Zorgen over financiering Jeugdzorg

Het is nog veel te onduidelijk hoeveel geld er overblijft voor jeugdzorg na 1 januari 2015. Dat zegt jeugdzorgorganisatie Elker in Groningen, die zich daarover grote zorgen maakt.
Gisteren debatteerde de Tweede Kamer over de nieuwe jeugdwet, maar dat leverde nog weinig duidelijkheid op. De zorg aan kinderen met problemen wordt over anderhalf jaar gedaan door gemeenten in plaats voor de provincie. Vaststaat dat er dan veel minder geld voor beschikbaar is, maar hoeveel is nog onduidelijk.
Elker heeft op zich geen bezwaar tegen de overgang van provincie naar gemeenten. Daar zitten volgens de organisatie wel voordelen aan. Met name omdat gemeenten ook al zaken als schuldsanering en sociale zaken onder zich hebben. "Als een kind bijvoorbeeld een jaar op een groep van Elker heeft gewoond en weer terug gaat naar huis, moet hij nog wel hulp krijgen. Een dak boven zijn hoofd, een baan. Anders gaat het weer mis. Dat soort dingen ligt nu al bij gemeenten en daar sluit jeugdzorg mooi bij aan.'
De zorgen van Elker richten zich op het budget dat er overblijft. Er wordt zeker vijftien procent op jeugdzorg bezuindigd en dat kan verder oplopen. 'Gemeenten zijn bovendien vrij om het geld aan iets anders dan jeugdzorg te besteden. En voor de bestaande instellingen is er ook nog de onzekerheid waar gemeenten de zorg zullen inkopen.' Cnossen vreest dat er straks kinderen tussen wal en schip vallen, omdat er geen geld is om ze te helpen. Of dat een kind in de ene gemeente beter geholpen wordt dan in de andere.
Cnossen pleit voor snelle duidelijkheid. 'Er zou een overgangsperiode moeten komen van een paar jaar met een vast budget. Zodat we de komende tijd weten waar we aan toe zijn.' Donderdagmiddag vergadert de Tweede Kamer verder over het onderwerp.