Deze dag: Groningen rouwt om Hendrik de Cock

De kerkelijke elite beschouwde hem al als onruststoker, maar het kon nog veel erger. In 1834 scheidde dominee Hendrik de Cock zich met zijn volgelingen af van de Nederlandse Hervormde kerk. De held van de 'gewone mensen' stierf acht jaar later op deze dag in de geschiedenis, 14 november 1842.

Het was ouderling Beukema, een bakker, die hem in Ulrum wees op het gebrek aan diepgang in zijn zondagse preken. Hendrik was gevoelig voor die kritiek en ging de geschriften van Calvijn bestuderen.

Zijn echtgenote, Frouwe had al langer bij haar man voor een orthodoxe uitleg van het geloof gepleit. Zij is ervan overtuigd dat de mens van nature zondig is. Hij kan wel proberen het goede te doen, maar alleen hij of zij die door God zelf is uitverkoren, krijgt genade.

Het is de leer zoals die in 1618 in de Synode van Dordrecht was vastgelegd. De erfzonde was in de eeuwen erna op de achtergrond geraakt en dat had geleid tot een 'dwaalleer', die zijn collega's vanaf de kansel verkondigde. De Cock publiceerde een brochure, waarin hij twee 'Gereformeerde Leeraars' hard aanviel. In de titel noemde hij ze 'twee wolven', die de 'schaapskooi van Christus hadden aangetast'.

Zijn rechtlijnige bijbeluitleg sloeg aan bij het gewone volk. Van heinde en verre kwamen mensen luisteren naar zijn preken. Marcel de Jong schreef vier jaar lang aan een roman, gebaseerd op de gebeurtenissen in Ulrum met als titel 'de Afscheiding'. In het onlangs verschenen boek schetst hij de gebeurtenissen vooral als een sociale strijd, 'waarin De Cock de gewone man een stem heeft gegeven'. Dat was wellicht niet het doel, aldus de Jong, maar wel 'een gevolg van zijn handelen'.

De allerarmsten voelden zich door Hendrik de Cock begrepen, nota bene zelf de zoon van een rijke herenboer. Die gewone gemeenteleden volgden hem toen hij op 13 oktober 1834 in de kerk van Ulrum zijn 'Acte van Afscheiding of Wederkeer' formuleerde: de bestaande kerk was een 'valsche kerk', die ze de rug toekeerden, 'totdat deze terugkeert tot de waarachtige dienst des Heeren'.

De leider van de 'Koksianen', zoals zijn volgelingen spottend worden genoemd, kreeg militairen in zijn huis ingekwartierd en bracht vanwege 'ordeverstoring' de kerst van 1834 in de gevangenis door. Vervolgens maakten ingekwartierde soldaten het leven van de familie De Cock in de Ulrumse pastorie zo zuur, dat hij de wijk nam naar Drenthe.

Vanuit Smilde bleef Hendrik in zijn laatste levensjaren preken in verschillende hervormde kerken, waarvoor hij vaak voor die tijd kapitale boetes - honderd gulden- kreeg opgelegd. Hij zette zo'n gemeente aan om zich af te scheiden, wat regelmatig gebeurde.

De strijd van Hendrik de Cock inspireerde Thorbecke om de vrijheid van meningsuiting, van onderwijs en met name van godsdienst te verankeren in zijn grondwet van 1848, die de contouren van het moderne Nederland vastlegde. Hendrik de Cock maakte dat niet meer mee. Moegestreden stierf hij, nog maar 41 jaar oud, op deze dag in de geschiedenis, 14 november 1842.

Deel dit artikel:

Recent nieuws