Wordt de strijd om de kinderhartchirurgie eindelijk beslist? 'Patiënten willen duidelijkheid'

Eduard Verhagen met het UMCG op de achtergrond
Eduard Verhagen met het UMCG op de achtergrond © UMCG, Jos Schuurman/FPS (bewerking RTV Noord)
Het ministerie van Volksgezondheid en de academische ziekenhuizen van Amsterdam, Leiden en Utrecht treffen elkaar donderdag opnieuw voor de rechter. De drie ziekenhuizen hopen zo sluiting van hun kinderhartcentra te voorkomen. Het UMCG is als belanghebbende partij ook aanwezig. Hoofd Kindergeneeskunde Eduard Verhagen blikt vooruit.
De zaak, die door de rechtbank in Utrecht wordt behandeld, is het vervolg op het kort geding van afgelopen zomer. De drie ziekenhuizen wilden daarmee bereiken dat de voorbereidingen voor de concentratie van de kinderhartchirurgie in Groningen en Rotterdam zouden worden stopgezet, in afwachting van de bodemprocedure die komende week op de rol staat.

Geen boodschap

De kortgedingrechter bleek geen boodschap te hebben aan de argumenten van de ziekenhuisbestuurders uit Amsterdam, Leiden en Utrecht. Integendeel, alle betrokken universitair medische centra kregen de aansporing zonder dralen door te gaan met het uitvoeren van het besluit van minister Kuipers van Volksgezondheid.
Deze voorlopige beslissing zorgde in het UMCG voor opluchting. Zoals Verhagen destijds het uitdrukte: ‘Het is meer dan waarop wij hadden gehoopt.’ 
De bezwaren van de centra, die niet zijn aangewezen, zijn bekende argumenten
Eduard Verhagen - Hoofd Kindergeneeskunde UMCG

Vertrouwen

Dat maakt ook dat Verhagen de uitkomst van de komende bodemzaak met vertrouwen tegemoetziet: ‘De stukken zijn inmiddels allemaal uitgewisseld. De bezwaren van de centra, die niet zijn aangewezen, zijn bekende argumenten. Er komen wat mij betreft eigenlijk geen nieuwe gezichtspunten naar voren.’ 

Hoe zat het ook al weer?

Om nog even het geheugen op te frissen: Kuipers wil het aantal kinderhartcentra in ons land terugbrengen van vier naar twee. Deze concentratie is nodig om de kwaliteit van de complexe zorg voor kinderen - en volwassenen - met een aangeboren hartafwijking overeind te houden. 
Het uitgangspunt is dat operaties en andere gespecialiseerde ingrepen (‘interventies’) nog maar in twee umc’s plaatsvinden. Voor nazorg en controle kunnen patiënten in hun ‘eigen’ umc terecht. Om deze opzet te laten slagen is het van belang dat alle betrokken ziekenhuizen nauw met elkaar samenwerken.
De minister heeft een uitstekend verweer geschreven dat hout snijdt
Eduard Verhagen
In eerste instantie wil Kuipers de kinderhartcentra van het Erasmus MC in Rotterdam en het UMC Utrecht openhouden, ten koste van de centra in Groningen en Amsterdam/Leiden (deze twee ziekenhuizen hebben een gezamenlijk kinderhartcentrum). Na een storm van protest uit het UMCG-kamp komt de minister, mede onder druk van de Tweede Kamer, terug op zijn aanvankelijk besluit.

NZa-rapport

Een uitgebreid onderzoek van de Nederlandse Zorgautoriteit geeft uiteindelijk de doorslag. De NZa concludeert in haar rapport (‘impactanalyse’) dat sluiting van het kinderhartcentrum in Groningen grote nadelige gevolgen heeft voor de medische zorg in het noorden en oosten van het land.
Op grond van deze conclusie besluit Kuipers in april dit jaar definitief het kinderhartcentrum in Groningen open te houden en in plaats daarvan het centrum in Utrecht alsnog te sluiten. Voor de drie Randstedelijke ziekenhuizen is dit het sein om naar de rechter te stappen.
Het rapport van de NZa zal tijdens de komende rechtszaak nadrukkelijk ter sprake komen, verwacht Verhagen: ‘De minister heeft een uitstekend verweer geschreven. Daarvan denk ik echt dat het hout snijdt. En daarin speelt de NZa-analyse begrijpelijkerwijs een belangrijke rol. Daarom ben ik er wel gerust op dat de belangrijkste thema's ook echt aan de orde komen.’

