Adviezen opvolgers vallen slecht bij ex-baas Staatstoezicht op de Mijnen

Oud-topman Jan de Jong van het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) zet grote vraagtekens bij het advies van zijn opvolgers over de gaswinning in Groningen voor de komende vijf jaar. Dat blijkt uit zijn bijdrage aan een hoorzitting van volgende week in de Tweede Kamer.
Zo deelt hij de conclusie van het SodM dat de zogenoemde seismiciteit in de Groninger bodem dit jaar 'significant is afgenomen' niet. 'Dat klopt wel voor Loppersum, maar absoluut niet voor het hele Groninger gasveld,' vindt De Jong.

Niet verminderd
Hij houdt de Kamerleden voor dat de dreiging van aardbevingen niet zijn verminderd. 'De seimiciteit in 2015 was vergelijkbaar hoog met de situatie in 2012. Dat is het jaar waarin de aardbeving bij Huizinge plaats vond.'

Verder wijst De Jong er op dat onder zijn bewind in 2013 het adviesorgaan een belangrijke conclusie heeft getrokken. Bij een winningsniveau van 12 miljard kuub gas per jaar komt na enige tijd de sterkte van aardbevingen niet boven de 1.5 op de Schaal van Richter.

Afstand van genomen
'De nieuwe inspecteur-generaal heeft daar afstand van genomen en het sterk gerelativeerd. Maar als je het zo belangrijk vindt dat schade moet worden voorkomen, waarom heeft het SodM de NAM dan niet gevraagd om met de huidige, veel betere modellen het scenario van 12 miljard door te rekenen?' Zo vraagt De Jong zich af.

Inzet van de hoorzitting volgende week donderdag is het gasbesluit van het kabinet van eind juni. Daarbij gaat het om een productieplafond van 24 miljard kuub gas per jaar. Wat minister Henk Kamp van Economische Zaken betreft wordt dit ingesteld voor een periode van vijf jaar.

Veel kritiek
Ook daar heeft De Jong moeite mee. 'Dat is wel heel lang voor een winningsplan waar zoveel kritiek op is,' houdt de oud-topman van Staatstoezicht op de Mijnen de Kamerleden voor.
Meer over dit onderwerp:
dossieraardschok DEN HAAG
Deel dit artikel:

Recent nieuws