Brandbrief ondernemers over windpark Veenkoloniën

Provincies en gemeenten moeten 'maximaal weerstand' bieden aan de druk van het Rijk om mee te werken aan de komst van de windparken in de Veenkoloniën. Dat schrijven de ondernemers in het gebied in een brandbrief aan de provincies Groningen en Drenthe en de gemeenten Stadskanaal, Borger-Odoorn en Aa en Hunze.
De ondernemers willen dat de regionale overheden het kabinet en de Tweede Kamer overtuigen van het nut van zonneparken in plaats van windparken voor de opwekking van duurzame energie. Ze waarschuwen voor onrust en escalatie zoals bij het windpark bij Meeden wanneer de windplannen worden doorgezet.

Fel tegen

De ondernemersverenigingen van Stadskanaal en Nieuw-Buinen strijden sinds 2013 fel tegen de komst van de mega-windparken, met turbines van rond de tweehonderd meter hoog. Ze staan gepland in het Veenkoloniale Mondengebied tussen pakweg Musselkanaal en Gasselte.

Solar Park

De ondernemers zien de komst van de windparken als een ramp voor het gebied. 'Het park zal de Veenkoloniën op slot zetten', stellen ze. Als alternatief willen ze een grootschalig Solar Park. Daarvoor is onder de bevolking veel meer draagvlak dan voor het windpark, waar tachtig procent van alle inwoners tegen is. Maar volgens de ondernemers trekken minister Kamp en ook diverse fracties in de Tweede Kamer zich niks aan van dat draagvlakonderzoek. Toch zijn er geluiden in De Haag, aldus de ondernemers, dat het Solar Park een realistisch alternatief kan zijn, maar dan moet de provincie Drenthe er een goed voorstel voor indienen.

Thuis blijven

Minister Henk Kamp hoeft wat de ondernemers betreft niet op bezoek te komen in het gebied wanneer hij 'een in beton gegoten standpunt' inneemt over de inzet van windmolens op het land als middel om meer duurzame energie te produceren. Kamp kondigde vorige week aan te willen praten met omwonenden van het toekomstige windpark bij Meeden. Ook uit de inzet van een volgens de ondernemers 'ondemocratisch machtsmiddel' als de Rijks Coördinatie Regeling blijkt dat de minister weinig bereid is van zijn ideeën af te wijken.