Eigenaar Winkelpark Hoogezand kan komst fietsenzaak of supermarkt vergeten

Winkelpark Hoogezand
Winkelpark Hoogezand © MariekeKijkt
De gemeente Midden-Groningen hoeft niet met een uitgebreid onderzoek te onderbouwen waarom ze op Winkelpark Hoogezand geen fietsenwinkel of supermarkt wil. Dat heeft de Raad van State woensdag beslist.
In zijn einduitspraak wijst de hoogste bestuursrechter van ons land het hoger beroep van ontwikkelaar Vastgoed Visser van de hand. Visser heeft jarenlang geprobeerd het kwakkelende woonboulevardconcept voor Winkelpark Hoogezand te verruimen.

'Meer dan genoeg ruimte'

Volgens Visser is er meer dan genoeg ruimte voor een ander type winkels op het winkelpark, zoals een mega-fietsenwinkel of zelfs een supermarkt. De gemeente houdt vast aan het oorspronkelijke concept met alleen grote winkels voor in en om het huis, bouwmarkten, tuincentra en woonaccessoires.
De vastgoedontwikkelaar heeft problemen met het vullen van zijn winkelruimtes en wil daarom graag verruiming van de zogenoemde 'branchering'. De gemeente wil daaraan niet meewerken, omdat zij bang is dat dit ten koste gaat van winkelcentrum de Hooge Meeren.

Europese regels

De Raad van State vindt dat de gemeente zich aan haar eigen winkelbeleid mag houden. In ieder geval ziet de Raad geen tegenstrijdigheid met de Europese regels, die al te veel bestuurlijke beperkingen op de vrije mededinging verbieden.
De Raad stelt in de uitspraak dat de gemeente voor het verzoek van Visser voor een ruimere winkelbranchering in één van haar winkelpanden in ieder geval geen uitgebreid onderzoek hoeft te doen om aan te tonen waarom ze daar geen fietsenwinkel of supermarkt wil en of De Hooge Meeren al dan niet terecht beschermd wordt.
En daar kan Visser het mee doen. Die zal voor zijn leegstaande winkelpanden toch gegadigden moeten zoeken, die passen in het winkelplan van de gemeente.