Column: Bruiloft

De midzomernachtzon ging langzaam onder. De zwaluwen scheerden over de luzerne. In de boomgaard, onder de appel- en perenbomen, lange tafels met een zwilkje. Erop karaffen met wijn, bier van de tap en soms een verdwaald whiskyglas.

De mensen aan de tafels lachten, dronken en genoten. Als het gesprek eventjes stil viel, kon je het getik van een ouderwetse typemachine horen. Achter tegen de schuur van de boerderij, aan een klein tafeltje, zat een vrouw liefdesbrieven te tikken.

Zo maar, voor elke gast die het maar wilde. Het was het decor van een bruiloft. De bruiloft van een oude vriend. Zijn vrouw had hem na jaren over de drempel geduwd. Dat hij zijn agenda vrij moest houden voor 21 juni 2019. 'Woarom den?' 'Den goanve traauwen...'

In de boomgaard van de oude boerderij gaven zij elkaar het jawoord. De bruid en bruidegom, zoenend en familie en vrienden, klappend, bezegelden het huwelijk.

Een bruiloft zoals ie hoort. Een bruiloft als in een Italiaanse film. Dat de vrouw van de getuige een kop koffie over mijn broek gooide, dat een vrouw voordrong bij het Italiaanse buffet, dat ik er na twee uur achter kwam, dat ik al even zo lang met een open gulp had rondgelopen, mocht het allemaal niet deren.  

Ik had het naar mijn zin, een biertje in de hand, tussen oude vrienden en mooie mensen. Een mooi gesprek met een Olympische sporter over mooi verliezen, een kort oogcontact met de mooiste vrouw van het hele gezelschap en de lach over de Engelstalige band Knight Susan. Mooier kun je aan het oer-Groningse 'Nait soezen' geen recht doen. 

De vader van de bruidegom was ook op dreef. Hij stond al voor de derde keer in de rij voor het Italiaanse buffet. 'Ik mout mien cadeau der toch weer oet kriegen', was zijn motivatie.

Hij had speciaal een witte blouse gekocht voor het huwelijk van zijn zoon. 'Ik wait zeker dat ik hom hiernoa nog mor ain moal aan krieg'. Hij doelde op zijn dood. Ik zei dat dat nog maar heel lang mocht duren. Een man met een sympathieke uitkijk achter mij voegde er aan toe: 

'Geniet van het leven want 't duurt maar even…'

Ooit vormde ik met de bruidegom en de getuige de Drie Sportmusketiers van de krant. Alle drie versloegen wij op zondagmiddag amateurvoetbalwedstrijden. Als het getik staakte en de stukjes waren doorgezonden, zetten wij het gedrie-en op een zuipen. 

Het weekend werd met veel bier en chinees nog even doorgenomen. Dat doornemen ging vaak over vrouwen. Eigenlijk altijd. De avonturen van de Drie Sportmusketiers eindigden bij een driesprong van het leven.

De getuige werd fotograaf, de bruidegom ging schrijven voor een huis-aan-huisblad en ik belandde bij Noord. 

Daar ergens op die driesprong verloor ik het contact. De bruidegom en de getuige werden vrienden voor het leven. Ik werd vriend van vroeger.

Aan het eind van de avond op de bruiloft zag ik ze met zijn tweetjes zitten aan een verder lege tafel. Elk een whiskyglas in de hand. Ik kon niet anders dan er even bij te gaan zitten. Het gevoel van vroeger te koesteren. 

De anekdote over het meisje van de oudejaarsnacht kwam weer boven tafel. Drie jonge mannen alleen werden ergens begin jaren negentig door een mooi blond meisje meegetroond naar de Stad om daar oud en nieuw te vieren. 

Alle drie dachten wij kans te maken op een mooie inluiding van het nieuwe jaar. Het was de bruidegom die na een lange nacht bij haar in bed belandde. De twee stikjaloerse verliezers moesten het doen met een veel te dun matrasje op de grond in een ijskoud tochtig kamertje. 

De bruidegom ontboezemde op zijn bruiloft aan die lange tafel in de boomgaard dat er dik 25 jaar geleden in bed met het mooie blonde meisje nooit iets is gebeurd. Het maakte het verhaal alleen nog maar mooier.

Bij het verlaten van het feestgedruis op weg naar de auto, draaide ik me nog eenmaal om. De contouren van de boerderij in de paars-oranje gloed van de midzomernachthemel en de naastgelegen molen met de vlaggetjes in de wieken, flarden muziek uit de schuur. 

Mooier dan dit kon het niet zijn. 

Thuisgekomen pak ik mijn telefoon. Ik heb een paar berichtjes gemist. Bij het laatste stokt mijn adem. Het is van een man die uitlegt dat zijn vrouw niet lang meer te leven heeft. 

Ik moet denken aan de woorden van de sympathieke bruiloftsgast. 

'Geniet van het leven want het duurt maar even….'

Erik Hulsegge

 

Meer over dit onderwerp:
columns FROOMBOSCH
Deel dit artikel:

Recent nieuws