Instellingen

Voorzitter zorgnetwerk: ‘De pandemie kan nog steeds in een stroomversnelling raken’

Een coronapatiënt gaat op transport naar een ander ziekenhuis
Een coronapatiënt gaat op transport naar een ander ziekenhuis © ANP

Het aantal coronapatiënten in noordelijke ziekenhuizen is al maanden zo hoog dat 30 tot 35 procent van de niet-spoedeisende zorg is uitgesteld. Tegelijk zijn de eerste coronamaatregelen versoepeld. Wat doet dat met de druk op de zorg? ‘Het is een heel spannende fase’, zegt Ate van der Zee namens de negen ziekenhuizen in het Noorden.

Die ziekenhuizen zijn verenigd in het Acute Zorgnetwerk Noord Nederland (AZNN). Van der Zee is voorzitter van dit netwerk.

Met een blik op zijn scherm somt hij moeiteloos de laatste stand van zaken in de ziekenhuizen op. Van de 154 beschikbare ziekenhuisbedden voor Covid-patiënten zijn er nog 28 vrij. Op de ic’s liggen 55 patiënten met corona. Daar zijn dertien bedden onbenut. Aantallen die over een half uur weer anders kunnen zijn, vertelt hij erbij. Het grotere plaatje laat zien dat het aantal bezette bedden al weken ongeveer even hoog is (zie onderstaande grafiek).

Bezetting in noordelijke ziekenhuizen
Bezetting in noordelijke ziekenhuizen © AZNN/RTV Noord

Bijna alleen nog noordelingen opgenomen

Toch is er wel degelijk iets veranderd: de bedden worden niet langer bezet door mensen uit de rest van het land, maar door noorderlingen zelf. In november lagen de zalen nog vol met meer dan honderd patiënten van buiten de regio. Sinds vorige week maandag zijn die nog op de vingers van twee handen te tellen.

‘De laatste twee tot vier weken nemen we veel minder coronapatiënten uit de rest van het land op. 95 procent komt nu uit de eigen regio’, bevestigt Van der Zee. ‘En dat maakt een groot verschil.’

De stroom aan patiënten is veel onvoorspelbaarder. Dat zorgt voor meer druk op de zorg
Ate van der Zee - Acute Zorgnetwerk Noord Nederland

Zonder een continue stroom aan ‘eigen’ patiënten konden noordelijke ziekenhuizen relatief eenvoudig bedden beschikbaar stellen voor zwaarder getroffen regio’s. Door goed samen te werken was van tevoren bekend hoeveel patiënten elk ziekenhuis erbij kreeg. Dat anticiperen is overgegaan in reageren, legt Van der Zee uit.

‘Patiënten melden zich in onze regio bij de Spoed Eisende Hulp (SEH) en worden vervolgens, wanneer er geen beschikbare bedden zijn, bij een ziekenhuis in de buurt opgenomen worden. Dat kunnen er de ene dag veel zijn en een andere dag weer niet. De stroom is veel onvoorspelbaarder. Dat zorgt voor meer druk op de zorg.’

Wanneer een bepaald ziekenhuis in korte tijd veel patiënten heeft opgenomen, moet de last vervolgens weer eerlijk verdeeld worden. Dat gebeurt door patiënten binnen de regio over te plaatsen, vertelt Van der Zee. ‘Dat gebeurde eerder nog sporadisch, maar nu vaker.’

Overplaatsingen zijn ook nodig als het ziekenhuis zelf met een uitbraak te maken krijgt, zoals onlangs in het UMCG en MCL en momenteel Emmen.

Die nieuwe toestroom van patiënten en uitbraken bij ziekenhuizen hebben ook gevolgen voor de reguliere zorg die een ziekenhuis kan leveren. Dat percentage verschilt per ziekenhuis en ligt de ene dag hoger dan de andere. Al met al schommelt het rond de 30 á 35 procent, zegt Van der Zee.

'Nooit wennen aan hoge cijfers'
Ook landelijk is de druk op de zorg nog altijd groot, zegt Van der Zee. ‘De ziekenhuizen houden al maanden 1350 ic-bedden in de lucht voor gewone zorg en Covid-patiënten. Normaal zijn dat er 950 tot 1000.' De AZNN-voorzitter benadrukt dat we aan dergelijke getallen niet mogen wennen. 'Want ondertussen moet die zorg wel geleverd worden. Dat is een forse inspanning.’

Het gevaar ligt nog op de loer

Zullen de versoepelingen leiden tot een toename van het aantal besmettingen en opnames? Niemand die het zeker weet. Feit is dat het reproductiegetal in het Noorden nog steeds rond de 1 schommelt, waardoor het aantal besmettingen blijft oplopen. Vooral de besmettelijkere Britse variant houdt dat getal hoog.

‘Het is een heel spannende fase’, erkent Van der Zee. ‘We maken ons wel zorgen over de versoepelingen. Omdat we op steeds grotere schaal vaccineren, hebben mensen het gevoel dat het einde in zicht is. Ondertussen ligt het gevaar nog steeds op de loer dat de pandemie in een soort stroomversnelling raakt. Je wilt voorkomen dat het zo sterk oploopt als in de eerste en tweede golf. Dan moeten we de zorg weer verder afschalen.’

Of ‘code zwart’ dan ook in zicht komt? De plannen voor dat scenario liggen bijna klaar, meldde het AZNN donderdag. Maar dat staat volgens Van der Zee los van de situatie in de ziekenhuizen. De mededeling was puur bedoeld om uit te leggen dat het Noorden voorbereid is voor het geval er onvoldoende capaciteit is om alle patiënten te behandelen. Een scenario dat nog ver weg is, aldus Van der Zee.

‘Dan moeten er eerst ziekenhuizen in meerdere regio’s vol liggen. Als ze de minimale zorg niet meer kunnen leveren, kan de minister code zwart afroepen. Je hoopt natuurlijk dat dat nooit gaat gebeuren.’

Vaccinaties in verpleeghuizen bieden geen verlichting
Met de huidige vaccinatiestrategie zet minister De Jonge in op het beschermen van ouderen, bewoners van verpleeghuizen en andere kwetsbare groepen. Dat zijn echter niet de mensen die op een ziekenhuisbed belanden, stelt Van der Zee. ‘Daar wordt de druk in de ziekenhuizen niet minder van. De groep daar net onder zou dan eerst gevaccineerd moeten worden. Daartoe riep Peter van der Voort (ic-hoofd UMCG, red.) de minister onlangs ook op. Met name mannen van vijftig en ouder met overgewicht. Dat is grootste risicogroep.’ Die oproep had tot nu toe geen effect.

'Nog flink wat stappen zetten'

De realiteit is dat de ziekenhuizen nog een periode moeten overbruggen voordat ze een adempauze krijgen, zegt Van der Zee. ‘Dat zoveel mensen gevaccineerd zijn, biedt een mooi perspectief. Dat effect zie je nu al in verpleeghuizen. Maar we moeten nog wel een flink aantal stappen zetten. Daarom moeten we ons aan de maatregelen houden en het aantal besmettingen zo laag mogelijk houden.’

Wanneer de ziekenboeg uiteindelijk leegstroomt, valt volgens Van der Zee niet te voorspellen. 'Dat is net als het weer. De komende paar dagen zijn goed te overzien, de lange termijn is onzeker. Dat hangt van te veel factoren af.'