In de schaduw van Jan

Jan Uitham heeft een imposante carrière, Jan heeft sinds woensdag een lintje, Jan heeft sinds woensdag een eigen boek, Jan heeft een eigen trein en Jan heeft al enige tijd een eigen schilderij in het schaatsmuseum Hindeloopen.
Geen mens die het de levende schaatslegende van Noorderhogebrug misgunt. Jan is een mooi en aimabel mens. Met veel liefde voor de sport én voor mooie vrouwen. Toch is er een plek in Groningen waar het succes van Jan pijn doet. Waar? In het hart van Piet Kruger.

Piet Wie? Ja, Piet Kruger. Piet Kruger is geboren Huizinger én schaatser. Generatiegenoot van Jan Uitham ook. Piet won de Noorderrondritten en twee keer de Oldambtrit. Op deze aardbodem is er verder geen schaatser die zowel de Oldambtrit als de Noorderrondritten won.

Piet werd in 1956 zevende in de Elfstedentocht. Eigenlijk werd hij zelfs tweede. In deze Elfstedentocht gingen vijf schaatsers in het zogeheten Pact van Vrouwbuurstermolen met z’n allen tegelijk over de finish. Zij werden alle vijf uit de uitslag geschrapt wegens onsportief gedrag. Dus werd ‘Hoezen Pait’ achter Jeen van de Berg tweede. Maar dat is nooit in de annalen van deze elfde Elfstedentocht vermeld. Het blijft voor altijd de tocht zonder officiële uitslag en dus zonder Piet Kruger als tweede.



Piet kon beter schaatsen dan Jan Uitham. Toen ie de Noorderrondritten won, schaatste hij Jan op 33 minuten. Bij zijn overwinning in de Oldambtrit kwam Jan Uitham bijna zeven minuten later Daipswaale in Scheemde op.

Waarom kennen wij Jan Uitham dan wel en Piet Kruger niet?
De tweede plek van Jan achter Reinier Paping in de heroïsche Elfstedentocht van 1963, toen Piet al niet meer meedeed, heeft daar natuurlijk mee te maken. Maar dat is het niet. Het is meer het verschil in mens.

Waar Jan de aimabele sportman is, altijd goed voor een praatje op radio, tv of in de krant, daar is Piet de teruggetrokken zonderling. Want dat izzie zeker. Zo draagt ie z’n leven lang al een pet. Hij staat er mee op en hij gaat er mee naar bed. Een handelsmerk ontstaan uit ijdelheid en schaamte voor z’n kaalheid.

Piet is een begenadigd metselaar, maar even na z’n veertigste stopte hij van de ene op de andere dag met werken. Dat gebeurde na een conflict over geld met z’n toenmalige werkgever Nooit ging ie meer voor een baas aan het werk. Getrouwd is Piet ook nooit. ”Om melk te kriegen, huf je gain kou hebben”, is zijn schalkse antwoord als Piet wordt gevraagd naar z’n leven zonder vrouw. Ook drank is niet aan hem besteed. Aan melk en koffie heeft ie genoeg. Om te mooipraten heeft hij geen drank nodig.

Piet schudt de anekdotes zo uit z’n mouw. Waar Piet komt daar is levendigheid. Buurten vindt ie prachtig. Een luisterend oor vindt hij altijd. Steevast komt ie voorrijden in z’n grijze Mercedes. Piet zelf heeft altijd over z’n ‘Ster’. De Ster is hem alles, gekocht op z’n zestigste verjaardag met contant geld in een plastic zak.

In zijn schaatscarrière won hij veel. Heel veel. Maar Piet stond niet bekend als de sportiefste van het peloton. Een beetje n miesgaster. Mooi voorbeeld zijn de gewonnen Noorderrondritten van 1954.

Piet was samen met z’n maatje Piet Berghuis uit Middelstum al uren voor de start aanwezig. In het donker, krek achter de deuren van de loods hadden de twee zich op een stoel gezet. Bij het klinken van het startschot vlogen de maatjes als een komeet weg. De stoelen waar ze op hadden gezeten lagen plotseling in het pad van de rest van de aanstormende schaatsers. Vallende, vloekende en scheldende schaatsers. Ze hebben Kruger en Berghuis de rest van de dag niet meer gezien.

Piet was een harde, voor een ander, maar ook voor zichzelf. Niet zo lang geleden viel hij met de fiets. Dijbeen gebroken. Niemand in de wijde omgeving te zien. Tot drie keer toe probeerde hij zichzelf aan z’n fiets op te hijsen. Drie keer viel ie weer. Bij de vierde keer lukte het wel. Zittend op de bagagedrager is hij kilometers lang met z’n goeie been naar huis gestept. Het laatste stuk naar z’n woning in Huizinge heeft ie gekropen om uiteindelijk z’n broer te bellen, die een ambulance regelde.

Aan media heeft ie een broertje dood. Het woord interview staat niet in zijn woordenboek. Hard, compromisloos met een olijk verfje. Dat is Piet. Maar daardoor ook altijd in de schaduw van de schaatswereld. In de schaduw van Jan Uitham.

Nu woont hij in Tjuchem, bij iemand onderdak in een klein kamertje. In dat kamertje van drie bij vier staat een klapbed, een tafel, een paar stoelen en een tv. Aan de muur een grote kast met al z’n trofeeën. Veel van schaatsen, een beetje van wielrennen en van de laatste jaren veel van vissen.

In december wordt hij tachtig. Het zou toch mooi zijn als op zijn verjaardag in Huizinge, zijn dorp, een standbeeld wordt geplaatst. Van Piet Kruger, de beste schaatser van Groningen……
Deel dit artikel:

Recent nieuws