‘Kroongetuige zwembadmoord heeft de kluit belazerd, zijn verklaring was onbruikbaar’

Een forensisch rechercheur doet na de moord onderzoek in Marum
Een forensisch rechercheur doet na de moord onderzoek in Marum © Jos Schuurman/FPS
De advocaten van de vier verdachten in de zwembadmoord zijn ook in hoger beroep eensgezind: het Openbaar Ministerie (OM) heeft door gebruik te maken van verklaringen van een liegende kroongetuige het recht op vervolging verspeeld. 'Hij heeft de kluit belazerd, zijn verklaring was onbruikbaar', zeiden de advocaten.
De zaak zou per direct moeten worden beëindigd. Als het hof daar toch aan voorbijgaat, is in alle zaken te weinig bewijs geleverd, vinden de advocaten, en moet vrijspraak volgen. 'Hoe dan ook, de verdachten moeten zo snel mogelijk vrijkomen.'

Uiteindelijke opdrachtgevers

Woensdag eiste het OM voor het uitlokken van de moord op Jan Elzinga in juli 2012 tot 20 jaar cel. De 40-jarige Elzinga werd die zomer voor de poort van het zwembad doodgeschoten. De schoonfamilie van het slachtoffer zijn in de ogen van het OM de uiteindelijke opdrachtgevers.
Een 59-jarige man uit Kampen zou hen van een wapen hebben voorzien. Hij hoorde 12 jaar cel tegen zich eisen.

Mond alsnog opendoen

De vier werden in juli 2021 opgepakt op basis van een deal die het OM had gesloten met de eerder veroordeelde Willem P. De man was in 2012 na de moord in Marum als dader opgepakt, samen met een schutter uit Zwolle. P. zat een celstraf van bijna 20 jaar uit, de schutter was veroordeeld tot 15 jaar cel. P. besloot na enkele jaren gevangenschap zijn mond open te trekken.
P. overtuigde het OM dat hij kon aantonen dat de schoonfamilie van het slachtoffer de huurmoord had opgezet. Hiervoor overhandigde hij sms-gesprekken die hij had gevoerd vanuit de gevangenis met Marcel H. (42), de zwager van Elzinga.
De deal werd door de rechter-commissaris goedgekeurd en ondertekend. En het OM startte een nieuw onderzoek naar onder meer de schoonfamilie.

Meer bewijs vergaard

Een deel van de door P. geleverde sms-berichten was vervalst, bleek tijdens het strafproces van de vier in 2022 voor de rechtbank in Groningen. Niet alles wat P. had verklaard was gelogen, constateerde de rechter.
Het OM heeft door het nieuwe politieonderzoek, dat na de deal is opgestart, meer bewijs te berde gebracht. De rechtbank in Groningen zag al met al voldoende om de vier te veroordelen voor het uitlokken van de moord op Elzinga.
Dat de zeer onlogische volgorde van de sms-berichten tijdens het eerste onderzoek van het Team Bijzondere Getuigen (TBG) geen alarmbellen liet afgaan, is voor de verdediging onbegrijpelijk en volstrekt ongeloofwaardig, zeiden de advocaten donderdag voor het hof.
'Bij een eerste oogopslag op de berichten viel het de verdediging meteen op dat er iets niet klopte aan de berichten'. Afgelopen maandag werd officier van justitie Pieter van Rest hierover bevraagd voor het hof.

'Een schande voor alles waar de rechtstaat voor staat'

Van Rest was van februari 2017 tot eind december 2022 verantwoordelijk voor het TBG-team. Hij moest erop toezien dat de deal met de kroongetuige volgens de wet verliep. Onder zijn toezicht werd de deal getekend. De misstanden kwamen daarna aan het licht. Van Rest was op dat moment niet meer bij dat traject betrokken, maar baalde evenzogoed toen hij hierover hoorde.
'We hebben het over een kroongetuige die het OM een rad voor ogen heeft gedraaid en de rechter-commissaris heeft beduveld. Het is een schande voor alles waar de rechtstaat voor staat', zei Wilko ten Have, de advocaat van de 44-jarige Monique H.
Ten Have kreeg bijval van Justus Reisinger, de advocaat van Coby van der L. (62): 'De leugens van de kroongetuige lijken te zijn afgedekt met de meineedzaak, maar er wordt gewoon verder gevoetbald'.

Niet in verhouding

De straffen die opnieuw zijn voorgesteld zijn buitenproportioneel, vinden de verdedigers. Willem P. kreeg bijna 20 jaar cel opgelegd, hiervan is door de deal dertig procent afgesnoept. P. is nog veroordeeld volgens het oude systeem waarbij iemand na het uitzitten van twee derde van de straf op bepaalde voorwaarden vrij kan komen. P. heeft nog geen tien jaar van zijn straf uitgezeten.
Sinds juli 2021 is het deel van eerdere vrijlating vastgesteld op maximaal twee jaar. Dat betekent dat van een celstraf van 20 jaar in elk geval 18 jaar moet worden uitgezeten. De schoonfamilie zou onterecht zwaarder worden bestraft dan de liegende kroongetuige. En dat is niet eerlijk, zeiden de advocaten. Komt het wel tot een afstraffing, dan is het reëel dat het hof hiermee rekening houdt.