Leraren maken zich grote zorgen over heropenen scholen

Een leeg klaslokaal
Een leeg klaslokaal © RTV Noord
Leraren maken zich grote zorgen over de veiligheid en gezondheid als de scholen weer opengaan. Die zouden pas weer open kunnen als alle risico's zijn onderzocht.
Dat blijkt uit een enquête van de Algemene Onderwijsbond (AOb) onder 5000 leden in het (speciaal) basisonderwijs, voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs, schrijft de NOS.
De scholen zijn sinds 16 maart gesloten. Het kabinet beslist volgende week dinsdag of de scholen nog langer dicht moeten blijven. In landen als Frankrijk en Denemarken gaan scholen al gefaseerd open. Over zo'n openstelling zijn veel zorgen bij leraren.
Sommige leraren zien het zelfs als een experiment en maken zich boos
Onderwijsbond AOb
'Sommige leraren zien het zelfs als een experiment en maken zich boos dat er over het openen van de scholen wordt nagedacht, terwijl er nog veel onduidelijk is', meldt de AOb, de grootste onderwijsbond.

Gefaseerd openen

Als het kabinet toch besluit om gefaseerd te openen, zouden leerlingen in een kwetsbare thuissituatie voorrang moeten krijgen. Datzelfde geldt voor leerlingen die de grootste kans op achterstanden hebben en leerlingen die in het laatste jaar van school zitten.
Vorige week riep premier Rutte scholen op om na te denken over hoe zij het onderwijs organiseren in de nieuwe 'anderhalvemetersamenleving'. Voor het basisonderwijs, voortgezet onderwijs en het mbo zou dat betekenen dat de klassen in drie of vier groepen moeten worden opgedeeld. In het speciaal onderwijs gaat het om twee of drie groepen.
Maar volgens de AOb is dat een lastige klus, die fysiek bijna niet mogelijk is. 'Scholen zijn niet ingericht op het bewaren van afstand en zien veel praktische problemen, zoals de loopruimtes in de klassen, het leerlingvervoer in het speciaal onderwijs en welke hygiënemaatregelen er in de onderbouw van de basisscholen worden genomen.'
Dertig leerlingen van 4 jaar leren om in hun elleboog te niezen en niet aan elkaar te zitten is een utopie
Eugenie Stolk, voorzitter AOb
Bovendien is het volgens de bond onmogelijk om een groep kleuters 1,5 meter afstand te laten houden. 'Dertig leerlingen van 4 jaar leren om in hun elleboog te niezen en niet aan elkaar te zitten is een utopie, laat staan dat de leraar afstand kan houden', zegt voorzitter Eugenie Stolk van de AOb.

Niet nageleefd

Nu al ziet 63 procent van de basisschoolleraren dat op de noodopvang de RIVM-richtlijnen niet worden nageleefd. Het merendeel van de leraren zegt bovendien geen goed zicht te hebben op het leerproces en de leerprestaties van leerlingen.
35 procent van de leraren zegt een of meerdere leerlingen te hebben waar ze sinds de sluiting van de scholen geen contact mee hebben kunnen krijgen. Met name in het voortgezet onderwijs en het mbo is dit een probleem, zeggen de leraren.