'Ze zijn zo uniek, dan krijg je wel een beetje de rillingen'

Maerten Soolmans en Oopjen Coppit komen naar Groningen. Rembrandt maakte van beiden in 1634 een portret. Het zijn meesterwerken met een waarde van 160 miljoen euro.
Nu nog in Frans bezit, maar ze gaan als het goed is naar het Rijksmuseum. En naar het Groninger Museum. Al is het voor vier dagen.

Rillingen

Het Rijksmuseum laat de manshoge portretten een toer door Nederland maken langs alle provinciehoofdsteden. 'Een fantastisch idee, daar verheugt iedereen zich op', zegt Andreas Blühm, de directeur van het Groninger Museum. 'Ze zijn zo uniek, dan krijg je wel een beetje de rillingen.'

Volgorde nog niet bekend

Blühm weet niet wat de volgorde wordt van de toer. En of zijn museum de eerste is die Maerten en Oopjen mogen verwelkomen. Aan Wim Pijbes, de directeur van het Rijksmuseum, heeft hij wel gevraagd in het Noorden te beginnen, maar het meest waarschijnlijk is toch wel dat ze het eerst naar Middelburg en Maastricht gaan.

Bijgelovig

Voorbereidingen heeft het Groninger Museum nog niet getroffen voor de komst van de schilderijen. 'Ik ben een beetje bijgelovig', zegt Blühm. 'Eerst moet het honderd procent zeker zijn dat ze komen.' De financiering is nog niet rond. Het Rijk betaalt tachtig miljoen euro, en het Rijksmuseum de andere tachtig. Maar die moet nog bij elkaar worden gesprokkeld.
Blühm gaat er vanuit dat het enthousiasme in Nederland over de aankoop van de portretten bij bedrijven, de BankGiroLoterij en de Vereniging Rembrandt voldoende geld in het laatje brengen.

Wel kort

Vier dagen om de schilderijen in het Groninger Museum te zien zijn wel wat kort, maar
Blühm heeft daar wel begrip voor. Hij vindt het moeilijk in te schatten hoeveel bezoekers er op af komen. 'Zo'n toer van kunstwerken door een land heb ik nog nooit meegemaakt, ook niet in het buitenland.' Maar als eerst de musea in het zuiden en midden van Nederland aan de beurt zijn geweest en die ervaringen delen, kan hij zich er op instellen.
Zeker is wel dat de Groningers er niet voor hoeven te betalen. Het deel van het Groninger museum waar de 'broer en zus van de Nachtwacht' straks hangen, wordt gratis toegangkelijk. 'De mensen hebben er al voor betaald', vindt Blühm.