Column: Verwarde personen

Delfzijl scoort eindelijk weer eens hoog op een lijstje. De gemeente loopt in onze provincie namelijk voorop in het aantal meldingen bij de politie van verwarde personen. Dat zijn er maar liefst zes per duizend inwoners.
U denkt vast: ‘Verbaast me niks, dat kun je verwachten in Delfzijl, met al die malloten, het is een gekkenhuis aan de Eems met een IQ rond het vriespunt, het was niks en het wordt ook nooit wat met die havenstad, etcetera…’ , maar dan maakt u zich er veel te snel vanaf. Lekker makkelijk hoor, je vooroordelen over Delfzijl bevestigd zien in zo’n lullig statistiekje. Want het gaat hier niet om het aantal verwarde mensen maar om het aantal meldingen. Misschien loopt er in heel Delfzijl maar één verwarde persoon rond waar zes promille van de bevolking zich aan stoort. Die zien hem een beetje onsamenhangend rondlopen of zich anderszins verward voordoen. En uit een soort zindelijkheidsdrang bellen die vervolgens de politie, dat er iemand met gescheurde kleren in de Hema loopt te roepen dat er oorlog komt.

Verwarde personen zijn ook verwarrende personen. Ze zijn ongetwijfeld in de war, maar we merken dat pas op als we er zelf van in de war raken. Als we niet kunnen verdragen hoe ze zich gedragen. Als we hem (of haar, van een persoon weet je het nooit, dat is ook alweer zo verwarrend) niet kunnen volgen. En pas op dat moment doen ze hun intrede in de politiestatistiekjes. Het is veelzeggend dat de omschrijving ‘verward persoon’ naast inbreker, moordenaar, hennepkweker en alcomobilist überhaupt bestaat in de systematiek van justitie. We kunnen ze niet volgen, en daarom houden we ze bij.

We houden ze zelfs heel goed bij, want de laatste vijf jaar registreert de politie steeds meer meldingen. Verrassend is dat niet. Het zoeklicht van de politie naar usual suspects strijkt al jaren heen en weer over diverse verdachte clubjes, van borderliners en autisten, tot lone wolfs en geradicaliseerde moslims. Verwarde personen, de Damschreeuwers onder ons, vormen blijkbaar ook zo’n categorie. En dat verklaart de toename van het aantal meldingen. Ze worden niet alleen gedaan door nuffige burgers en overbezorgde buren, maar dus ook netjes geturfd op het politiebureau. Vroeger zeiden ze dan sussend: ‘Kijk het nog even aan en als uw buurman over een uur nog steeds waxinelichtjes naar zijn kat gooit, bel dan maar terug,’ zonder er werk van te maken. Tegenwoordig komen agenten meteen poolshoogte nemen en hebben we weer een verward persoon erbij.

Er zijn altijd al verwarde personen geweest. Soms worden ze de leider van een grote volksbeweging en soms worden ze aan het kruis gespijkerd. De meesten belanden ergens daartussen in: met een kalmeringspilletje in een inrichting, of gewoon met een fles drank in een goedkoop flatje. Waarom ze uitgerekend in onze havenstad zes keer zo vaak worden geregistreerd als in het brave Slochteren, vertelt een getal niet. Statistiekjes bieden stof tot bespiegeling, maar ze verklaren niets.

Misschien moet Delfzijl er maar zijn handelsmerk van maken. Stad van de verwarde personen. Mooie gekken. Creatieve geesten. Grote profeten. Het is maar hoe je ze noemt.

Willem van Reijendam
Meer over dit onderwerp:
opinie columns
Deel dit artikel:

Recent nieuws