'Zonder commercieel geld kunnen wetenschappers hun werk niet doen'

Commerciële bedrijven in de energiesector die wetenschappers betalen voor onderzoek naar de energietransitie, moeten we dat willen? NoordZaken-opiniemaker Anton Buijs begrijpt dat menigeen de wenkbrauwen fronst.

Maar zonder geld van bedrijven komt veel onderzoek volgens hem niet eens van de grond.
Welke rol moeten de zogeheten 'gevestigde belangen' spelen in de stap die we zetten richting een volledig duurzame energievoorziening? We hebben het dan natuurlijk over de bedrijven die de energiesector in ons land sinds jaar en dag domineren. Denk aan de gasbedrijven NAM (Shell), Gasunie en GasTerra en de andere olie- en gasconcerns, maar ook aan grote energiebedrijven die over eigen centrales beschikken zoals Innogy, Engie en Vattenfall.

De discussie hierover loopt langs vertrouwde lijnen. Links is wantrouwend of ronduit tegen, want (grote) internationaal opererende particuliere bedrijven roepen daar sowieso weerzin op. Liberaal rechts zoekt voor elk economisch en maatschappelijk probleem bij voorkeur de oplossing in de markt, dus in die hoek kunnen deze ondernemingen op aanmerkelijk meer sympathie rekenen.

Geldstromen

Hoe gevoelig dit ligt, merkten we onlangs ook weer eens in Groningen, toen Follow the money (FTM), platform voor onderzoeksjournalistiek, zich in de geldstromen bleek te hebben verdiept waarmee de New Energy Coalition wordt gefinancierd.

De NEC is ontstaan uit drie instellingen, de Energy Academy Europe, Energy Valley en het Energy Delta Institute. Onderwijsinstellingen (Rijksuniversiteit Groningen, Hanze Hogeschool) en ondernemingen werken hierin samen om, zoals de website ons meldt, de energietransitie te 'verslimmen'. Het leeuwendeel van de financiering komt voor rekening van noordelijke overheden en de gasbedrijven NAM, Gasunie, GasTerra en, een erfenis van het Energy Delta Institute, Gazprom.

Reuze verdacht

Dat vonden ze bij FTM reuze verdacht. Gebruikte het bedrijfsleven de NEC niet om eigen materiële belangen na te jagen ten kosten van het algemeen belang? Dus begon een onderzoeksproject dat resulteerde in, u raadt het al, een kritische publicatie.

Bewijzen van externe inhoudelijke sturing van de onderwijsprogramma's en het wetenschappelijke werk in het kader van de NEC werden niet gevonden, maar het was de onderzoekjournalisten onduidelijk waarvoor de geldstromen precies waren bestemd. Bovendien liet het toezicht van de betrokken overheden, aldus nog steeds FTM, te wensen over.

Wetenschappelijk onderzoek heeft financiële en inhoudelijke steun van bedrijven hard nodig
Anton Buijs

Een nogal dun verhaal, dus de media-aandacht viel tegen. De reactie van de NEC kunt u op haar website lezen. Interessanter dan het FTM-onderzoek is of commerciële bedrijven überhaupt betrokken mogen zijn bij wetenschappelijk onderzoek op hun werkgebied. Ik vind van wel. Sterker nog: het wetenschappelijk onderzoek heeft hun financiële en inhoudelijke steun hard nodig. Overheden, ook de noordelijke, stellen zelfs als voorwaarde voor subsidie dat particuliere bedrijven en instellingen meebetalen.

Onethisch gedrag

Ik begrijp het wantrouwen op zich wel. Het neoliberale aandeelhouderskapitalisme dat de westerse economieën nu al decennia in zijn greep houdt, bevordert onethisch gedrag van met name beursgenoteerde ondernemingen.

Kortetermijndenken en winstmaximalisatie staan voorop. Bewijsbare negatieve gevolgen van activiteiten worden ondanks schandalen genegeerd, gebagatelliseerd of ronduit ontkend. De voorbeelden liggen voor het oprapen. Om bij het onderwerp van deze column te blijven: olie- en gasconcerns die actief pseudowetenschap financierden om twijfel te zaaien over de menselijke invloed op klimaatverandering.

Niet op één hoop gooien

Maar het is niet correct om alle energiebedrijven op één hoop te gooien. De Nederlandse gassector streeft naar verduurzaming vanuit de overtuiging dat zonder klimaatneutrale gasvormige energiedragers zoals groen gas en waterstof de klimaatdoelstellingen van Parijs niet gehaald kunnen worden.

Of dit klopt, moet uiteraard wetenschappelijk worden bewezen. De invloed van de bedrijven die het onderzoek mogelijk maken, beperkt zich daarbij tot de keuze van onderzoeksprojecten. Dat de wetenschappers die het betreffende onderzoek verrichten, volstrekt onafhankelijk moeten kunnen werken, spreekt vanzelf. In de eerste plaats voor de onderzoeksinstellingen en wetenschappers zelf, die hun reputatie echt niet te grabbel gooien voor een zak met geld, maar daarnaast net zo goed voor hun financiers, die immers niets hebben aan onderzoek waarvan de onafhankelijkheid niet vaststaat.

Anton Buijs is Hoofd Externe Communicatie bij GasTerra en voorzitter van Noorderpers. Hij schrijft deze column op persoonlijke titel.

Meer over dit onderwerp:
NoordZaken economie columns GRONINGEN
Deel dit artikel:

Recent nieuws