Arno Rutte: ‘Elke dag weer die stroom van haat’

Als klein jongetje ging hij al mee op politieke campagne. Hij zat, 10 jaar oud, op de publieke tribune van de gemeenteraad van Haaksbergen. Kijken naar papa, die was raadslid. Mama later ook. Ze werd er ook nog wethouder. En toen hij zelf in de gemeenteraad van Groningen kwam, was dat een feest. Dat nog geen drie jaar duurde.

In de rubriek Goede Raad! wordt wekelijks een verhaal of onderwerp belicht met een link naar de gemeentepolitiek. Vandaag: voormalig raadslid en VVD- Tweede Kamerlid Arno Rutte.

Haat

Toen hij als nummer 38 op de lijst van de VVD voor de verkiezingen 2012 terechtkwam, bleek dat tot zijn verrassing genoeg voor een zetel in de Tweede Kamer. En zo begonnen de tropenjaren in Den Haag, want ‘je staat altijd aan. Ook in de weekenden. De balans tussen privé en werk was niet goed.’

Als woordvoerder zorg stond hij in het brandpunt van de politiek: ‘Stel je voor, tweehonderd mails per dag. En daarvan was een kwart altijd haat! Al die boze mails, je deed het nooit goed. Elke dag weer. Je bent een zakkenvuller, staat er dan. Nooit eens een compliment. Nee, dat mis ik niet.’

In oktober 2019 nam hij afscheid. Kamervoorzitter Arib kenschetste hem bij die gelegenheid: ‘de gezondheidszorg beter en toegankelijker maken; dát werd jouw missie.’

Wederzijds respect

Hij noemt zichzelf een politiek dier. Lid van de gemeenteraad van Groningen sinds het voorjaar van 2010. Die debatten in het gemeentehuis van Groningen waren ‘van een hoog ideologisch gehalte’. Er waren grote meningsverschillen, over het Forum. Over Meerstad. ‘Er werd fel gedebatteerd. Na afloop schudde je elkaar de hand en dat was gemeend. Er was groot wederzijds respect.’

De debatten in Den Haag waren anders. ‘Je moest scoren. Dan is het soms zo onecht, gaat het over een grens heen.’ Rutte wijdt dat aan de constante druk van de media. Dat maakt dat mensen zich anders gaan gedragen, dan is het ‘alleen maar hakken en zagen. Zo voorspelbaar.’

Terug naar de politiek?

Arno Rutte, van 24 april 1972, adviseert tegenwoordig over zorg. Volgens hem moeten we dat anders gaan inrichten. De coronapandemie heeft wat dat betreft voor een enorme versnelling gezorgd. ‘Er kan en er moet veel meer digitaal.’ Met name bij de oudere, chronische patiënten is daar volgens hem nog een wereld te winnen. En dat moet ook, want de zorgvraag zal blijven stijgen.

En de politiek? Terug naar de gemeenteraad? Hij denkt er wel eens over na, sluit het niet uit. Den Haag is wel een brug te ver. Als bestuurder? ‘Ik hoop dat die vraag nooit komt’, zegt hij na enig aandringen.

Corona

Voorlopig wacht ons nog de strijd tegen corona. Het leven is taai geworden, ‘je stopt met plannen’. Er is lamlendigheid, er kan zoveel niet. Zoals muziek maken. Arno zingt in ‘Harige Harry en de Ladyshavers’. De laatste repetitie is eeuwen geleden, het laatste optreden nauwelijks nog een herinnering.

Maar het gaat beter worden. Zijn gezin heeft hij sinds anderhalf jaar weer terug. En dankzij de vaccinatie wordt ook het leven weer normaal. Kunnen we nog dit jaar gewoon weer een biertje gaan drinken. Mensen ontmoeten. Het gaat gebeuren: ‘nog even volhouden’.

Lees ook:
- Het raadslid dat een veenbrand ontstak
- De ondernemer die raadslid werd voor de communisten
- Eerdere afleveringen van Goede Raad!

Meer over dit onderwerp:
coronavirus zorg GOEDE RAAD tweedekamer
Deel dit artikel:

Recent nieuws