Instellingen

Werkstraf en voorwaardelijke celstraf voor Vindicat-lid wegens zware mishandeling (update)

© Jos Schuurman / FPS
Vindicat-lid Wouter B. is veroordeeld tot een werkstraf van 240 uur en 31 dagen voorwaardelijke gevangenisstraf, waarvan een dag onvoorwaardelijk. De rechter acht hem schuldig aan zware mishandeling van een aspirant-lid van de studentenvereniging, in augustus vorig jaar. Wouter B. moet een schadevergoeding van 5000 euro betalen aan het slachtoffer.
De 24-jarige B. ging tijdens de ontgroening op het hoofd van het slachtoffer staan. Hij was kampleider tijdens de introductie en voorzitter van de Commissie Overdracht Korpskennis van Vindicat.
Tegen B. was twee weken geleden 91 dagen celstraf geëist, waarvan 90 voorwaardelijk en een taakstraf van 180 uur.

'Dag cel is wettelijk verplicht'

'Een dag celstraf is de wettelijke verplichting die de wetgever ons heeft opgelegd', zei Sierd Eijzenga van het Openbaar Ministerie twee weken geleden op de zitting. 'Dat past bij een zware mishandeling.'

'Bedoeld als intimidatie'

Het slachtoffer liep hoofdletsel op door de actie van B. Die gaf twee weken geleden voor de rechtbank al toe dat hij inderdaad op zijn hoofd was gaan staan. 'Het was bedoeld als intimidatie, maar ik ben niet verantwoordelijk voor het letsel.'
Een getuige sprak tijdens de behandeling van de zaak over 'buitensporig gewelddadig fysiek en geestelijk geweld'.

'Rechtbank trekt de verkeerde conclusies'

Volgens advocaat Tjalling van der Goot is zijn cliënt teleurgesteld in de uitspraak. 'De rechtbank gaat uit van de verkeerde feiten en trekt dus de verkeerde conclusie.'
De raadsman vindt het opmerkelijk dat de rechtbank meent dat de maatschappij geen enkele vorm van geweld of vernedering bij een ontgroening accepteert. 'Het op iemands hoofd staan is uiteraard verkeerd, maar een vorm van geweld is ook water over iemand heen gooien. Als je voor een ontgroening gaat, dan kies je voor dat soort rituelen.'
Over een mogelijk hoger beroep neemt de verdediging pas later een beslissing.

'De druk op m'n hoofd wordt steeds groter'

Het slachtoffer beschreef de mishandeling tijdens de zitting op 9 november tot in detail. 'Hij liep om me heen en ging achter m'n hoofd staan. Hij zette een voet op m'n slaap en drukte door. Totdat de druk te veel werd. Ik begin te schreeuwen en de druk op m'n hoofd wordt steeds groter. Ik weet niet met welke voet hij op m'n hoofd stond. Ik kon me niet aan z'n voet ontworstelen. Het was een leren schoen. Vervolgens ging hij nog een seconde of vijf door.'