Column: Trainerscarrousel

Henk Elderman
Henk Elderman © RTV Noord
De trainerscarrousel in het amateurvoetbal draait op volle toeren. Op foto's is te zien dat voorzitters trots de hand schudden van de nieuwe trainer. Ik kan me voorstellen dat er ook opluchting achter schuilt. Want het is geen vanzelfsprekendheid dat de zoektocht naar een nieuwe roerganger slaagt.
'We zijn op zoek naar een geschikte trainer. Weet jij nog trainers die vrij komen, Henk?' Het is mijn oud-jeugdtrainer van voetbalvereniging VVS in Oostwold die mij dit bericht eind december stuurt. Hij is zeer betrokken en wil het beste voor zijn club, waar hij al jarenlang lid van is. Hij denkt dat ik à la minute een aantal trainers die ‘vrij’ zijn uit de mouw schud. Dat is in zekere zin ook zo. Als je, zoals ik, regelmatig langs de lijn staat op de amateurvelden, hoor je weleens wat. Ook via social media kom je veel te weten over vertrekkende trainers. Er zijn, nu de winterstop voorbij is, wel meer voetbalclubs die nog zoekende zijn naar een geschikt iemand om een handtekening onder een contract te zetten voor tenminste een seizoen.
Ik vraag mij weleens af wat het aantrekkelijk maakt om bij een voetbalvereniging, vooral op laag niveau, trainer te zijn. Zeker, de vergoeding is meer dan redelijk. Clubbestuurders doen daar geheimzinnig over, maar dat sommige trainers hoog inzetten is wel duidelijk. Bedragen van rond de elfduizend euro (iets meer of minder komt ook voor) per seizoen zijn eerder regel dan uitzondering. Er is in het amateurvoetbal sprake van marktwerking. Het trainersbestand slinkt, dus als je je papieren op orde hebt, kun je best wat financiële eisen stellen.
Maar toch, moet je het willen? Het voetbal is vaak niet al te best, terwijl je er als oefenmeester best veel tijd in steekt. Doordeweeks twee keer trainen, vaak anderhalf uur op een avond. En Inmiddels moet je als oefenmeester rekening houden met slechte opkomst en voetballers die de ‘derde helft’ steeds belangrijker gaan vinden. Want zoals vroeger is het allang niet meer. Toen was je tot ver na weer een nederlaag niet te genieten. Tegenwoordig is het snel douchen en daarna zo snel mogelijk de kantine in. Uitzonderingen daargelaten.
En dan nog op zaterdag of zondag de ploeg coachen. Er zijn zelfs trainers die bij twee clubs aan het roer staan. Twee keer drie kwartier op zaterdag en 90 minuten op zondag. Bij elkaar opgeteld in totaal zes dagen van de week met voetbal bezig. Ook een aanwijzing dat de spoeling steeds dunner wordt.
Het gevolg is dat er clubs zijn die geen gediplomeerde trainer in dienst hebben. Laat staan een trainer die voldoende punten heeft om in bezit te blijven van een licentie om trainingen te mogen leiden en bevoegd te zijn om wedstrijden te coachen. Maar zoals zo vaak zijn er mazen in de wet, beter gezegd een creatieve oplossing. Trainers verhuren zich, komen aan het begin van het seizoen een enveloppe met inhoud ophalen bij de penningmeester en laten zich een seizoen lang niet meer zien. Kan ook niet, want ze hebben een contract bij een andere voetbalclub. In het kort: wel op papier, maar niet op de bank. Controle is er nauwelijks. Af en toe geeft de KNVB een tik op de vingers en dreigt met het uitdelen van een boete. Clubs beloven beterschap voor de toekomst, maar of het er ooit van komt, is zeer de vraag.
De geest is wat dat betreft uit de fles. Maar aan de andere kant is het ook de charme van het amateurvoetbal. Kneuterigheid en de touwtjes aan elkaar moeten knopen om te blijven bestaan. En de trainerscarrousel? Die draait wel door met af en toe een hapering. Maar in de meeste gevallen komt het goed. 'Na meerdere gesprekken te hebben gevoerd, hebben wij overeenstemming bereikt met een nieuwe hoofdtrainer voor volgend seizoen', meldt het bestuur van VVS eind januari. 'Geen verkeerde trainer volgens mij', stelt m'n oud-jeugdtrainer.
Over de auteur: Henk Elderman is sportverslaggever bij RTV Noord.