Rhea Hummel doet onderzoek naar minibiebs: 'Mensen willen er vaak hun levensvisie mee uitdragen'

Minibieb Gravenburg
Minibieb Gravenburg © RTV Noord
Wie kent ze niet, in hun dorp of stad: minibiebs. In heel Nederland en België zijn er al bijna 2000 officieel geregistreerd. Ook in de provincie Groningen barst het ervan. Rhea Hummel, literatuurwetenschapper aan de Hanzehogeschool, besloot er voor het lectoraat Kunsteducatie onderzoek naar te doen.
'Ik vind minibiebs al heel lang heel erg leuk', zegt Hummel. 'Ik keek er eigenlijk altijd wel in.' Ze is Neerlandicus, literatuurwetenschapper en promoveerde in de sociale wetenschappen.

Het alledaagse

'Mijn hele achtergrond komt dus eigenlijk samen in zo'n minibieb. Eén van de pijlers van het lectoraat Kunsteducatie is het alledaagse. En ik dacht: zo'n minibieb is bij uitstek een alledaags verschijnsel. Hier wilde ik heel graag onderzoek naar doen, want wat gebeurt hier nou eigenlijk?'
Rhea Hummel
Rhea Hummel © Eigen foto
Daarnaast werd ze getriggerd door het minibiebje bij haar om de hoek, bij de Albert Heijn op het Helperplein in Stad. Daar vond ik zo maar twee boeken waar ik al langer naar zocht. Hoe mooi is dat, dacht ik. Hier ga ik mee verder.'

Al zo'n tien jaar

Het fenomeen minibieb kwam ooit overgewaaid uit Amerika, weet Hummel. Daar heet het little free library. 'Er wordt meestal gezegd dat de minibieb hier zo'n tien jaar geleden z'n intrede deed, al denk ik zelf dat dat wel langer geleden is.'
Groningse minibiebs zijn heel goed onderhouden
Rhea Hummel
Hoeveel er precies in Groningen zijn is niet bekend. Op de website minibiebs.nl staan er ruim zestig. 'Maar dat zijn alleen de geregistreerde. Lang niet iedereen registreert z'n boekenkastje. Hoeveel er precies zijn weten we dus niet.'
Wat ze wél weet, is dat de boekenhuisjes in onze provincie erg goed worden onderhouden door hun eigenaren. 'Ik heb ook in Amsterdam veel minibiebs gezien, maar daar waren het bijna allemaal open kasten, waar het zo naar binnen regende.'

Minibieb verlengstuk van z'n eigenaar

In het kader van haar onderzoek leest ze er teksten over en praat ze met zowel eigenaren als bezoekers van de minibiebs. 'Wat me opviel', zegt ze, 'was dat het vooral over de eigenaren gaat. Hun minibieb is vaak een verlengstuk van henzelf. Let er maar eens op, als je zo'n minibiebje ziet. Die lijkt vaak op het huis waarin ze wonen, qua kleur en qua vorm.'
Daphne Brouwer bij haar minibieb
Daphne Brouwer bij haar minibieb © RTV Noord
Eigenaren van minibiebs willen ook vaak wat uitdragen. 'Bijvoorbeeld dat ze lezen heel belangrijk vinden. Ze hebben vaak een missie en willen mensen aan het lezen krijgen. Of ze dragen een duurzaamheidsboodschap uit, dat je boeken niet zomaar moet weggooien, of in huis hoeft te hebben. Ze willen zo'n boek vaak nog een derde of vierde leven geven.'
Hoewel ze zelf al een fan was van het fenomeen, had ze niet verwacht dat er zóveel achter een minibieb kon zitten. 'Dat mensen vaak hun levensvisie met zo'n bieb willen uitdragen, dat had ik niet verwacht.'
Heel mooi: mensen hebben het gevoel dat ze door zo'n minibieb indirect contact met elkaar hebben
Rhea Hummel
Aan 'gebruikers' vroeg ze waarom ze boeken pakten uit een minibieb. 'Omdat ze hun bibliotheekabonnement hadden opgezegd, kreeg ik als antwoord, of omdat ze op deze manier ook eens een ander soort boek te lezen kregen. En anderen waren weer gewoon blij met het fenomeen in hun dorp, dat ze op deze manier in stand wilden houden.'
Een minibiebje is dus niet alleen maar leuk, het is zeker ook nuttig, leerde Hummel. 'Ja, ze zijn héél nuttig', zegt ze. 'Wat ik heel veel mooi vind, is dat mensen het gevoel hebben dat ze door zo'n minibieb indirect contact met elkaar hebben. Er vormt zich als het ware een soort netwerk.'
Piet Noordenbos bij zijn minibieb
Piet Noordenbos bij zijn minibieb © RTV Noord

Wel even overleggen

Voor wie zelf een minibiebje wil beginnen, heeft Hummel nog wel een tip. 'Als er al een paar zijn in je dorp, overleg wel even', zegt ze. 'Het is bijvoorbeeld niet altijd de bedoeling dat er drie minibiebs in een dorp zijn. Je wilt er geen ruzie over hebben.'
Maat tot zover strekt de etiquette. 'Het is ook niet perse noodzakelijk een om boek terug te zetten als je er eentje pakt. Want dat is juist de charme, dat als je wandelt of fietst, en je komt zo'n biebje tegen, dat je zomaar een boek kunt pakken, zonder dat je er eentje terugzet.' Een biebje blijft vaak wel in balans, weet ze. 'Mensen nemen niet zo maar tien boeken mee.'

Een boek zou mooi zijn

Wat ze met het onderzoek wil doen? 'Een boek publiceren zou ik graag willen', zegt ze, 'maar daarin moeten dan ook andere alledaagse leesfenomenen komen, zoals leesclubs. Daarnaast wil ik bekijken of dit ook invloed kan hebben op het literatuuronderwijs.'