Door de mand: Kees Vlietstra staat stil bij 100 jaar Nic.

'Ik laat me niet uithoren en ontken alles', was mijn geschrokken reactie toen de interviewer van het Friesch Dagblad mijn vermeende Friese roots ter sprake bracht. De beste man belde van de week voor een interview over mijn geliefde Groningse korfbalclub Nic.

Want Nic. bestaat vandaag, zondag 20 december, op de kop af honderd jaar. En of ik daar wat over wilde vertellen. Natuurlijk, maar onder nadrukkelijke voorwaarde dat die hele Friese besmetting achterwege zou blijven. Punt uit.

Donderdag. 'Die schijtstudenten denken dat ze alles kunnen flikken hè', schreeuwt vriend Harrie vanaf Paddepoel. In Meerstad zet ik, om gehoorschade te voorkomen, mijn mobiel op de speaker. 'Nou gaan ze verdomme het Friese volkslied op de Martinitoren spelen. Lekker dan.' Even uitleggen: de Friese studentenvereniging Bernlef heeft duizend euro gedoneerd aan de Voedselbank. In ruil voor die duizend euro gaat beiaardier Auke - whats in a name? - de Boer hun verzoeknummer spelen op het carillon van de Martinitoren. Op ónze Martinitoren. 'Ben er klaar mee', gaat Harrie verder. 'Eerst corona en dan dit. Het moet stoppen. Klaar. Punt uit.'

Verdwaasd leg ik op en denk terug aan honderd jaar korfbal én Friesland. In 2014 sta ik op een podium in de Expansiehal in Jubbega. De plaatselijke club, Wordt Kwiek - whats in a name - bestaat honderd jaar en zwager Roelof heeft gevraagd of ik voor honderd euro wel even twintig minuten voor joker op dat podium wil staan. Een praatje houden. En zoals de bekercompetitie voor stuntploeg FC Groningen een hinderlijke onderbreking is van de competitie, zo was mijn presentatie aldaar voor die volle zaal met reünisten een hinderlijke onderbreking van hun bier drinken.

Ik vertelde wat herinneringen, een Gronings mopje en liet wat ludieke beelden via een haperende beamer op een zwevend scherm zien. Kortom, zwager kreeg waar voor zijn geld, ik stond voor lul. Desondanks kreeg ik wel een staande ovatie van de Friezen. Als slotact draaide ik hun volkslied. En dan gaan ze staan hè. Dat doen ze.

Enfin, nu zijn we zelf aan de beurt. Honderd jaar. Waar normaal in de Nic. mannen-groepsapp alleen maar ranzige vrouwonvriendelijke rommel binnenkomt, worden vandaag prachtige foto's en historische filmpjes gedeeld. Ik verdwaal in eigen archief op de laptop en slik bij het zien van de onlangs overleden Willem. Willem was in zijn werkzame leven verwarmingsinstallateur. Hij noemde zichzelf klimatoloog. Bij Nic. was hij lid van verdienste. Mooie kerel. Denk terug aan hoe hij nieuwe leden een fijn welkom heette: 'Je gebruikt de Nederlandse vlag niet als handdoek. En je traint nooit, maar dan ook nooit in je Nic. shirt.'

Denk via Willem aan Gerard. Jarenlang teamgenoten in het vijfde. Hopelijk zijn ze nu ergens aan het klaverjassen. Hoor Gerard nog roepen op de tribune van de Wijerthal tijdens wedstrijden van het eerste: 'Kom op Nic. Bek op t stuur. Kont op t achterliggie!' O god, dit gaat fout. De foto's en video's op de laptop roepen groen-witte herinneringen op. Wedstrijden, trainingen in de blubber, trainingen in de brandweerkazerne, trainingen in de Oude ALO, in de Groenteveiling, in de Wijerthal (sic!)

Herinneringen aan urenlange busreizen naar uitwedstrijden, aan verstoppertje spelen in De Wijerthal, feesten, lachen, trainingsweekenden, vriendschap, broederstrijd, verliefd zijn, Ahoy, huwelijk, Nic.-nest, huiskamer, kinderen, finales, broederliefde, kampioenschappen, scheiding, degradaties, Café West-End, kampweken, feesten, Edo Stukje, slappe boontjes met patat, De Singelier.

Pff, slikmomentje. Nic. is leven. Het leven is Nic. Punt uit.

Woensdag. Op het nationaal sportcentrum Papendal vertelt Peter, de teammanager van TeamNL, dat hij in zijn tijd als scout van TOP Sassenheim met zijn oren stond te klapperen toen toenmalig Nic.-speelster én Oranje-international Rianne Echten hem vertelde dat ze als speelster van Nic. oud papier moest lopen. Dat hoefde bij TOP niet, dus reed Rianne vier keer in de week van Assen naar Sassenheim om geen oud papier te hoeven lopen. (Oké, oké. En om twee keer landskampioen te worden.)

Bij Nic. lopen we oud papier, fluiten we jeugdwedstrijden, draaien een kantinediensten, spelen we op de TT parkeerwachtertje, pakken we kerstpakketten in voor de Jumbo, bakken we oliebollen en houden we bij thuiswedstrijden speciaal voor Dick Heuvelman een verloting. En betalen we de hoofdtrainer. Win-winsituatie. Maar spelen we vooral. Korfbal. Punt uit.

Zondag 20 december. Al honderd jaar een unieke club met unieke gebeurtenissen en rituelen. Zo is Nic. de eerste club met naamverbintenis met een sponsor: Nic./VCD. Zo is Nic. met Ricky Wu de eerste club met een Aziatische speler in de selectie. Die gewoon oud papier moest lopen. Zo is Nic. de club die begon met the ugliest outfit-training. De eerste training in het voorjaar waarin iedereen verkleed (carnaval) de training afwerkt. In de huidige selectie trekken jammer genoeg sommige spelers die kledinglijn het hele seizoen door. Zo is Nic. de eerste club waar in de tweede selectie het trainen niet centraal staat, want trainen is voor talentlozen. Zo is Nic. de eerste en enige club waar na afloop van een gewonnen wedstrijd het clublied wordt gezongen door de supporters (alle 14) en de selectie.

En zo is Nic. de eerste club waar de voorzitter met een bret bier de kleedkamer in komt, iedereen een sigaar in de snufferd drukt, de douches op de heetste stand zet, een natte handdoek onder de deur propt en uit volle borst het clublied mee brult. Blauw zetten, heet dit fenomeen. Paffen tot de hele kleedkamer blauw staat van de rook. Ja, Nic. is leven. Het leven is Nic. Ik pak het artikel in het Friesch Dagblad er nog eens bij. Vind de dubbele betekenis in de titel van het stuk briljant.

'Nic. zet er al 100 jaar een punt achter'. Ik wil daar graag aan toevoegen: 'Om het volgende hoofdstuk met een hoofdletter te beginnen'.

Sta Pal!

Deel dit artikel:

Recent nieuws