Sebastian leefde op straat en verloor zijn beste vriend: 'Hij was als een broer voor me'

Na weken in Groningen op straat te hebben geleefd vertrekt de Poolse Sebastian vrijdag naar Oldenzaal. Nadat hij zijn baan in Groningen verloor belandde hij op straat, nu krijgt hij weer dag en nacht onderdak. Vandaag doet hij zijn verhaal. Over een vriend die het leven niet meer zag zitten en zijn eigen wens om te werken voor je geld.

Het is donderdagochtend 11.00 uur als de Poolse Sebastian, veertig jaar en al 13 jaar in Nederland, aan komt lopen. Sigaartje in de hand, voortanden heeft hij niet meer. Hij wil een hand geven ('fuck corona'), en vertelt na toch maar een coronaproof ellebooggroet zijn verhaal. In het Engels, met soms een woordje Nederlands tussendoor.

Smelterij

Overal heeft hij gewerkt, van Rotterdam en Vlaardingen tot Haren en Groningen. Z'n laatste baan raakte hij kwijt door corona.

Een nieuw avontuur in het oosten van het land, in Oldenzaal, begint maandag. Daar gaat hij werken in een smelterij. Al houdt hij zelf nog een slag om de arm, hij heeft zijn lesje wel geleerd. Je weet het immers pas zeker als de handtekeningen gezet zijn.

Drie musketiers

In Groningen zwerft hij samen met zijn vrienden Janek en Vytautuas sinds december over straat. Zonder werk, zonder inkomen en zonder dak boven hun hoofd.

Ze slapen in portieken en parkeergarages, en worden vrijwel overal weggestuurd. In de Oude Ebbingestraat gebeurt dat ook, totdat de eigenaar van een winkel zegt dat ze voor zijn winkel onder een trap mogen overnachten. Uit barmhartigheid, om iets voor de medemens te doen.

Ze slapen nog steeds buiten, maar wel onder dak. 'Als het regende lekte het water naar beneden, dan voelde je de druppeltjes op je hoofd vallen', herinnert Sebastian zich. Nee, zijn nachten buiten mist hij niet.

Toeristen

Maar op dat moment is alles meegenomen, want bij de nachtopvang voor daklozen zijn ze niet welkom. Omdat ze inwoners zijn van een EU-land worden ze gezien als toerist. Ze moeten daarom hun eigen boontjes doppen.

Maar in december wordt het te koud om in de buitenlucht te slapen. De drie kloppen aan bij de Martinikerk, vlak bij de plek waar ze samen met andere daklozen dagelijks uren doorbrengen.

Sebastian zit op zijn bankje op het Martinikerkhof (Foto: Marten Nauta/RTV Noord)

Als de beheerder opendoet, vragen ze hem of ze in de kerk mogen slapen. Dat kan niet, maar hij schakelt wel Siebe Zwerver van platform Straatwijs in. Dankzij zijn contacten kunnen ze een week lang verblijven in een hotel. Zo zijn ze ’s nachts van een warm bed verzekerd.

Toch blijkt dat nachtelijke onderdak niet alle problemen op te lossen. Na een paar dagen krijgt Siebe Zwerver een telefoontje van de hotelmanager: Vytautuas, zijn roepnaam is Witek, is met spoed naar het ziekenhuis gebracht met leverklachten. Na drie dagen staat hij weer buiten, maar het is duidelijk dat het niet goed met hem gaat.

Nachtopvang open voor iedereen

Ondertussen weet de stichting Straatwijs - samen met stichting Barka - de gemeente te overtuigen dat de nachtopvang ook voor daklozen uit EU-landen moet worden opengesteld. De winter begint, en bovendien is het landelijk beleid. Toch duurde het even voordat dat dat besef ook bij de gemeente Groningen doordrong, aldus de stichting Straatwijs.

Zo kunnen Sebastian, Witek en Janek terecht in het Simplonhotel aan het Boterdiep. Alleen ’s nachts, want overdag lopen de drie door de straten van Groningen. Vaak zijn ze te vinden op het Martinikerkhof.

‘Iedereen zit hier’, verklaart Sebastian de keuze voor die plek. Er wordt drugs gedeald, al moet Sebastian daar naar eigen zeggen niets van hebben.

‘Hij voelde als een broer voor me’

Dan, na veel dagen op straat en al zo’n twee weken in het nieuwe jaar, ziet Siebe Zwerver alleen Sebastian en Janek nog lopen. Witek blijkt de weg omhoog niet te hebben gevonden, en is op 11 januari overleden. Vermoedelijk heeft hij zichzelf van het leven beroofd.

De Poolse Sebastian verloor zijn baan, en kwam op straat terecht. Nu heeft hij weer een baan gevonden. Bekijk zijn verhaal in de onderstaande reportage:

Sebastian mist zijn ‘beste vriend’, blijkt als we een kijkje nemen bij de plek in de Oude Ebbingestraat waar ze met zijn drieën sliepen. ‘Hij voelde als een broer voor me’, zegt hij. Dan, emotioneel: ‘Je hoeft me niet te vragen of ik hem mis. Het is moeilijk. Als ik aan hem denk…’

Een nieuw hoofdstuk

Maar nu, na een verdrietige periode, begint Sebastian aan een nieuw hoofdstuk in zijn leven. 'Ik heb meer energie, en ben blij dat ik weer werk heb. Mijn hand ophouden is niks voor mij. De afgelopen tijd was ik of aan het slapen, of aan het drinken op straat. Dat is niet goed.’

Zijn periode Groningen laat hij achter zich, en hij sluit af met het geven van dit interview. ‘Als het interview iemand helpt, dan ben ik erg blij. Mijn boodschap aan andere daklozen is: Ga van de straat af, en probeer er een succes van te maken.’

Dan, na even nadenken, heeft hij ook nog een oproep aan de Stadjers. ‘Open je ogen, en help soms eens iemand die het nodig heeft.’

Volgens Siebe Zwerver heeft Sebastian zijn nieuwe baan te danken aan stichting Barka, die voor hem heeft bemiddeld. 'Witek wilde dat ook wel, maar die kwam er niet voor in aanmerking, omdat hij voor dat werk in een smelterij niet gekwalificeerd was. Maar het tekent wel het verschil in mentaliteit, vergeleken met Nederlandse daklozen: die Oost-Europeanen zijn vaak gemotiveerd om de draad weer op te pakken.'

Lees ook:
- Nachtopvang Het Kopland open voor dak- en thuislozen uit EU-landen
- Winterregeling voor daklozen in Stad versoepeld na noodkreet

Meer over dit onderwerp:
coronavirus zorg duurzaamheid groningen-stad
Deel dit artikel:

Recent nieuws