Minister over problemen bij het OZG: bal ligt bij het ziekenhuis en verzekeraars

De ingang van het Ommelander Ziekenhuis
De ingang van het Ommelander Ziekenhuis © RTV Noord
Minister Tamara van Ark (VVD) van Medische Zorg is niet van plan zich rechtstreeks te bemoeien met de financiële problemen van het Ommelander Ziekenhuis Groningen (OZG) in Scheemda. Dat blijkt uit haar antwoorden op vragen uit de Tweede Kamer.
Diverse fracties in de Tweede Kamer trokken eind oktober aan de bel nadat via RTV Noord naar buiten kwam dat het ziekenhuis miljoenen moet bezuinigen om het hoofd boven water te houden.
Voor dit jaar gaat het om een structurele ombuiging van 3,5 miljoen euro, voor volgend jaar 5,5 miljoen. In 2022 moet er nog eens één miljoen worden bezuinigd. Bij elkaar dus 10,5 miljoen euro.
Het was de bedoeling dat begin november een afgerond herstelplan op tafel zou liggen, maar een maand later is dat er nog steeds niet. De betrokken partijen geven aan meer tijd nodig te hebben.

'Alle noodzakelijke medewerking'

De bal ligt bij het ziekenhuis en de zorgverzekeraars plus de andere betrokken financiers (banken, de provincie en het UMCG), schrijft Van Ark:
'De zorgaanbieder en zorgverzekeraars moeten samen onderhandelen over het zorgaanbod van OZG en de bijdrage die de zorgverzekeraars hiervoor betalen. De zorgverzekeraars moeten daarbij voldoen aan hun zorgplicht. (...) In het bijzonder geldt dat de afdelingen Spoedeisende Hulp (SEH) en acute verloskunde in Scheemda ‘gevoelig’ zijn voor de zogenaamde ‘45 minuten-norm’. OZG moet binnen de grenzen van de redelijkheid alle noodzakelijke medewerking verlenen opdat de zorgverzekeraars aan deze bereikbaarheidsnorm kunnen voldoen.'

Geen extra geld

Hiermee geeft Van Ark aan dat het OZG van cruciaal belang is voor de patiëntenzorg in Noordoost-Groningen, maar ook dat het ziekenhuis en de zorgverzekeraars onderling de financiële problemen moeten oplossen. Extra geld van het Rijk om het Scheemder ziekenhuis te ondersteunen, zit er voorlopig niet in: 'Directe betrokkenheid van [het ministerie] is op dit moment dan ook niet aan de orde'.
De minister merkt daarbij op dat er ook andere ziekenhuizen zijn die moeite hebben hun afdeling Spoedeisende Hulp (SEH) overeind te houden. Samen met de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) en de Nederlandse Vereniging voor Ziekenhuizen (NVZ) onderzoekt Van Ark of de bijdrage voor de SEH's omhoog moet. Het advies hierover verwacht ze komend voorjaar.

Vinger aan de pols

De NZa houdt de vinger aan de pols voor wat betreft de zorgplicht waaraan het OZG en de zorgverzekeraars moeten voldoen. 'De NZa heeft mij laten weten dat er op dit moment geen sprake is van een zorgplicht-risico, maar dat er voor de toekomst een aantal belangrijke keuzes gemaakt dient te worden om de zorg te kunnen waarborgen', aldus de minister.
In de tussentijd houdt ook de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) de ontwikkelingen bij het OZG nauwlettend in de gaten, schrijft Van Ark: 'De IGJ heeft bij de raad van bestuur aangegeven op welke momenten zij in ieder geval verder geïnformeerd wil worden'.