Waarom staat het Gronings grasland ineens vol ooievaars?

Misschien is het je ook opgevallen. Je kunt geen Gronings grasland voorbijkomen of er staat wel een ooievaar in. Vooral in pas gemaaide weilanden vind je er soms wel meer dan tien. Waar komt deze plotselinge hausse aan 'aaibers' vandaan?

Volgens Els Koopman van het Ooievaars Buitenstation De Lokkerij in De Wijk heeft het in ieder geval niets te maken met een Groningse babyboom. 'De ooievaars komen uit Scandinavië en Noord-Duitsland. De trek is namelijk begonnen.'

Elk jaar trekken de (jonge) ooievaars naar het zuiden, naar Spanje en of Afrika om te overwinteren en geslachtsrijp te worden. Maar waarom zijn er dan nu ineens zoveel in onze provincie?

Op de thermiek

'We hebben heel warm weer gehad met voornamelijk oostenwind. De jonge ooievaars uit bijvoorbeeld Zweden of Denemarken laten zich meedrijven op de thermiek en met die oostelijke stroming zijn ze in Groningen neergestreken', legt Koopman uit.

Een wind uit het noordwesten met stapelwolken. Dat is voor ooievaars ideaal
Els Koopman - Ooievaars Buitenstation De Lokkerij in De Wijk

De ooievaars wachten nu op een noordwestelijke wind om verder naar het zuiden te vliegen. 'Vooral een wind uit het noordwesten met stapelwolken. Dat is voor ooievaars ideaal. Nu regent het. Dat vinden ze niet fijn. Dus blijven ze nog even hier', meent Koopman.

Tot die tijd doen ze zich te goed aan wat het Groninger land hun geeft.

Aaibaarheidsfactor

Dat ziet ook boswachter Jaap Kloosterhuis van Staatsbosbeheer. 'De ooievaar heeft van zichzelf een betere pr dan een vos. Ik bedoel daarmee dat een ooievaar een hoge aaibaarheidsfactor heeft. Maar ook de ooievaar is, net als de vos, een rover. Zo lust een ooievaar ook best een jonge weidevogel.'

Kloosterhuis denkt dat de afgelopen goeie muizenjaren in het noorden ook wel eens een rol kunnen spelen waarom er hier nu zoveel ooievaars zijn.

De ooievaar heeft een betere pr dan een vos: een ooievaar heeft een hoge aaibaarheidsfactor. Maar ook de ooievaar is, net als de vos, een rover
Jaap Kloosterhuis - boswachter Staatsbosbeheer

Ooievaarsfilmpje, maandag gemaakt door Johanna Varner uit Garnwerd, vlakbij het kerkje van Oostum.

Els Koopman van De Lokkerij hoopt dat de mensen de ringen van de vogels gaan spotten.

'De meeste ooievaars zijn geringd. Daarmee kunnen we zien waar ze vandaan komen. Met een telelens een foto maken, dan kun je de ringen wel aflezen. Wij vinden dat ook zo leuk. Als iemand dan in Spanje of Marokko een ring spot en wij de foto krijgen, kunnen we precies zien waar onze ooievaars zijn gebleven. Dat is toch prachtig!'

Om ze op te eten

Vroeger vlogen de ooievaars tot aan Mali en Senegal toe. Maar door de onrustige oorlogssituatie in Afrika gaan ze nu meestal niet verder dan Marokko. 'Mensen in Mali hebben vaak honger en vangen dan de ooievaars om ze op te eten.'

Voorlopig zijn de hoogpotige zwartwitte vogels met rood-oranje snavel nog in het Groninger land te bewonderen. Maar mocht je er eentje zien staan bij je buurvrouw in de tuin, dan heeft dat een andere oorzaak.

Ciconia ciconia
De witte ooievaar (Ciconia ciconia) is een grote, witte vogel met zwarte vleugelranden en rode poten en snavel. Een ooievaar wordt ongeveer tussen de 100 en de 120 cm lang (bek tot uiteinde staart). De vleugelspanwijdte is 155 tot 165 cm. De vogel weegt 2,3 tot 4,4 kg. Het mannetje is gemiddeld groter dan het vrouwtje . De ooievaar wordt ook wel uiver, eiber of stork genoemd.

Deel dit artikel:

Recent nieuws