Instellingen

Ingeborg Nienhuis presenteert Groningstalige roman over jeugd Zoutkamp

Groningstalige romans verschijnen er niet zo veel en zeker niet romans waarin het leven van Groningse jongeren centraal staat. Ingeborg Nienhuis uit Vierhuizen schreef er een. Over haar eigen jeugd in Zoutkamp.

Schoem of De voarende Zoltkamper, zoals de roman van Nienhuis heet, wordt vrijdag in Zoutkamp gepresenteerd. De roman beschrijft het leven van een groep tieners die rond de eeuwwisseling volwassen wordt in het dorp. Nienhuis (39) groeide zelf op in het dorp. ‘Dit café,’ wijst de schrijfster naar restaurant De Boeter aan de kade van Zoutkamp, ‘heeft model gestaan voor het café in mijn boek waar de vriendengroep ieder weekend samenkomt en bier drinkt.’

Het verhaal draait om een jongen met de bijnaam Hades. Net als zijn meeste vrienden werkt hij op een garnalenkotter.

Een oorring met een kotter

Nienhuis beschrijft fraai hoe het garnalenvissen er al van jongs af aan in zit. ‘Je ziet dat al als ze op hele jonge leeftijd een oorring met een kotter eraan gaan dragen’, legt Nienhuis uit. ‘Daarna gaan ze naar de Zeevaartschool en aan het werk op een kotter.’

De hoofdpersoon in haar roman zien we twijfelen over zijn toekomst en over de liefde. Zeker als zijn moeder het gezin in de steek laat.

Het gaat er soms ruig aan toe

Doordeweeks werken de Zoutkamper jongens aan boord van een garnalenkotter. ’s Weekends gaan ze aan de zuip, wordt er geknokt en bezoeken ze prostituees.

‘Het gaat er soms ruig aan toe, maar dat heb je met die leeftijd, zeker met jongensgroepen’, legt Nienhuis uit. ‘Het is net als met jonge dieren: ze moeten socialiseren en op den duur is die fase voorbij en dan worden het vaak brave burgermannen.’

Bang dat Zoutkampers van rond de veertig zich in een van haar romanfiguren herkennen, heeft ze niet. ‘De personages heb ik samengesteld uit allerlei mensen die ik kende. Uit de stad, uit Kloosterburen en uit Zoutkamp en dan gefictionaliseerd, ik heb ze wat overdreven hier en daar.’

Nog geen twintig

De eerste aanzet tot Schoem of De voarende Zoltkamper deed Nienhuis twintig jaar geleden. ‘Er was toen een schrijfwedstrijd voor studenten’, vertelt ze daarover. ‘Het thema was ‘schuim’ en ik dacht: dan weet ik wel wat. Schuim op bier, schuim op zee, maar ook schuim in je hoofd als je nog niet helemaal volwassen bent.’

Nienhuis schreef een kort verhaal dat nu het begin van haar roman is geworden. ‘Ik was toen zelf nog geen twintig en zat nog midden in die wereld. Soms moet je iets eerst in de week leggen en ik denk dat het goed is dat het verhaal is gerijpt. De jongens die ik toen voor ogen had, zijn allemaal degelijke huisvaders geworden, dus ik dacht: ik kan het nu wel opschrijven.’

Schoem of De Voarende Zoltkamper is uitgegeven door Stichting t Grunneger Bouk.