Instellingen

Gedupeerde stuurt brief aan Rutte: 'Help ons, we zijn ten einde raad'

Peter en Monique Klok voor hun afgebrande woning in Roodeschool
© Jeroen Willems

'In alle jaren dat hij premier was, is er niets gebeurd voor Groningen. Dus ik hoop dat er nu wat gebeurt, maar ik verwacht het eigenlijk niet.' Het zijn de ietwat gedesillusioneerde woorden van aardbevingsgedupeerde Monique Klok.

Ze is aangemerkt als één van de schrijnende aardbevingsgedupeerden. En al had ze het graag gewild, tot een ontmoeting met Mark Rutte kwam het donderdag niet. De demissionair premier sprak tijdens een werkbezoek aan het aardbevingsgebied wel met een aantal andere aardbevingsgedupeerden. Ook ging hij om de tafel met de Commissie Bijzondere Situaties, die zich bezighoudt met schrijnende gevallen in het aardbevingsgebied, onder wie dus Monique Klok.

Op straat?

'Ik had mijn situatie graag willen uitleggen en willen zeggen dat ik hoop dat er alsnog een oplossing komt', zegt ze. Maar zover kwam het dus niet. Dan maar een brief, dacht Klok. Daarin schetst ze kernachtig haar situatie.

In 2016 werd bekend dat de boerderij van haar en haar man Peter in Roodeschool op twaalf punten onveilig was, waardoor ze er niet meer veilig konden wonen. Nu wonen ze al vier jaar in een huurwoning in Schildwolde. maar die staat te koop en het huurcontract loopt in oktober af. Tot overmaat van ramp brandde vorig jaar in september de boerderij in Roodeschool helemaal af, inclusief een deel van de inboedel.

'Gisteren zijn er weer mensen geweest om het huis te bezichtigen. Als zij morgen besluiten dat ze het huis willen kopen, dan staan wij per 1 oktober op straat'.

'Ik weet niet wat hij met de brief doet'

Kloks brief is een noodkreet na alle ellende van de afgelopen jaren. Tot haar teleurstelling zat een persoonlijke overhandiging van de brief er niet in, hoe graag ze dat ook had gewild.

'Er was een heel strikt protocol en daar mocht niet van afgeweken worden. Hij had geen tijd én het was niet mogelijk. Daarom heb ik de brief gisteren naar Stut-en-Steun (organisatie die bevingsgedupeerden helpt met complexe of vastgelopen dossiers, red.) gebracht, die zouden de brief overhandigen aan Rutte. Maar natuurlijk had ik graag zijn reactie willen zien. Want nu weet ik niet wat hij met de brief doet.'

Het einde van de brief aan demissionair premier Mark Rutte
Het einde van de brief aan demissionair premier Mark Rutte © RTV Noord

'Wij zijn dus één van de eerste zesduizend gevallen, dat begon in 2012. Toen kwam er een versterkingsoperatie die niet plaatsvond. Onze kinderen hebben twee jaar bij oma gewoond. We hebben er psychische en fysieke klachten aan overgehouden.'

'Van het kastje naar de muur'

Volgens Klok wordt ze al jaren van het kastje naar de muur gestuurd. 'Ze zeggen: volgende maand gaan we met jullie in gesprek en dan gebeurt er niets. Weer een maand later zeggen ze: volgende maand gaan we met jullie in gesprek en dan de volgend maand weer. Zo zijn we nu weer een jaar verder.'

'Er werd al aan ons gevraagd: willen jullie in het Noorden blijven? Natuurlijk willen we dat. Onze kinderen wonen hier, we hebben het hier weer opgepakt. Maar de NCG maakt zich er niet druk over. De NCG kan het huis kopen, maar ze willen het niet. Er is zo enorm veel stress.'

Rutte wordt aangesproken door Henny Klooster, een inwoner van het gaswinningsgebied
Rutte wordt aangesproken door Henny Klooster, een inwoner van het gaswinningsgebied © ANP

'Ollongren en Blok gaan erover'

Of Klok denkt dat het helpt dat Rutte hiernaartoe komt, laat ze in het midden. 'Wat ik eigenlijk niet snap: Rutte gaat er niet eens over. De ministers Ollongren en Blok hadden hier moeten zijn. Zíj gaan erover.' Omdat de demissionair premier hier toch was, besloot ze de brief aan hem te richten.

In de brief windt ze er geen doekjes om. De tekst begint netjes met de woorden 'Geachte minister president', maar na twee kantjes eindigt ze met een noodkreet: 'Zo heeft het leven voor ons geen zin meer. Deze laatste negen jaar krijgen we al niet meer terug. Alstublieft, minister president. Help ons, we zijn ten einde raad.'

'Met z'n allen gaan we hier aan onderdoor', vat Klok samen. 'Van negentig procent van de mensen die een scheur in de muur heeft is de situatie misschien opgelost. Maar van die mensen die er al negen jaar mee zitten wordt niet opgelost.'

Klok wil de toekomst voor haar gezin met vertrouwen tegemoet gaan, maar ziet daarin geen licht aan het einde van de donkere tunnel waarin ze zit. 'Ik heb geen idee hoe het verder gaat, we leven met de dag. We weten het niet.'