Burgemeesters wonen buiten hun eigen gemeente

Een burgemeester moet volgens de wet wonen in de gemeente die hij bestuurt. Dat klinkt vanzelfsprekend. Toch voldoen zeven Groningse burgemeesters niet aan die 'woonplaatsvereiste'.
In vijf van de zeven gevallen gaat het om een waarnemend burgemeester. Een burgemeester die op deze manier is benoemd, hoeft niet per se aan die woonplaatsvereiste te voldoen.
Dat gaat echter niet op voor twee andere burgemeesters, namelijk voor Geert-Jan ten Brink (Slochteren) en Henk Kosmeijer (Marum). Beide wonen niet in 'hun' gemeente.

Huis onverkoopbaar

Henk Kosmeijer legt uit dat voor hem een praktisch probleem daarvan de oorzaak is. Hij kan zijn huis niet verkopen.
'Vanaf het moment dat ik benoemd werd tot burgemeester van Marum staat mijn huis al te koop, maar het is nog altijd niet verkocht,' verklaart hij.
Burgemeester Ten Brink heeft hetzelfde probleem. 'Hoewel de woningmarkt aantrekt, staat het huis nog steeds te koop,' laat een woordvoerder weten.

Uitstel

Als het niet op korte termijn lukt om te verhuizen, kan een burgemeester uitstel aanvragen bij de gemeenteraad. Dat kan voor de duur van een jaar. Beide burgemeesters hebben dat uitstel aangevraagd en gekregen.
In september verloopt het uitstel voor Henk Kosmeijer. 'Daarna zijn er twee opties,' zegt hij. 'Of ik ga alsnog woonruimte zoeken in Marum en moet dan dubbele woonlasten betalen, of de gemeenteraad moet mij nog een jaar uitstel geven.'
Geert-Jan ten Brink heeft op deze manier al jaren uitstel gekregen. Dat gebeurt in goed overleg met de gemeenteraad en ook met de Commissaris van de Koning, volgens de woordvoerder.

Geen sancties

Overigens staan er geen sancties op het niet naleven van de woonplaatsvereiste. Volgens de wet is het aan de gemeenteraad om toezicht te houden op de verhuizing van de burgemeester, maar zijn er geen consequenties aan verbonden als dat niet gebeurt.