Column: Mijn moeder heeft poesieverdriet

'Roelof komt zo langs met zijn rapport', zegt mijn moeder tijdens de afwas. Roelof is 13 en dol op zijn oma. De liefde gaat deels door de maag, oma heeft altijd wel iets lekkers in de kast. Vanavond is het dubbel feest, want voor een rapport krijgt hij geld.
Vroeger was dat vijf euro, maar nu hij op de HAVO zit wil mijn moeder hem aanmoedigen met een door haarzelf bedacht beloningssysteem. Voor een acht of hoger geeft ze twee euro, voor een zeven of zes één euro en voor een onvoldoende gaat er één euro af.

'Nou mam, dat gaat je flink wat kosten', zeg ik.

'Ik hoop het.'
Om half acht belt Roelof aan. Op het schermpje van de intercom zien we rode wangen, verwaaide blonde haren en verwachtingsvolle blauwe ogen. Die blik heeft niks te maken met de aanstaande beloning, zo kijkt hij altijd. In een mum van tijd zit hij boven aan tafel, hijgend van het traprennen, want voor die trage lift heeft hij geen geduld.
'Zo Roelof, koffie?' Mijn moeder speelt toneel, ze weet dat hij geen koffie lust.
'Ja, graag.' Op Roelof kun je rekenen.
'Hoe drink je het ook alweer? Alleen melk toch?'
'Ja, klopt.'
Als mijn moeder zonder te lachen naar de keuken loopt, wordt hij toch een beetje ongerust over die koffie. Hij gilt haar achterna: 'Nee oma! Thee! Met suiker!'
Roelof schranst de gevulde koek naar binnen en begint aan zijn thee te slurpen. Ik informeer eens naar de voetbalwedstrijd van afgelopen zaterdag. Ongeduldig meldt hij dat die sukkels van Oranje Nassau met 3-1 zijn ingemaakt en nee, zelf heeft hij niet gescoord. Hij zit te wiebelen op zijn stoel, kijkt naar de grond waar zijn tas staat en dan naar oma.
'Nou, laat je rapport eens zien', zegt ze.
Roelof grist het uit zijn tas en samen bekijken ze de cijfers. Hij rekent haar voor dat ze 15 euro waard zijn. Oma prijst hem uitbundig en pakt haar portemonnee.
'Verder nergens om, maar dat is toch 33 gulden', constateert ze even later. 'Toen ik op school zat kreeg je een plaatje voor je poesiealbum als je tien keer achter elkaar een foutloos dictée maakte. Ik had er negen zonder fouten, maar in de tiende had ik één fout. Dus ik kreeg geen plaatje.' Haar teleurstelling is na al die jaren nog hoorbaar. Roelof hoort het ook en vraagt wat een poesiealbum eigenlijk is. Oma pakt het uit de kast.
Het papier is vergeeld, de gedichtjes in onberispelijke handschriften zijn verbleekt, maar de kitscherig felle kleuren van de plaatjes zijn nog intact. Roelof bladert wat, leest her en der een regel, maar het zegt hem weinig en hij heeft er al snel genoeg van. Hij kondigt aan dat hij er vandoor gaat, het geld stopt hij in zijn broekzak. Hij bedankt oma en dendert de trappen af.
'Wat ga je er mee doen?' roept ze hem achterna.
'Punten voor FIFA17 kopen!' klinkt het uit de diepte.
'Verstond jij dat?' vraagt mijn moeder. Ik zeg dat het vast een computerspel is. Ze knikt niet begrijpend en schuift het poesiealbum terug in de kast.

Alice Buitenga schrijft elke vrijdag over haar 85-jarige moeder, die in een aanleunflat ergens in de provincie Groningen woont.