Column: Wie is vandaag de raamambtenaar?

Hij leek te zijn uitgestorven, de raamambtenaar. De meest onschuldige species, zeg maar gerust de dodo, onder de ambtenaren, omdat hij niets anders deed dan meewarig uit het raam staren, zonder verdere schade aan te richten in de vorm van nieuwe regeltjes of een zoveelste beleidsplan.

Omdat zelfs de overheid op haar eigen manier lean and mean wil zijn, zijn de laatste decennia de raamambtenaren eraf geschraapt, als waren zij zeepokken en andere vaartbelemmerende aangroeisels van een schip. We kennen nu alleen maar dynamische, flexibele, analytisch sterke, proactieve, energieke high potentials, allemaal uiteraard behept met een hands-on- en zeker geen 9-5-mentaliteit. Ze denken in oplossingen, niet in problemen. Overheid 2.0. Daarom is alles nu ook zoveel beter geregeld dan vroeger.

Maar de raamambtenaar keert dus terug, althans in de gemeente Midden-Groningen. Daar is afgelopen week een knoop doorgehakt over de bouw van een nieuw gemeentehuis, dat al bij voorbaat dertig procent te weinig bureaus heeft om het hele ambtenarenkorps tegelijk aan het werk te zetten. Dat hoeft namelijk niet meer bij de overheid 2.0. Ja, werken wel, maar niet meer aan je eigen bureau met daarop een foto van vrouw (m/v) en wat kinderen, een stekkie van de fuchsia en het met vingerverf beschilderde pennenbakje dat jaren geleden voor Vaderdag m/v is gefabriceerd. De ambtenaar moet het doen met een 'flexplek'. De gedachte is immers dat altijd wel dertig procent van de collega's heel dynamisch thuis 'werkt' of buiten de deur zijn hands-onmentaliteit aan het uitleven is. Eigenlijk zijn ambtenaren die nog op de zaak komen zelfs bij voorbaat verdacht, want dat is niet erg energiek. En daarom moeten ze voortaan vechten om een plekje bij het raam.

Wie wordt vandaag de raamambtenaar? Vooral op maandagochtenden wordt het een terugkerende kwestie. 'Ik zat hier vrijdag ook!' 'Daarom juist, nu is het mijn beurt. En neem die plant mee.' 'Ik was hier eerder. Waarom kom je niet gewoon op tijd?' 'De prikklok is iets uit de twintigste eeuw hoor. Weet je wel hoeveel avonden ik al met de Woonvisie in de weer ben? Terwijl jouw Sportnota al maanden op zich laat wachten.' 'Maar dan wel de hele vrijdag naar de Intratuin. Mijn vrouw heeft je daar heus wel gezien hoor. Kom morgen maar terug.' 'En nou opdonderen, bril!' 'Moet je een klap voor die uitgezakte patatbakkerssmoel!?' Et cetera. Dasjevechten of parelkettingvechten wordt de gewoonste zaak van de wereld, tot er weer een natuurlijke orde is aangebracht en iedereen weet waar hij welke dag moet gaan zitten, tot aan de volgende job rotation. Ook de overheid 2.0 is een apenrots.

Toch is het wel goed dat mijnheer Jos en mijnheer Edgar een beetje weerbaar worden in deze wrede darwinistische wereld. Dan durven ze misschien eindelijk die stationslaper aan te pakken die nu al weken station Sappemeer-Oost onder kakt. Uitgerekend Sappemeer-Oost, dat nota bene in de top drie staat van de 'Stationsbelevingsmonitor' van de NS. (Dat een op een bushalte gelijkend troosteloos perron daar zo hoog op kan scoren, zegt wel iets verontrustends over dit tijdsgewricht, trouwens). De stationslaper beschouwt het hokje als zijn eigen flexplek en keert er ondanks alle waarschuwingen steeds terug. Als ambtenaren weer hebben leren strijden voor een plekje bij het raam durven ze die flexplek van de stationslaper misschien ook te bevechten.

Meer over dit onderwerp:
opinie columns
Deel dit artikel:

Recent nieuws