Bouwen mag weer in Oost-Groningen, maar aantal woningen moet dalen

Wethouders Bert Wieringa van Veendam en Laura Broekhuizen van Oldambt
Wethouders Bert Wieringa van Veendam en Laura Broekhuizen van Oldambt © Marten Nauta/RTV Noord
Er mag weer gebouwd worden in Oost-Groningen. Van het 'eerst slopen, dan bouwen-beleid' dat sinds 2013 gold, wordt afgestapt. Toch moet het aantal woningen in de zes Oost-Groninger gemeenten uiteindelijk naar beneden.
De gemeenten (Oldambt, Westerwolde, Stadskanaal, Pekela, Veendam en Midden-Groningen), zorginstellingen en de provincie Groningen zetten er vrijdagochtend hun handtekening voor. Gedeputeerde Eelco Eikenaar waarschuwt vast: 'De gemeente krijgt geen onbeperkte speelruimte.'

Vergrijzing

Want behalve krimp is er in Oost-Groningen sprake van vergrijzing, weet ook de Oldambtster wethouder Laura Broekhuizen (PvdA). 'Voor de ouderen moeten we iets anders doen. Het aanbod moet aansluiten op de vraag.'
'Er mag straks weer gebouwd worden, er mogen meer woningen komen', legt Broekhuizens partijgenoot Bart Huizing, wethouder van de gemeente Westerwolde, uit. 'Initiatiefnemers van het plan om kleine ouderenwoningen in boerenschuren te realiseren, moedigen we aan om door te gaan met hun plannen. We moeten, als we dat doen, wel laten weten welke woningen er op de nominatie staan om gesloopt te worden.'

Rotte kiezen

En daar komen de woningbouwcorporaties en zorginstellingen om de hoek kijken. Want, zo zegt Broekhuizen, 'achter de voordeuren van de huizen die het straatbeeld ontsieren, ook wel rotte kiezen genoemd, zitten verschillende verhalen'.
'Sommige mensen hebben een scheiding achter de rug, bij anderen staat één van de bewoners er opeens alleen voor. We moeten met die mensen in gesprek en kijken of ze niet beter ergens anders kunnen wonen. Je moet kunnen zeggen dat je vindt dat mensen niet meer zo moeten wonen. Daar heb je bijvoorbeeld Lentis en thuiszorgorganisaties voor nodig.'

Rol voor zorgpartijen

Nieuw in het vernieuwde Regionaal Woon- en Leefbaarheidsplan is de rol van zorgorganisaties Meander, Oosterlengte, Lentis en Cosis. De zes Oost-Groninger gemeenten gaan in hun woonvisies, die over een jaar klaar moeten zijn, gebruik maken van de expertise van deze zorgorganisatie.
Directeur Hennie Sanders van zorggroep Oosterlengte geeft aan dat een vergrijzende doelgroep andere inzichten vereist om ervoor te zorgen dat deze groep zo lang mogelijk thuis kan blijven wonen, ook wanneer de zorgvraag toeneemt. Dat langer thuiswonen moet de krimp en mogelijke verpaupering van woningen ook tegengaan.
'Wij kennen de doelgroep, de mensen met een zorgvraag, erg goed', zegt ze. 'We brengen onze deskundigheid in, want we vinden het belangrijk dat mensen zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen. Als dat niet kan, is er een andere oplossing. Er bestaan al allerlei woonvormen voor senioren, maar die vraag verandert mogelijk ook. Ook op dat gebied delen we onze kennis.'