Instellingen

800.000 euro om Midden-Groningen veiliger te maken: 'We zoomen in op Hoogezand-Sappemeer'

Burgemeester Adriaan Hoogendoorn van de gemeente Midden-Groningen
Burgemeester Adriaan Hoogendoorn van de gemeente Midden-Groningen © Pepijn van den Broeke/Gemeente Midden-Groningen

De gemeente Midden-Groningen wil met een bedrag van ongeveer 800.000 euro straatcriminaliteit in onder andere Hoogezand-Sappemeer aanpakken.

'Het is een flinke investering om een flinke inhaalslag te maken', zegt burgemeester Adriaan Hoogendoorn. Het geld is beschikbaar gesteld door het Nationaal Programma Groningen (NPG), maar de gemeenteraad moet binnenkort bepalen of ze het geld daadwerkelijk voor dat doel willen inzetten.

Burgemeester: 'Veiligheidssituatie is best zorgelijk'

Volgens de burgemeester is de veiligheidssituatie in zijn gemeente op sommige plekken 'best zorgelijk'. Het gaat dan bijvoorbeeld om bepaalde wijken in Hoogezand-Sappemeer.

'We zoomen daarom wel extra in op Hoogezand-Sappemeer', zegt Hoogendoorn. 'Er zijn daar een aantal zwakke wijken, wijken met veel problematiek.'

Welke wijken het eerst aangepakt worden? Dat weet de gemeente nog niet. Hoe ze dat gaan bepalen? De gemeente laat eerst onderzoeken wat er precies (achter de schermen) speelt.

'Als we helder hebben waar de meeste problematiek is, willen we daar een veiligheidsregisseur opzetten', zegt Hoogendoorn.

Criminaliteit verdwijnen en buurtbewoners weer de baas

De gemeente hoopt twee jaar bezig te zijn met een wijk. 'Als we zicht hebben op de problemen, dan gaan we met betrokken partijen, zoals wijkagent en jongerenwerkers aan de slag.

Dat gebeurt samen met buurtbewoners zodat de criminaliteit verdwijnt en de buurtbewoners zelf weer het heft in eigen hand hebben', aldus Hoogendoorn.

Jongeren wilden objecten in Hoogezand in de brand steken

Er zijn overigens al langer zorgen over voornamelijk jongeren in Hoogezand. Hoogendoorn stelde afgelopen jaarwisseling zelfs een noodverordening in.

'We hadden informatie dat daar wat zou gebeuren', vertelde hij toen. Jongeren wilden in Hoogezand 'bepaalde objecten' vernielen of in de brand steken. 'Met de noodverordening kon de politie de jongeren op afstand houden van deze objecten', zei Hoogendoorn.