Column: Pietje stief

Het zou eerst een maand Nieuw-Zeeland, toen twee weken Zuid-Afrika. Maar het werd om een goeie reden acht dagen Fuerteventura. Acht dagen niks doen op een Canarisch eiland in een viersterrenhotel. All-inclusive.

Alles inclusief met uitzicht op de Atlantische Oceaan. Ik hoor je Gronings denken: t Kon minder. Ik denk: Dij t dut mout t waiten. 

Bij dat alles inclusief mag je zoveel eten en drinken als je wilt. Niks mis mee, zeker als er gamba's, inktvisringen, paella met diezelfde gamba's en mosselen worden geserveerd. En dan vergeet ik nog de Canarische krielaardappeltjes met Canarische saus. 

Wat er ook inclusief aan all-inclusive is, is animatie. Animatie voor jong en oud, georganiseerd door een animatieteam. Of opgedrongen.

Drie meisjes, een Italiaanse jongen en een Italiaanse man met Hercule Poirot-snor waren bloedfanatiek. Ik had me net in mijn zwembroekje naast Lientje onder een parasolletje gevleid met een boek over voetballer Theo Janssen, toen de Italiaanse animatieman met krulsnor voor onze neus stond. 

Voor zijn Italiaanse kruis hing een dartbord en hij vroeg in zangerig Engels of ik een pijltje op zijn kruis wilde gooien. Dat wilde ik helemaal niet. Ik wilde de drankavonturen van Theo lezen. Aan de priemende ogen van de man te zien, kwam ik niet zomaar van hem af. Dus gooide ik uit balorigheid achteloos een pijltje richting het dartbord voor het Italiaanse kruis. 

'Bello! Gran tiro! Eccelente!' kraaide de besnorde man voor mij. Ik had hem per ongeluk in de roos gegooid. De man wilde mijn naam weten. 'Erike de Noordmanne', zei ik in zijn taal, alweer uit balorigheid én om van hem af te zijn. Dat lukte.

Ik lag goed en wel en had een paar bladzijden niks over Theo gelezen, toen een Italiaans animatiemeisje in oranje shirt en lachend gezicht voor onze neus stond. Lientje lag te slapen of deed alsof. Of ik in een zangerig Engels mee wilde doen aan het 'Raad-de-stekels-spel'. 

In haar ene hand ze een schrijfmap en in de ander een schuimrubberen bolletje met daarin enkele tientallen sateprikkers geprikt. Volgens haar was dat in één adem de hedgehodge, de riccio en Stachelschwein. Of ik wilde raden hoeveel stekels de egel had?

'Cinquecento', antwoordde ik stekelig. Het is het enige hoge Italiaanse getal dat ik ken. Het lachende gezicht van het meisje verdween spoorslags en ze liep zonder mijn naam te vragen en zonder iets op te schrijven naar de Duitse familie twee bedjes verderop. Die waren wel dol op het Stachelschweinspel. 

Het boogschieten, jeu-de-boulen, spijkerpoepen, cocktailspel (plastic ringen gooien om een plastic standaard), de Spaanse taalles ('una cerveza por favor'), het spijkerpoepen, het schoteltje duiken en het pin burro (ezeltje prikje) liet ik aan mij voorbij gaan.

Ik had het even gehad met de 'animacion' en trommelde Lientje wakker voor een romantische strandwandeling. Het strand was goudgeel, de zee was azuurblaauw. Alleen de wind werkte niet mee. Fuerteventura betekent sterke wind. Die stond er op het strand. Het was meer een halve storm. Onze lijven werden stilstaand gezandstraald. 

Wij zochten beschutting in één van de vele kleine stenen zonnefortjes. 

Om de tien meter zijn aan het strand met zwarte lavastenen kleine ronde muurtjes gebouwd om zonder geschuurd te worden door het zand, rustig van de zon te kunnen genieten. Lientje stapte zo'n omgekeerde Duitse strandkuil in en kwam er net zo snel weer uit.

Een naakte Duitse man met dikke piemel vroeg of wij erbij kwamen. Dat wilden wij helemaal niet. Het viel me plotseling op dat in al die stenen duinpannen alleen maar naakte mannen stonden te staren, met handen in de zij en dikke piemel vooruit. 

Ik zei het tegen Lientje. 'Tja, woar mouten ze heur hannen aans loaten', kreeg ik als antwoord. 

Gelukkig was het avondeten weer uitstekend met gebraden eend, riojawijn en sinaasappelijs. Na het eten gingen wij op aandringen van Lientje nog even aan de bar voor een gratis afzakkertje of twee, of drie. Daarna troonde Lientje me mee naar de variétéshow. 

De show werd gegeven door drie meisjes, een Italiaanse jongen en een Italiaanse man met Hercule Poirot-snor. Het animatieteam danste dansjes op bekende popsongs van de Bee Gees, Rihanna, Queen en John Travolta in Grease. 

Maar voor dat alles was er eerst een prijsuitreiking van de spelletjes van de dag. De winnaars moesten op het podium komen om een diploma in ontvangst te nemen. Plotseling hoorde ik de besnorde animatieman 'Erike de Noordmanne' roepen. Lientje gaf me een por en zo stond ik op een Canarisch podium als roosgooier een pijlgooidiploma in ontvangst te nemen. 

Amper bekomen van de schrik, stond het animatiemeisje van het Stachelschweinspel voor mijn stoel, pakte me dwingend bij de arm en onder aanmoediging van Lientje betrad ik opnieuw als een boer met kiespijn het podium. Ik moest met nog twee mannen uit het publiek een dansje doen op The Jackson 5. Je weet wel, Michael - toen nog een onbedorven jongetje - en zijn vier broers. 

In de geest van de dode Michael en in de maat van het liedje moest ik mijn armen achteruit en mijn onderlijf (lees: piemel) vooruit bewegen. Ik - stief as n bukken en een ritmegevoel als een dood paard - kon daar helemaal niets van. Het vileine animatieteam liet me eerst vijftien keer oefenen en daarna tien keer voor het echie. 

Door de lachsalvo's in het publiek wist ik heel goed hoe laat het was. Onder luid applaus - ik vermoed uit hilariteit en niet uit kunde - mocht ik eindelijk van het podium. Lientje lag nog steeds dubbel van het lachen, toen ik bij mijn zitplaats arriveerde. Nog nahikkend zei ze:

'Bist ja net n ol kroantjespot. Drij baintjes diklief danst mit pietje stief…..'

('Je bent net een ouderwetse herenboerenkoffiepot: Drie beentjes diklijf danst met piemeltje stijf…..' ) 

Erik Hulsegge

Of de vakantie verder nog wel leuk was? Ik heb zeven dagen alleen op het balkon van onze kamer gezeten, het boek van Theo gelezen. Ging nergens over. 

Meer over dit onderwerp:
columns Fuerteventura
Deel dit artikel:

Recent nieuws