Instellingen

Deze dag: Inktzwarte dag door brand bij Helios

De brand in de Helios-inktfabriek in Winschoten
De brand in de Helios-inktfabriek in Winschoten © Nieuwsblad van het Noorden (bewerkt)
Het Nieuwsblad van het Noorden omschrijft het als een ‘angstaanjagend inferno’, de uitslaande brand in het centrum van Winschoten, waarbij drukinktfabriek Helios in vlammen opgaat. Ook de naastgelegen zaadhandel en een woning gaan verloren. Er vallen wonder boven wonder geen slachtoffers op deze dag, 2 oktober 1963.
Een werknemer ziet in de vroege ochtend, dat er op de bovenste verdieping rook naar buiten kringelt. Hij rent met een brandblusser de trap op. Hij kan de stroom nog uitschakelen, maar de ruiten springen dan al door de warmte uit hun sponningen op de eerste verdieping: ‘op het nippertje kan de man het vege lijf redden.'
Terwijl de vlammen loeien in het pand heeft de politie de handen vol aan het op afstand houden van het publiek: 'telkens weer werden doffe knallen gehoord, als een drum met grondstoffen van drukinkt ontplofte.'
Onheilspellende roetwolken zijn die ochtend tot in de wijde omtrek te zien. Boven Winschoten kleurt de hemel zwart, met hier en daar tinten grijs, of zelfs gifgroen. Tot in Beerta ‘dalen roetdeeltjes neer, zodat de was haastig moet worden binnengehaald’, schrijft Hennie Lemein veertig jaar later in het Dagblad.
De verslaggever omschrijft de brand als een 'inktzwarte dag' voor Winschoten. Binnen een kwartier staat de inktfabriek tussen Liefkensstraat en Torenstraat over de volle lengte van zestig meter in lichterlaaie. De brandweerkorpsen van Winschoten, Beerta, Scheemda en de bedrijfsbrandweer van de PTT proberen het vuur te blussen.
Zelfs ladderwagen ‘Ome Dirk’ wordt ingezet. Tevergeefs: ’tegen het allesvernietigende vuur en de verzengende hitte was nauwelijks iets uit te richten’. Het materiaal dat gebruikt wordt voor de fabricage van drukinkten is uiterst brandbaar.
Om tien uur in de ochtend is het ergste voorbij. De brandweer houdt nog dagen de puinhopen nat, omdat het vuur af en toe weer oplaait. Daarnaast spuiten ze straten en pleinen die onder het roet zitten, schoon.
Ooit was op die locatie aan de Torenstraat rijwielenfabriek Gruno gevestigd. In 1938 verhuisde de fabricage naar Nijmegen. Het gebouw werd voor 25 duizend gulden gekocht door de GEMBO, dat staat voor ‘Gemeenschappelijke Energie Maakt Bloeiende Onderneming’. GEMBO vestigde inktfabriek Helios in het pand. GEMBO was op haar beurt opgericht voor het maken van waterglas, een hulpstof bij de fabricage van strokarton.
De Winschoter Courant meldt een dag na de brand dat, ofschoon over de oorzaak nog niet veel bekend is, de verzekering de schade dekt, ‘die bedragen met veel cijfers zal belopen’.
Geluk bij een ongeluk: de receptuur voor het maken van drukinkt bevindt zich in een kluis aan de P. van Dijkstraat. Twee dagen na de brand komt de productie van rotatie- en kartonnage-inkten alweer op gang.
Twee jaar later ruilt de firma met de gemeente Winschoten het terrein aan de Liefkensstraat en Torenstraat tegen een stuk grond aan de overkant van de spoorlijn. Op de kale plek in het centrum verrijst later de Venne-flat.
De toeschouwers, die op deze dag ‘van heinde en verre op het inferno afkwamen, moeten ’s avonds meer dan één keer hun hoofd onder de kraan steken, om de zwarte smurrie kwijt te raken'. Vervelend, dit gevolg van een brand in het centrum van Winschoten op 2 oktober 1963, die goed beschouwd een stuk slechter had kunnen aflopen.