'Hoger beroep van de staat is teleurstellend'

© Wikipedia / Nationaal Archief
'Heel verrassend en ook heel teleurstellend.' Dat zegt Marco Papilaja over het tussentijds beroep waar de staat om heeft gevraagd in de rechtszaak over de beëindiging van de treinkaping bij De Punt in 1977.
De rechtszaak draait om de vraag of mariniers twee van de Molukse kapers hebben geëxecuteerd. Marco Papilaja is nabestaande van de gedode kaper Max Papilaja.
De Nederlandse overheid vindt, in tegenstelling tot de rechter, dat de zaak over de treinkaping bij De Punt in 1977 toch is verjaard. De Staat wil daarom tussentijds in beroep in de rechtszaak.

Vertraging

Marco Papilaja is bang voor een enorme vertraging als het beroep wordt ingewilligd. 'Zeker een jaar en dat is triest. Het tussenvonnis van de rechter is heel helder en goed overwogen. Blijkbaar blijft de Nederlandse staat allerlei formele obstakels opwerpen, terwijl wij alleen maar op zoek zijn naar de waarheid', zegt Papilaja tegen RTV Drenthe.

Mariniers

Het ministerie van Defensie wil ook niet dat de mariniers die betrokken waren bij de bevrijdingsactie worden gehoord. Marco Papilaja begrijpt dat niet. 'De rechtbank heeft heel duidelijk bepaald dat de Nederlandse staat in het verleden onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de manier waarop onze familieleden zijn omgekomen. Daarom wil de rechtbank dat dat onderzoek alsnog plaatsvindt en dat de mariniers worden gehoord.'