Deze dag: de laatste eer voor de grootste Groninger

De rouwstoet telt 46 volgwagens. Er is een enorme mensenmenigte op de been, want duizenden Groningers willen hem de laatste eer bewijzen. Op deze dag, 12 september 1918, wordt grootindustrieel Jan Evert Scholten naar zijn laatste rustplaats gebracht. Volgens historicus Beno Hofman was hij zonder twijfel ‘de grootste Groninger van de twintigste eeuw’.

Deze week trok de Groninger gemeenteraad, waar hij zelf ooit deel van uitmaakte, de stekker uit de Groninger paardensport. De baan waarop de paarden draven in het Stadspark, zou een te groot obstakel vormen bij het organiseren van popconcerten of andere grootschalige evenementen. In het debat over de kwestie in de gemeenteraad wees de Stadspartij er op dat het Stadspark -inclusief renbaan- een geschenk van Jan Evert Scholten is geweest. En alleen daarom al zou moeten blijven voortbestaan.

Zijn vader, de industrieel Willem Albert Scholten, is met recht wel de eerste multinational genoemd. De basis van diens fortuin vormde de aardappelmeelindustrie, gevestigd in Foxhol. Ook in de suiker en de strokarton stichtte Willem Albert succesvolle ondernemingen. Op zijn zeventigste verjaardag in 1889 schonk hij de stad Groningen een kinderziekenhuis, gelegen op de hoek van Sint Jansstraat en Singelstraat.

Drie jaar later komt het familiekapitaal, dat inmiddels uit fabrieken in onder meer Duitsland, Polen en Oostenrijk-Hongarije bestaat, door het overlijden van zijn vader in handen van Jan Evert Scholten terecht. Hij bouwt het industrieel imperium verder uit. Maar houdt voortdurend oog voor het welzijn van zijn medeburgers. En zo kwamen er melkfabrieken, strokartonfabrieken en suikerfabrieken bij, maar ook een school voor handenarbeid in de stad, waar de zonen van de arbeiders terecht konden.

Hij was initiatiefnemer van de vereniging Grunneger Sproak. Stichter van de Vereniging Volkstuinen Tuinwijck. Als in 1903 Groningen gastheer wordt van de Wereldtentoonstelling, is Jan Evert Scholten de voorzitter van het organisatiecomité. De toeristische ontwikkeling van het Paterswoldsemeer zet hij in gang met het aanleggen en asfalteren van de Meerweg en het bouwen van buitenhuis ‘de Paalkoepel’ en ‘de Buitensociëteit’, waar de zeilclub onderdak vindt.

Jarenlang praatte hij mee over de Groninger politiek als liberaal gemeenteraadslid en later ook lid van Provinciale Staten. Tussen 1902 en 1910 is hij lid van de eerste Kamer. Een Groningse, Trijntje Mulder, is meer dan 25 jaar zijn levensgezellin in Den Haag. Zijn huwelijk in Groningen is weinig gelukkig. Hij trouwde vroeg, met een 18-jarige houthandelaarsdochter. Hij is dan zelf 21 is. Ze krijgen drie zonen en twee dochters samen.

Het Nieuwsblad van het Noorden spreekt van een ‘ontstellende tijding’ als Jan Evert in een ziekenhuis in Scheveningen op 7 september 1918 overlijdt. Op 68-jarige leeftijd. Op de Zuiderbegraafplaats wordt hij op deze dag in de geschiedenis bijgezet in het imposante familiegraf. Twee landauers vol bloemen en duizenden Groningers volgen de koets met de kist naar zijn laatste rustplaats.

Meer over dit onderwerp:
dezedag
Deel dit artikel:

Recent nieuws