Column: Het geheim van de waterstofbus

Windmolens maken lawaai, biovergisters stinken, zonnepanelen hebben een hinderlijke schittering… Het is net als bij vegetarisch eten, celibatair leven of hardlopen, je moet als milieuminnend publiek wel een beetje lijden voor je principes. Groene energie heeft dan ook een hoog nimby-gehalte.
Maar aan de einder gloort het paradijs: de waterstofeconomie. Die zal, net als de klassenloze maatschappij, het Koninkrijk der Hemelen, de onzichtbare hand, de eeuwige gloeilamp en/of gratis geld een eind maken aan ons getob. Enorme windparken op zee waar niemand last van heeft, integendeel, waar de vissen heerlijk ongestoord kunnen ronddartelen en kindertjes krijgen, leveren stroom die we in de Eemshaven in een emmertje water stoppen et voilà, je krijgt zuurstof en waterstof. Dat is een heel bruikbare brandstof in bijvoorbeeld auto’s. En schoon dat ie is! Bij de ramp met de Hindenburg, in 1937, verbrandde in één klap zo’n 200.000 kuub waterstof zonder zelfs maar een ecologische vingerafdruk achter te laten.

Natuurlijk moet juist Groningen met zijn 'Energy Valley' en zijn Eemshaven deze waterstofeconomie krijgen. Er worden ons alvast vergezichten voorgeschoteld van geluidloos zoevende bussen die alleen een wolkje stoom uitstoten, dat vast ook nog hergebruikt kan worden. Je ziet de fancy pr-tekeningetjes van het straatbeeld al voor je, met allemaal blije mensen tussen al die groene rondzoevende waterstofbussen en op de achtergrond een genderneutraal toilet.

Qbuzz en de provincie presenteerden een paar maanden geleden met 'gepaste trots', twee waterstofbussen die hier promoproefritjes komen maken, in afwachting van een behoorlijk tankstation. Ze waren alleen even vergeten dat ook het provisorische tankstation nog geen vergunning had in verband met een dwarsliggende buurman. Weer zo’n groene-energienimby.

Goede raad is dan duur. Je voelt de ogen van de wereldwijde waterstofeconomie in je rug prikken. Je kan niet meer terug, het milieu rekent op je. En dan besluit je tot een leugentje om bestwil: je rijdt de waterstofbus op een trailer, een vette diesel, 500 kilometer op en neer naar Helmond, waar hij kan worden bijgetankt. Het waterstofgeloof moet tenslotte levend blijven. Qbuzz handelde als de aalmoezenier uit de Brave soldaat Schwejk, die door zijn bisschoppelijk gewijde olie heen is en dan maar wat hennepolie °3 inkoopt bij een joodse verfhandelaar. Alles om de onttovering te voorkomen.

Dat is dus mislukt, want de ritjes lekten uit. Weg waterstofillusie. Toen het bedrog ontdekt was, moest Qbuzz toegeven dat er ‘ongeveer twee keer’ zo’n rit naar Helmond was gemaakt, met meer uitstoot dan alle Hindenburgs ter wereld bij elkaar. Toch jammer, want we hadden er allemaal zo graag in geloofd. Niemand vindt het leuk als een truc van een goochelaar mislukt. Wie kennis vermeerdert, vermeerdert smart.

Nu we zijn betrapt, schaart het noorden zich met deze waterstoffraude in het rijtje dieselgate en sjoemelsoftware. De wereldwijde uitstootvrije economie zal ons voortaan met de nek aankijken. En dan te bedenken dat we nog wel zo ons best doen voor een Tesla-fabriek, met een complete Top Dutch-campagne. God zal Qbuzz dit gefoetel wel vergeven. Het is alleen te hopen dat Elon Musk er niet achter komt.

Willem van Reijendam
Meer over dit onderwerp:
columns
Deel dit artikel:

Recent nieuws