God in Groningen: Mysterieuze mannenclub

Een mysterieuze mannenclub is het. Ze dragen rokkostuums, ze herkennen elkaar aan een speciale handdruk, luisteren naar Mozart en in hun tempel bewerken ze ruwe stenen als metafoor voor werken aan je zelf.
Een beter mens worden, dienstbaar aan de medemens willen zijn. Deze geloofsovertuiging ontstond drie eeuwen geleden bij de oprichting van de
, want daar hebben we het hier over.
Een Herenclub die in de 18e eeuw in Engeland werd opgericht uit onvrede met de katholieke kerk en zijn strenge wetten. De zogeheten Loges in de vrijmetselaarij zijn soms berucht, beter gezegd berucht gemaakt. Bijvoorbeeld door de schrijver Dan Brown in zijn boek de Da Vinci Code of dichter bij huis Harry Mulisch die zich aangetrokken voelde tot de alchemie van de vrijmetselarij en er onder meer het boek 'De ontdekking van de Hemel' aan wijdde.
De beweging waaierde uit over Europa tot in de provincie Groningen. In Veendam, Winschoten en in de stad zijn er in totaal 7 van die zogeheten loges. De oudste is de Loge L'union Provinciale die in 1772 in de stad werd opgericht. Op een enkele vrouwenloge daargelaten bestaat de vrijmetselarij uit louter opgeleide en ontwikkelde mannen, meestal afkomstig uit alle geledingen van de maatschappij.
Het is moeilijk -onmogelijk- om precies te omschrijven wat ze binnen de muren van hun tempel doen. Het heeft te maken met zingeving, mannenvriendschappen en spiritualiteit. In ieder geval is het geen avondje Champions League kijken of pokeren.
De rituelen, de symbolen en de inwijdingen -die eeuwenoud zijn- zijn voor de leek ondoorgrondelijk. Vast staat wel dat je man moet zijn, graag nadenkt over de zin van het leven er over wil praten en van occulte, obscure en wonderlijke symbolen houdt.