Column: kerst met de buurman

De kerstige reclames vlogen je de laatste weken om de oren. Van die reclames waarvan je denkt 'tuurlijk, alsof het ooit zo loopt'. Sinds die ene dag tien jaar geleden weet ik dat mooie kerstverhalen echt bestaan. Dankzij mijn buurman.

Het is kerst 2010. Ik woon met mijn toenmalige vriendin in een appartement aan de Westindischekade in de stad Groningen. De buurt staat bekend als achterstandswijk, waarin diverse nationaliteiten en achtergronden samenkomen. Van de nette student tot de drugsdealer en van boos kijkende kale gasten met vechthonden tot oudjes die niet weg te slaan zijn uit 'hun' wijk.

Onze buurman past prima in dit gemêleerde gezelschap. Zijn rol: de verstrooide professor. Hij is intelligent en ik vermoed dat hij het goede leven heeft gekend. Maar dat is verleden tijd. Hij leeft nu in een stinkende tussenwoning na een mindere periode in zijn leven waarin hij onder andere een bommelding deed bij een advocatenkantoor.

Zijn grijs, ietwat mottige kapsel straalt uit dat het hooguit eens per half jaar wordt geknipt. En waar je hem ook ziet, hij draagt altijd een tuinbroek. 'De knopen zijn van euro's gemaakt, die gaan langer mee dan knopen', vertelt hij trots als ik hem tref in het portiek.

Zijn verstrooidheid komt naar eigen zeggen van een ziekte die hij op heeft gelopen in het buitenland. Hij is daar besmet door vogels. Duiven om precies te zijn. Eens in de zoveel tijd wordt bij hem een pakketje bezorgd met daarin kruiden uit verre landen. 'Dankzij die kruiden ben op een klein pitje in mijn hoofd na genezen.'

Mijn toenmalige vriendin en ik besluiten eind december dat jaar alle feestdagen op één hoop te gooien, aangezien onze verjaardagen en kerst in één week vallen.

Voor de volledigheid bellen we aan bij de buurman. Na een hoop gerochel, een geluid dat we inmiddels wel kennen dankzij de gehorige huizen, doet hij open. Hij oogt blij dat hij even met iemand kan praten. 'Nee hoor', hij vindt het niet erg dat er wat meer gestommel dan normaal in het huis naast hem klinkt. We sluiten af met de boodschap dat hij altijd welkom is voor een drankje. Wel zo netjes om dat te doen.

24 december. De kamer is gevuld met vriendinnen van mijn ex. De deurbel gaat. Tot onze verbazing staat de buurman op de stoep met een doosje bonbons. Gezien de boodschappen die hij normaliter bij de supermarkt om de hoek haalt, moet dat een fikse uitgave voor hem zijn.

Enigszins verbaasd laten we hem binnen en neemt hij met een glas rode wijn plaats tussen de vriendinnengroep. Hij straalt, waarschijnlijk mede door het vrouwelijk gezelschap, van oor tot oor.

'Dit is voor het eerst in jaren dat ik weer een soort van kerst vier. Ik spreek mijn familie nooit meer. De laatste keer werd het dikke ruzie.' Niemand weet hier iets op te zeggen. Ondanks de stilte, zie ik geen verborgen pijn in zijn ogen, maar vooral blijdschap dat hij onder de mensen is.

Na een uurtje houdt hij het na zijn tweede wijntje voor gezien. De beste kerst in jaren, zo noemt hij het bezoekje. Met een 'dag hoor' waar Sinterklaas jaloers op zou zijn, trekt hij de voordeur achter zich dicht. Niet veel later klinkt gefluit aan de andere kant van de muren. Een kerstliedje, hoe kan het ook anders....

Normaal gesproken deelt Willem van Reijendam 's zaterdags op deze plek zijn overdenkingen bij RTV Noord. Zo niet dit weekend. Vrees niet, Willem neemt na de jaarwisseling zijn vertrouwde columnistenstekkie weer in.

Meer over dit onderwerp:
columns opinie
Deel dit artikel:

Recent nieuws