Deze Groninger oorlogsfoto's zijn genomineerd voor landelijke tentoonstelling

Betsy uit Appingedam, het meisje dat op de foto staat bij de verbandpost in Ten Boer ten tijde van de bevrijding, gaat naar Den Haag.

Haar foto is één van de Groninger foto's die genomineerd is voor de tentoonstelling 'De Tweede Wereldoorlog in 100 foto's'. Dat is een landelijk project georganiseerd door het NIOD, het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie. De foto's worden tentoongesteld in de Tweede Kamer.

Elke provincie mocht 25 foto's insturen, waaruit uiteindelijk honderd foto's werden geselecteerd. Groningen heeft zeven foto's die door de selectie zijn gekomen. Naast Betsy zijn dat:

Elimelech Lazarus Cohen

Cohen was woonachtig aan de Oostersingel. De 69-jarige Groningse veehandelaar en zijn even oude vrouw Sette Cohen-Roseboom worden kort nadat deze foto is gemaakt, in 1942, afgevoerd naar het doorgangskamp Westerbork. Vanuit hier vertrekt de trein naar Sobibor. Direct na aankomst in het vernietigingskamp, drie dagen later, worden Elimelech en Sette Cohen vergast.

Het echtpaar had vier kinderen, allen geboren in Onstwedde. Ook zij zijn in de loop van de bezetting gedeporteerd en in de kampen vermoord.

Foto: Jan Hendrik Zijlstra / Groninger Archieven

Afbeelding

Straatterreur

Nederlandse nationaal-socialisten deden er alles aan om Joden te intimideren door een ware straatterreur uit te voeren. Bedreigingen, vernielingen en molestaties waren aan de orde van de dag. In Groningen werden het woonhuis van de familie Cohen aan de Stationsstraat 4 en de straat voor de woning beklad met antisemitische leuzen.

Bernard Arie Cohen, van beroep koopman, werd met zijn echtgenote Betty Schnadig op 11 november 1942 afgevoerd naar kamp Westerbork. Het echtpaar werd op 18 mei 1943 op transport gesteld naar vernietigingskamp Sobibor, waar zij gelijk na aankomst werden vermoord.

Foto: Fotograaf onbekend / Groninger Archieven

Afbeelding

Jeugdstorm

Een bijeenkomst van de Jeugdstorm, de jongerenorganisatie van de NSB, en Duitse Hitlerjugend op de Grote Markt in Groningen, in juli 1941. Op het podium voor het stadhuis zitten Duitse en Nederlandse hoogwaardigheidsbekleders. Achter het spreekgestoelte staat 'Hoofdstormer' Cornelis van Geelkerken.
De partij van Mussert had voor de oorlog al een relatief grote aanhang in Groningen, met name in de zuidelijke Veenkoloniën en in Westerwolde, waar de boeren door de economische crisis van de jaren dertig hard geraakt waren. Bijna alle 12.000 tot 16.000 leden van de Jeugdstorm zijn kinderen van NSB'ers.

Foto: Fotograaf onbekend, Noord-Nederlands Persfotobureau Folkers / Collectie W. Walters, Groninger Archieven

Afbeelding

Studentenvereniging

Tijdens de opheffingsvergadering van de gereformeerde studentenvereniging VERA – Veri Et Recti Amici – Ware en Oprechte Vrienden – gevestigd in het Stalstraatje, wordt het Wilhelmus gezongen. Na de Duitse verordening van 23 oktober die Joden lidmaatschap van een gezelligheidsvereniging verbood, hieven alle studentenverenigingen zich als protest formeel op. VERA ging illegaal verder als 'catechisatieclub'.

In het voorjaar van 1943 werden de studenten voor het blok gezet met het ondertekenen van de loyaliteitsverklaring. In Groningen weigerde negentig procent van de studenten dit te doen, met als gevolg dat zij tewerk werden gesteld in Duitsland of moesten onderduiken.

Foto: Fotograaf onbekend / Verzetsmuseum Amsterdam

Afbeelding

Moord op Leo Bohemen

De vertegenwoordiger Leo Bohemen werd op oudejaarsavond 1943 doodgeschoten in zijn huis aan het Floresplein in Stad. De Joodse Bohemen was getrouwd met een niet-Joodse vrouw. Hierdoor had hij in de oorlog relatief veel bewegingsvrijheid. Hij hielp andere Joden met onderduiken.

Kort voor de aanslag had Bohemen een week voor verhoor vastgezeten in het Huis van Bewaring. De moord was een vergelding voor de aanslag door het verzet eerder die dag op de 'foute' politieman Anne Jannes Elsinga. Vijf andere burgers werden eveneens geliquideerd.

Foto: Fotograaf onbekend / Groninger Archieven

Afbeelding

Donkere dagen

De laatste oorlogsmaanden zijn ook letterlijk donkere dagen, zoals hier in de huiskamer van bakker Dijkhuis aan de Mauritsstraat in Groningen. Sjabbo en Jan Dijkhuis zitten samen met Klaske Bosma, Sjabbo's verloofde, in de winter van 1944-1945 rond een lantaarn aan tafel. Kaarslicht is een noodzaak geworden.

Al in de zomer 1940 ging de overheid over tot het rantsoeneren van vaste brandstoffen, gas en elektriciteit. Op basis van het verbruik voor de oorlog werd voor ieder huishouden een maximum rantsoen vastgesteld. Steeds meer stroomloze uren werden ingevoerd en in december 1944 moesten de gas- en elektriciteitsbedrijven de levering aan huishoudens en bedrijven geheel staken. Pas rond juli 1945 kwam de levering van gas en elektriciteit weer op gang.

Foto: Henk Pleiter/ Collectie S. Dijkhuis, Groninger Archieven

Afbeelding

Lees ook:

- Meisje op 'iconische oorlogsfoto' is Betsy uit Appingedam
- Deze foto is volgens Groningers dé oorlogsfoto van Stad en Ommeland
- Kies jouw favoriete foto uit de Tweede Wereldoorlog

Meer over dit onderwerp:
GRONINGEN
Deel dit artikel:

Recent nieuws