord. Naar de letter staat het zó niet in het Groninger woordenboek maar er zijn zoveel varianten van dat deze er nog bij kan. Het gaat om toon als aanduiding voor 'teen' en daarmee voor de voet als geheel. Knib- of nib- heeft mogelijk verband met iets als neb waarmee iets puntigs uitgedrukt wordt net als wat minder direct zichtbaar in snoavel. Voor dat neb- kunnen even gemakkelijk diverse klanken voorkomen als dat de b afgewisseld wordt met de v - en dan is knivveltoons een prachtige variant. De ene kant van de zaak is het dubbele van het woord toon dat naast 'teen' ook 'toon' betekent, de andere kant is dat het eerste deel óok al een dubbele betekenis bezit. Immers, het gaat niet alleen om het met de tenen naar binnen toe gericht lopen, knivveln is ook een variant van gnivveln 'gniffelen'.
Mevrouw Van Goor, neerlandicus (v.) net als Sassen (m.), heeft zeker oog gehad voor dit soort aspecten. Haar Gronings heeft zich in de loop van de jaren ontwikkeld en misschien is ze daarbij ook wel eens hypercorrect geweest. In dat schitterende openingsverhaal over de verdwenen Martinitoren vraagt ze zich af wie alle oude voorwerpen uit ons land slept 'sleept'. (blz. 10) Daar zal zij vroeger toch sleept gezegd hebben, waarvan ze in een drang om de kwaliteit van haar taal te bewaken zichzelf té gecorrigeerd kan hebben tot slept (naar het voorbeeld van eet-et, geef-geft).
Duut van Goor, Knivveltoons. Haren, 1970.