Weblog HIV-zaak: Hoe geef ik dit ooit een plek in mijn leven

Maandag 13 oktober begon de rechtbank met de inhoudelijke behandeling van de Groningse hiv-zaak. In deze zaak wordt drie verdachten zware mishandeling ten laste gelegd. RTV Noord-verslaggever Peter Steinfort volgt de zaak en beschouwt elke zittingsdag na.
Op de laatste dag van het hiv-proces kwamen de verdachten zelf aan het woord. Hoofdverdachte Peter M. beet het spits af. Hij toverde een keurig handgeschreven A4'tje uit zijn borstzak en begon met trillende stem te lezen. "Ik vind het moeilijk om uitdrukking te geven aan mijn emoties. Schaamte en spijt overheersen." Het is muisstil in zittingszaal 14. Peter gaat verder: "Ik heb nooit de intentie gehad om iemand moedwillig te besmetten." Het publiek op de tribune hangt aan zijn lippen. Hij zou toch niet alsnog. "Sterker nog ik heb het nooit gedaan. Ik vind het een verwerpelijke gedachte." Nee dus.
Dan is het de beurt aan Hans. Hij schraapt z'n keel en begint: "Ik betreur de impact en de gevolgen van deze zaak." Achter mij hoor ik iemand zuchten. "De emoties zijn er wel degelijk alleen zijn ze niet zichtbaar. Ik durf de slachtoffers niet eens in de ogen te kijken." ………ook niet dus.
Wie met het scheiden van de markt nog vuurwerk had verwacht kwam vanochtend bedrogen uit. De kaarten liggen op tafel, de stellingen zijn betrokken. Het wachten is nu alleen nog op het vonnis van de rechters. Normaal gesproken wordt er binnen twee weken uitspraak gedaan, maar de rechtbank liet weten dat ze vanwege de omvang van de zaak meer tijd nodig heeft.
Tot 12 november om precies te zijn. En dat is niet zo gek, want wat vantevoren misschien leek op een ABC'tje blijkt in de praktijk een juridisch gecompliceerde zaak. Want hoewel er volgens Hans J. herhaaldelijk met hiv besmet bloed is gespoten kan niet met honderd procent zekerheid worden vastgesteld dat de slachtoffers ook daadwerkelijk door de verdachten zijn besmet.
Professor Berkhout stelde deze week dat het virus in vier gevallen zeer waarschijnlijk afkomstig is van Hans J., maar gaf ook aan dat er ruimte is voor twijfel. En als er ruimte is voor twijfel mag de rechtbank volgens de verdediging nooit tot een veroordeling komen.
Wordt vervolgd.