Gehakketak om een oorlogsbarak

De geplande aankoop van een barak voor het voormalig werk- en interneringskamp De Beetse bij Sellingen lijkt van de baan. De betrokken partijen zijn het niet met elkaar eens, maar waarom precies is niet duidelijk.

De barak staat op het terrein van Gerwin Schoonewille in het Drentse Tiendeveen. Hij heeft het bouwwerk geschonken aan Herinneringscentrum Kamp Westerbork. Schoonewille wil er liever vandaag dan morgen vanaf, maakte hij onlangs duidelijk in de media.

Na jaren discussiëren en overleggen leek de zaak rond: de barak zou worden afgebroken en weer worden opgebouwd bij Kamp De Beetse. De gemeente Westerwolde had 30.000 euro uitgetrokken voor de klus die gezamenlijk zou worden geklaard.

'Niet via de media'

Zoù, want de gemeente heeft haar handen er vanaf getrokken. Woordvoerder Kasper Schomaker bevestigt dat, maar daar blijft het voorlopig bij. 'We gaan hierover inhoudelijk niets zeggen. We vinden het niet netjes deze discussie via de media te voeren.'

Geert Oost, woordvoerder van de stichting die Kamp de Beetse beheert baalt dat de deal is afgeketst. 'We hebben er als vrijwilligers veel tijd in gestoken. Waarom het is fout gegaan? Geen idee. Daarvoor moet je bij de gemeente en Herinneringscentrum Kamp Westerbork zijn.'

Lastige kwestie

Het duurt even, maar tenslotte meldt woordvoerder Jolien Dijkstra van het herinneringscentrum zich met een reactie: 'Je merkt het: ook voor ons is het een lastige kwestie. We vinden het jammer dat het zo is gelopen. We staan nog steeds open voor een gesprek en hopen dat er een oplossing komt. Meer kan ik er niet over zeggen.'

Ondertussen denken de vrijwilligers van Kamp de Beetse na over een alternatief, vertelt woordvoerder Oost: 'We hebben hier nog fundamenten liggen van een wachthuisje en de kantine van het werkkamp. We hopen deze gebouwen te herbouwen, zodat we daarin lezingen en exposities kunnen organiseren.'

De Beetse was één van de vele kampen die in de crisis van de jaren dertig van de vorige eeuw werden opgericht om werklozen op te vangen. In dit geval werden ze ingezet bij de landontginning in Oost-Groningen.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden er Joodse dwangarbeiders geïnterneerd, totdat ze op transport werden gezet naar de Duitse vernietigingskampen.

Na de oorlog werden in het kamp nsb'ers en andere 'foute' Nederlanders opgesloten. Het kamp werd in 1948 gesloten. De barakken werden - op één na - verkocht en raakten zodoende verspreid over het land. (Bron)

Lees ook:

- Overname oorlogsbarak duurt te lang, eigenaar dreigt met sloop
- Raad Westerwolde stemt in met 30.000 euro voor barak

Meer over dit onderwerp:
SELLINGEN
Deel dit artikel:

Recent nieuws