Column: N-woord

Weemoed en heimwee zijn de ideale woorden voor onze gevoelens bij het verdwijnen van die weeë suikerlucht uit Hoogkerk. Dat iemand zou kunnen terugverlangen naar die karakteristieke maar beetje misselijkmakende geur die hier tijdens de bietencampagne hangt, is raar maar waar.

Het laat zien dat het heus niet alleen maar goede of mooie dingen zijn waar we aan hechten. We houden ook van de imperfecties, van de vertrouwde tik in een oude lp of een litteken dat herinnert aan een episch gevecht met een wild zwijn tot aan de gewoonte van een geliefde om een veel te grote koffer mee te nemen op reis of van een echtgenoot om des nachts te snurken als een zeekoe. Een kleinigheidje hou je toch. Het perfecte gaat nu eenmaal snel vervelen, vandaar ook dat die toestand in het Paradijs indertijd niet eeuwig kon duren. Of het nou een bewuste keuze is of niet, we omhelzen het leven inclusief de vlekken, krassen en butsen die er onderweg op zijn gekomen. En dus ook inclusief de suikerwalm. Rare trekjes horen erbij.

Een raar trekje in de Verenigde Staten is dat N-woord, waar Ron Jans afgelopen week over struikelde in de kleedkamer, of misschien was het toch niet de kleedkamer, van FC Cincinnati. Je mag in de VS bijna alles zeggen, the 'freedom of speech' is er vrijwel onbegrensd (zegt men), maar wie 'n…r', 'n***r', of zelfs 'n###r' zegt, raakt gegarandeerd zijn baan kwijt, tenzij dat wordt geroepen door een zwarte rapper. Het woord verwijst naar een nog altijd open wond van slavernij, discriminatie en onderdrukking. Zelfs het citeren of benoemen van dat woord is volstrekt taboe, vandaar dat tijdens het proces tegen O.J. Simpson, in 1995, het begrip 'N-woord' in zwang kwam, om het onzegbare toch aan te kunnen duiden.

Er zijn hier, in onze vertrouwde Groningse suikerwalm, allerlei argumenten te bedenken waarom dat onlogisch, kleinzerig, hypocriet, contraproductief of anderszins aanvechtbaar zou zijn. Valide argumenten hoor, maar feit blijft dat het daar een taboe is. Punt uit. Probeer het maar niet te begrijpen, want de essentie van een taboe is juist dat het niet is uit te leggen. Van het betasten van heilige totems bij inheemse stammen en het uitspreken van de Godsnaam bij de Joden tot incest, pedofilie en het eten van hondenvlees hier en nu: mag niet. En in de Verenigde Staten spreek je als blanke nooit het N-woord uit, ook niet in een voetbalkleedkamer. Jammer voor Ron Jans.

Intussen hebben we in Nederland een eigen N-woord, waar gelukkig helemaal geen taboe op rust want iedereen heeft het erover. NH3, NOx, enzovoorts. Ook afgelopen week kwamen de boeren weer in actie tegen de stikstofmaatregelen, waar ze de dupe van worden. Het werd een keurige demonstratie met tractoren en al in Den Haag, met een paar opstootjes die we als democratie op de koop toe nemen. Waar het rammen van de deur van het provinciehuis het schenden van een modern taboe was, daar kunnen we prima leven met wat dranghekken en een tractorfile nu en dan.

Raak trekje in ons land is wel weer dat we langzamerhand meer stikstofcijfers dan stikstofverbindingen uitstoten, zodat we nog altijd niet weten of de boeren wel terecht zo worden klemgezet. Hun pech is dat je stikstof, anders dan suikerbietenlucht, niet ruikt. Dat betekent dus ook dat niemand er heimwee naar zal krijgen.

Willem van Reijendam
 

Meer over dit onderwerp:
columns GRONINGEN
Deel dit artikel:

Recent nieuws