Instellingen

Column: Behulpzame boer

Geert Jan Darwinkel
Geert Jan Darwinkel © RTV Noord

Ken je die verhalen, die eigenlijk té mooi zijn om waar gebeurd te kunnen zijn? Maar die je tóch gelooft, gewoon, omdat je zo graag wilt dát ze op waarheid berusten?

Erik Hulsegge had een paar maanden geleden op deze plek zo’n verhaal, over een man die Clint Eastwood was tegengekomen bij vliegveld Oostwold. De krasse Eastwood was, samen met een imposante bodyguard, uit z’n witte limo gestapt om met eigen ogen te zien waar z’n roots nou precies lagen. Nou, hier in het Groningse Oostwold dus.

Prachtig verhaal natuurlijk, maar of het ook wáár is?

De collega's Geert Jan, Alice, Eva en Martijn vertellen op zondag een mooi verhaal, tot Erik Hulsegge terug is van vakantie. Vandaag is de beurt aan Geert Jan Darwinkel.

Toeval of niet, maar in hetzelfde weekend herhaalde Herman Sandman in het Dagblad een verhaal over Bob Dylan die niet alleen fietsend was gespot in nota bene Noordpolderzijl, maar die óók nog eens in ’t Zielhoes was gezien, waar die gekke Amerikoan aan de bar een kopje kovvie had weggetikt. Het Hogeland deed hem zo denken aan Duluth, Minnesota, vandaar dat-ie even was komen buurten.

Je zou toch willen dat het waar was, zo’n pracht van een anekdote?

Ik had dat gevoel, dat gevoel van een verhaal waarvan je wilde dat het waar gebeurd was, een kleine drie jaar geleden, toen ik stuitte op een tweet van Mirjam Wolder uit Utrecht. Mirjam was (en is trouwens nog steeds) op zoek naar het verhaal van de redder van haar opa.

‘Als ik nou een boer zoek, destijds wonend tussen De Punt en Haren, die op 11 januari ’43 mijn opa (die net uit de trein van Westerbork naar Auschwitz was gesprongen) geld gaf om per bus naar Groningen te kunnen reizen. Waar begin ik dan?’, schreef ze op Twitter.

Onmiddellijk na het lezen van die tweet dacht ik: dat verhaal kén ik. Ik zou zweren dat ik het eerder, héél lang geleden, al eens had gehoord. Van mijn opa en oma, als knuppeltje van een jaar of 12, eind jaren zeventig. M’n opa, een boer, woonde daadwerkelijk aan het spoor. Weliswaar in Tynaarlo, een handjevol kilometers zuidelijker dan De Punt, maar wellicht dat die geografische bepaling in de loop der decennia wat was vervaagd. Zou kunnen, toch? Het verhaal klonk mij namelijk zó bekend in de oren. Het moest haast wel waar zijn. Dacht ik.

Aan m’n opa en oma kon ik het echter niet meer vragen. Die hebben reeds lang geleden het tijdelijke met het eeuwige verwisseld. Maar aan m’n vader nog wel. Die was er vast en zeker van op de hoogte. Als m’n opa en oma mij dat verhaal hadden verteld van die vluchtende Joodse man, die m’n opa wat geld had toegestopt om via Groningen terug naar Amsterdam te reizen, dan toch zeker ook aan m’n vader?

Het antwoord van senior was echter ontnuchterend en voelde als een koude douche. ‘Ik heb dat verhaal nooit gehoord’, schudde hij met z’n hoofd. En ja, dat wist hij zeker, héél zeker, hield hij me voor. Het verhaal kón daarom bijna niet waar zijn. Ik had mezelf wat wijsgemaakt.

Wel verdorie.

Toch is de tweet van Mirjam me altijd blijven intrigeren. Vooral omdat haar vraag niet werd beantwoord, ondanks dat diverse regionale media (RTV Noord, DvhN, RTV Drenthe) er aandacht aan besteedden.

Ze was destijds helemaal overdonderd geweest door alle aandacht die haar tweet had gegenereerd. 'Zelfs Daniël Lohues deelde het bericht', zei ze. Ze had bovendien veel bruikbare tips gekregen, vertelde ze. Mensen die met oude kaarten op de proppen waren gekomen en wezen waar de boerderijen toentertijd hadden gestaan. Maar de gouden en alles verhelderende tip over de reddende engel van opa Maurits Wolder zat er niet tussen.

Twee jaar geleden vroeg ik Mirjam via Twitter of haar zoektocht een jaar na dato nog wat had opgeleverd. Haar antwoord was ontkennend. Onlangs vroeg ik het opnieuw. ‘Nee, nog steeds niet helaas,’ schreef ze.

Vervelend voor haar, en voor al die mensen die naar een eind goed, al goed-verhaal smachtten, ikzelf incluis. Aan de andere kant: als de identiteit van die reddende engel van 11 januari 1943 nog steeds niet boven water is, zou mijn wishful thinking-verhaal best eens op waarheid kunnen berusten, toch?

Ikzelf geloof er in ieder geval heilig in.