Bier gooien is plat

Hosanna, hosanna en nog eens hosanna. Record na record. Grotere superlatieven waren niet te fantaseren. Eurosonic Noorderslag was dit jaar één groot muzikaal superorgasme.
Media, organisatie, horeca en stadse politiek stonden elkaar massaal te bevredigen bij zoveel succes. Niet dat ik iets tegen dat bevredigen heb, want dat geeft tenslotte een fijn gevoel. En laten we eerlijk zijn, veel mensen hebben een fijn gevoel overgehouden aan het driedaagse muziekfestijn.
Wethouder Jaap Dijkstra ook. ‘Wat Cannes is voor de film in Europa, is Groningen voor de muziek’, hijgde de grijze eminentie tevreden na. Da's toch mooi dat we ons op de borst kunnen kloppen en ongelijk heeft ie niet. Veel opkomende en ook doorgebroken talenten vinden via onze Stad hun weg in de Europese muziekindustrie.
Daarnaast geven duizenden festivalgangers miljoenen euro’s uit in een weekendje onder de Martinitoren. En er komen waarschijnlijk nog een bubs volgers achteraan, want half Europa liep met een cameraploeg door de Stad. Mooiere reclame bestaat niet.
Toch heb ik een knagend gevoel. Ik had het al eerder willen schrijven maar in de juichstemming van tout grunnen heb ik het voor mezelf weggestopt. Ik wilde ook niet dat het de blijheid en trots in mijn lijf zou verstoren maar nu iedereen is klaargekomen, komt het dubbel zo hard terug. Mij bekruipt ergernis, plaatsvervangende schaamte zelfs.
Waar ik het over heb? Die biergooierij natuurlijk. In de grande finale, op het absolute hoogtepunt van een superfestival. Waarin nota bene Neerlands belangrijkste popprijs wordt uitgereikt, vliegen liters bier en een navenant aantal plastic bekertjes de prijswinnaar om de oren.
Huub van der Lubbe, zanger van de Dijk, en de man met de mooiste overhemden van Nederland, werd getrakteerd op een bierdouche. En met hem de rest van de band. Nou dan ben je lekker. Maar da's traditie, wordt er dan in koor geroepen. Nou aan me hoela! Iets platters bestaat toch niet. Een zaal vol met muziekintellectuelen die zich plotseling gaat gedragen als een stelletje apen in een junglekermis. Ik zat zaterdag voor de tv. Mij ging de 'grieze over de graauwe' en zapte naar blote borsten-tv. Dat gaf letterlijk en figuurlijk een minder plat gevoel.
Ik moet denken aan Meule. Meule, een vriendelijke reus, is net als ik stamgast van het stadscafé in Winschoten. Meule houdt net als ik van een stevig biertje. Ik weet wat hij gaat zeggen als we met een biertje voor onze neus aan de bar zitten en ik hem vertel van die biersmijterij. Vlak voor hij zijn lippen aan z’n volle glas zet, bromt hij… ‘Das ja zunde van t bier….’