Instellingen

Door de mand: Kees Vlietstra kaatst en kan de bal verwachten

Kees Vlietstra
Kees Vlietstra © RTV Noord

En, is het gelukt?, vraag ik aan de atleet voor me bij het servicepunt van Papendal. Hij knikt met een stralende glimlach. We staan te wachten op Henny. Henny is de locatiemanager en waardeert de pasjes op waarmee we kunnen afrekenen in het restaurant waar alle sporters van TeamNL eten.

De atleet vraagt van welke sport ik ben. Mijn antwoord en de toevoeging dat mijn sport ook met vrouwen wordt gespeeld doen zijn ogen glinsteren.

Op mijn wedervraag welk onderdeel van de atletiek hij beoefent slaat hij me op mijn schouders. Met Antilliaans accent: Ik loop de 400 meter, jongen. En dat is ver jongen. Heel ver jongen.

Ik moet glimlachen. Wat een fantastische kerel. Henny legt onze opgewaardeerde pasjes op de balie. Alsjeblieft. Klaar mannen. Het is weer gelukt.

Vrijdag zat ik juichend voor de tv. Mijn nieuwe Papendal-vriend Liemarvin Bonevacia is startloper van de estafetteploeg 4 x 400 meter. Finale. Bonevacia gaat als de brandweer. 400 meter is inderdaad heel ver maar als je het maar heel snel loopt ben je er eerder vanaf, moet Bonevacia gedacht hebben. Zijn teamgenoten nemen zijn snelheid mee en halen een zilveren medaille.

'We zijn net als een voetbalteam; we zijn individueel misschien niet de beste, maar we weten elkaar wel te pushen tot de limit', zei startloper Bonevacia, die vooraf al voelde dat het een mooie race kon worden. 'Het was alsof we naar een feestje gingen, zo goed was de stemming.'

Profetische woorden van Bonevacia. Het was alsof we naar een feestje gingen, zo goed was de stemming.

Na afloop van de finale stormen de Nederlandse estafettevrouwen de baan op om hun mannelijke collega's te feliciteren. Dolle vreugde. Ik juich voor de tv. Dit is inderdaad een gemengd team dat naar een feestje is gegaan. Het is gelukt.

Een ander sportfeestje van de week was de PC in Franeker. Kaatsen. Traditiegetrouw ben ik woensdag, ondanks de coronabeperkingen, per trein afgereisd naar het Sjûkelân. (vertaling: Wimbledon van Franeker).

Op Groningen Centraal zette ik mijn fiets in de bewaakte fietsenstalling. De man die me hielp was een oude bekende. Warm weerzien. Theo Jongedijk, oud klasgenoot op de ALO, is al weer een aantal jaar de filiaalhouder van de bewaakte fietsenstalling. U ziet, je wordt multifunctioneel opgeleid op zo'n sportstudie. Theo gaf me een ov-kaart en gratis stalling. Zo, ook weer gelukt.

In de trein naar Franeker, dacht ik terug aan de tijd dat Theo Jongedijk als mascotte bij Donar heeft gefigureerd. Theo De Dondergod. Wat een gek was dat.

Theo had totaal geen angst. Dat bracht ons in hachelijke situaties in het Groninger nachtleven.

Toen wij als ALO-studentjes eens illegaal wisten binnen te dringen bij de sociëteit van de stropdasjes van Vindicat werden we door de bewaking na twee meter pils (geen bier, nee pils) dwingend verzocht het pand aan de Grote Markt te verlaten. Dat ging heel beschaafd. Wij verlieten het pand per trap via de hoofdingang. Behalve Theo. Theo zette de deuren van het balkon open en nam een snoekduik over de reling. Alle hertjes en stropdasjes hielden hun adem in. Wij stonden inmiddels op de Grote Markt die open lag voor archeologisch onderzoek en zagen Theo vijfenhalve meter door de lucht vliegen. Hij landde na een drieënhalve salto gehoekt met anderhalve schroef (6,6 van het Japanse jurylid) head first in een grote bult zand onder het balkon. Zo, ook weer gelukt, zei De Dondergod terwijl hij het zand van zijn kleren schudde.

Mooie tijden. Terug naar de onze(kere). Terug naar de PC in Franeker. Kaatsen. Het was een feestje. Bij de hoofdingang van het stadion staan op grote borden de winnaars van de vorige edities. Vanaf 1854 alle winnende parturen en koningen. Mijn gedachten dwalen door die cijfers weer af. Vijfde woensdag van juli, 1995. Klasgenoot op de ALO Sake Porte staat in de finale, weer. Met mijn broer en zwager vormen we een groupie partuur voor Sake.

In die tijd was us Sake de grootste kaatser van Friesland én omstreken. Hij studeerde aan de ALO in Groningen en bleef daar hangen, ging wonen op het Hogeland, in Winsum. Hij verkoopt nu tractors in Argentinië. U ziet, je wordt multifunctioneel opgeleid op zo'n sportstudie. Sake won maar liefst vijf maal de PC. Porte was een tacticus, een fijne linkshandige voorinse en bovenal een winner. Hij kon een tegenstander mentaal helemaal breken. Fantastische sportman.

Kaatsen is een sport die bol staat van de tradities. Zo wordt de beste man van het winnende partuur gekroond tot koning. Die krijgt een krans en eeuwige roem. En alhoewel Sake vijfmaal de PC in Franeker won en zelfs door zijn medespelers als beste werd bestempeld weigerde de jury, de Permanente Commissie, hem tot koning te kronen. Dat had alles te maken met de verhuizing van Porte naar Groningen. Konden ze niet hebben, die kinderachtige mannetjes met hun hoge hoeden.

Pure wrok. Sake haalde zijn schouders op en dronk met zijn groupies een biertje in de Bogt.

In de Leeuwarder Courant van 6 juni 1995 laat ploeggenoot en achterinse Pieter Tienstra het volgende optekenen: Kwalitatyf hat Grins it sterkste perk fan alle öfdielings. Sake Porte en ik traine in protte yn Grins op it kuorbalfjildfjild fan Nic. (Vertaling: Kwalitatief heeft Groningen het sterkste perk van alle afdelingen. Sake en ik trainen in de blubber op het korfbalveld van Nic. Na afloop is het altijd beregezellig in het Nic.nest en douchen we gemengd met de dames. Je moet je toch een beetje aanpassen aan de tradities van de gastheren én dames.)

Sake kon onze support door de jaren heen wel op prijs stellen. We werden dan ook uitgenodigd op zijn afscheidsfeest toen hij met kaatsen stopte. Feestje vond plaats in de boerderij van zijn ouders in Vrouwenparochie. We konden de boerderij niet vinden. Sake bellen. Die gaf een routebeschrijving met Fries accent:

Ik: Moi Sake, waar woont die boerderij van jou?

Sake: Binne jo hjir bekend?

Ik: Nee.

Sake: Ik wenje neist it keatsfjild.

Ik: Ja, maar waar is dat kaatsveld?

Sake: We ha hjir mar ien keatsfjild.

Het was een fantastisch feest. Berenburg enzo. De volgende ochtend staat de moeder van Sake eieren te bakken. Mijn broertje komt met een verwilderde kop de keuken in lopen. Loopt naar de moeder van Sake en zegt:

Hallo moeder van Sake, ik zal me even voorstellen. Ik ben Mike.

Moeders kijkt broerlief aan. Ja, ik weet dat jij Mike bent. Je hebt me vannacht nog geprobeerd te versieren.

Mike kijkt niet eens verbaasd.

En, gelukt?