Onverwachte ontwikkeling

Dat de umc's in Amsterdam, Leiden en Utrecht weigeren zich neer te leggen bij het besluit van Kuipers blijkt niet alleen uit de juridische procedure die ze hebben aangespannen.
Tot verbazing - om niet te zeggen verbijstering - van het UMCG maken de bestuurders van de drie umc’s eind oktober via een persbericht bekend dat ze vanaf 1 januari volgend jaar hun kinderhartcentra willen samenvoegen. Over het besluit van Kuipers om alleen de twee centra in Groningen en Rotterdam open te houden wordt met geen woord gerept.
Hoe de rechtbank gaat beslissen is natuurlijk aan de rechtbank. Het is koffiedik kijken
Eduard Verhagen
Het valt te bezien in hoeverre de rechters deze onverwachte ontwikkeling laten meewegen in hun uitspraak. Kuipers maakt in elk geval na de publicatie van het persbericht nog dezelfde dag duidelijk dat hij bij zijn beslissing blijft.

Koffiedik kijken

Verhagen wil zich niet al te veel uitlaten over de kwestie: ‘Wij snappen heel goed dat een dergelijk ingrijpend besluit van de minister aanleiding kan zijn om naar de rechter te stappen. Hoe de rechtbank gaat beslissen is natuurlijk aan de rechtbank. Het is koffiedik kijken. We weten geen van allen hoe dat precies gaat uitpakken.’ 
Toch is Verhagen niet bang dat de alleingang van Amsterdam, Leiden en Utrecht een factor van betekenis zal zijn in de gerechtelijke procedure: ‘Of het een plek krijgt in de beoordeling van de rechtbank waag ik te betwijfelen. Maar je weet het niet.’ 

Geen tijd te verliezen

Kuipers wil dat in oktober 2025 alles in kannen en kruiken is. Om dat doel te bereiken is er geen tijd te verliezen, legt Verhagen nog eens uit:
‘Wij denken kort en goed dat de minister zijn werk goed en zorgvuldig gedaan heeft. Wij zullen ook benadrukken dat we de samenwerking met de andere centra ongelooflijk belangrijk vinden. En dat we het fijn zouden vinden om daar zo snel mogelijk mee verder te gaan. Ook dat is geen nieuw gezichtspunt. We hebben dat steeds benadrukt.’
Ik hoop dat we ergens toch een streep zetten en overgaan tot de orde van de dag
Eduard Verhagen
Aan het UMCG en het Erasmus MC zal het niet liggen, zegt Verhagen: 'Wij zijn volop aan de slag gegaan en hebben wekelijks overleg om de voorbereidingen op tijd af te krijgen. Want er moet een hoop gebeuren en de tijd dringt. Bovendien houd ik er rekening mee dat het al eerder klaar moet zijn dan oktober 2025.'

Dwarsliggen

Dan helpt het niet dat de andere betrokken ziekenhuizen blijven dwarsliggen. Zeker wanneer ze besluiten in hoger beroep te gaan als ze in het ongelijk worden gesteld, geeft Verhagen toe: ‘Het is een mogelijkheid. Ik kan alleen maar zeggen dat ik hoop - en misschien ook wel een klein beetje verwacht - dat we ergens toch een streep trekken en overgaan tot de orde van de dag.’ 

Perspectief

‘Patiënten willen weten waar ze aan toe zijn', benadrukt Verhagen. 'Daar moeten we, en kunnen we gehoor aan geven. Ik hoop dat dat perspectief, en het perspectief dat ook professionals graag willen weten waar ze aan toe zijn, uiteindelijk de overhand krijgt. Maar ik kan alleen een appèl doen. Voor de overwegingen van de bestuurders moet je bij henzelf zijn.’