Door de mand: Kees Vlietstra zet de puntjes op de i

Donderdagochtend, Topsporthal Alfa-college. De talentenklas van het RTC Groningen speelt onder leiding van stagiair Kevin een flitsend eindspel. Het grote scorebord geeft aan dat we nog een kwartier kunnen spelen.

Ik geniet. Kevin snapt het wel. Spelen en laten spelen. Uit de toestellenberging stapt plotseling een blonde jongen met rode wangen. Hij kijkt schichtig afwisselend naar het scorebord, zijn horloge en een verfrommeld papiertje in zijn rechterhand. Zenuwachtig loopt hij op me af. 'Meneer, mag ik alstublieft al wat materiaal klaar zetten? Ik moet straks lesgeven.'

De blonde jongen met rode wangen blijkt een student van het Alfa-college, sport en bewegen. Ik zie me zelf staan. Dertig jaar geleden. ALO studentje voor zijn eerste les. Weet wat hij voelt. Spannings. Lesgeven aan eigen klasgenoten. Hel op aarde. 'Wat denk jezelf jongen?,' begin ik bozig. 'Tuurlijk niet. Kom om half tien maar terug.' Beteuterd draait hij zich om. 'Geintje man, zet het spul maar klaar. Kan ik nog ergens mee helpen?'

Voorbereiden is het halve werk. Dat geldt zeker voor lesgeven, voor een training geven. Maar ook voor een wedstrijd. A prepared trainer and his player is half the victory. Of zoals Marco van Basten ooit zei tijdens zijn bondscoachschap: 'De opstelling plus de instelling bepaalt de voorstelling.'

Coaches mogen graag vlak voor een wedstrijd nog een laatste teambespreking houden. Nog even de opstelling en tactiek herhalen. ('Weet je wat, we gaan met drie centrale verdedigers tegen de nummer vijftien van de eredivisie spelen.') En de puntjes op de i zetten. Op de i van instelling: bek op 't stuur, gas geven, van gras hooi maken, hup doe je best.

Deze teambesprekingen vinden meestal plaats in een kleedkamer. Afgelopen zaterdag moest het derde team van de Groninger korfbalvereniging Nic. een competitiewedstrijd spelen in het mooie nieuwe Sportcentrum Europapark. Voor aanvang van de wedstrijd dirigeerde coach Raymond zijn pupillen naar de kleedkamer. Puntjes-op-de-i-tijd.

Zijn spelers en speelsters liepen vol adrenaline naar de dameskleedkamer. Tijd voor de eerste overwinning. Echter, voor de kleedkamerdeur stond een man met een grote sleutelbos. Onmiskenbaar de conciërge. Sleutelbos verbood het derde om de kleedkamer te betreden. Er mochten geen jongetjes en meisjes tegelijk in één kleedkamer. Nieuwe sporthal, nieuw beleid.

Tuurlijk, de kleedkamer moet een veilige omgeving zijn voor zijn gebruikers maar in het geval van de gemengde teamsport korfbal is deze regel nogal onhandig. Waar coach Raymond kalm bleef want de conciërge is altijd je beste vriend, ('Rustig mensen. Meneer de Sleutelbos voert beleid uit. Kan meneer de Sleutelbos ook niks aan doen') spoot de adrenaline inmiddels uit de oren van de jongens én meisjes van het derde.

Wat een onzin. Het leverde ze het eerste wedstrijdpunt op. Dat dan weer wel. In dat zelfde sportcentrum Europapark wordt ook geturnd, gebadmintond en gefitnesst. Voor aanvang van onze teamtraining op dinsdag wordt er onder leiding van een oud klasgenoot van me druk gefitnesst door vrouwen van middelbare leeftijd.

Bij het zien van die huppelende vrouwen dwalen mijn gedachten elke dinsdag af naar mijn eigen geschiedenis met fitnessende beenwarmers. Als blonde ALO jongen met rode wangen liep ik stage bij fitnesscentrum Cubus. In de eerste week moest ik een aerobic les geven aan 18 super enthousiaste huisvrouwen. Ook hier is de voorbereiding het halve werk.

Bij die voorbereiding kreeg ik hulp van Angelique. Angelique was wel thuis in het componeren van een fris en vrolijk dansje. Fanatiek werkten we samen. Angelique met de dans en ik met koffie halen.

Een dag later stond ik voor mijn groepje huisvrouwen die waren uitgedost in de laatste fitness mode: te strakke leggings en beenwarmers. Ik stond voor de grote spiegelwand met mijn rug naar de dames. Via de afstandsbediening startte de muziek. In mijn hoofd telde ik de maten. O, wat had Angelique nou als eerste stapje bedacht? Ik wist het niet meer. Gewoon doen alsof ik gek ben en vol erin dacht ik maar. Een motto wat me veel narigheid heeft opgeleverd in mijn verdere leven.

Maar goed, hardop telde ik mee in de hoop dat mijn harem me gedwee zou volgen. 'En één, twee, drie, vier en klap, draai, kick en zijwaarts, hoog en draaiom.' Na één minuutje van mijn one man show, waarin de milfjes mij met de armen over elkaar hoofdschuddend aankeken draaiden we de rollen maar om.

De groepsoudste van de huisvrouwen ging voor de groep staan en deed het dansje voor terwijl de fitness stagiaire alvast beschaamd de fitness toestellen ging instellen. De rest van mijn stage periode heb ik me nog wel heel nuttig gemaakt voor het bedrijf binnen mijn kernkwaliteiten. Als barman en conciërge. Leuke en leerzame tijd. Kreeg bij mijn afscheid een mooie grote bos sleutels.

Meer over dit onderwerp:
sport GRONINGEN
Deel dit artikel:

Recent nieuws