Instellingen

Deze Dag: Domie is vermoord

Bastiaan Jan Ader (1909-1944)
Bastiaan Jan Ader (1909-1944) © Levendlandschap.org
Hij fietste in 1936 over de Balkan en Turkije naar het beloofde land. Hij redde honderden Joodse landgenoten tijdens de oorlog het leven. Hij werd verraden ‘voor een baaltje shag’ door een politieman. Op deze dag, 20 november 1944, werd verzetsman Bastiaan Jan Ader doodgeschoten door de Duitse bezetter.
Er zijn nogal wat sterke verhalen te vertellen over dominee Ader, die in 1938 werd benoemd tot hervormd predikant in Nieuw-Beerta en Drieborg. Ook was hij godsdienstleraar op het gymnasium in Winschoten. Al snel na de bevrijding schreef zijn vrouw Johanna een boek over hun turbulente leven samen dat in het Duits, Engels en Fins werd vertaald: Een Groninger pastorie in de storm.
De bekroonde radiodocumentaire ‘Taai en fel gestreden’ (2006) van collega Wiebe Klijnstra gaat over het echtpaar dat zich, afkomstig uit het Westen, steeds sterker verbonden voelt met de mensen in de Groninger grensstreek. Bas en Jo slagen er in Groningers van verschillende gezindten te verenigen in hun godsgeloof en de overtuiging, de Duitse bezetter waar mogelijk te dwarsbomen.
Taai en fel gestreden
In hun pastorie vinden in de oorlogsjaren tientallen Joden een schuilplaats. Ze helpen naar schatting twee- tot driehonderd anderen aan een onderduikadres elders, vaak in de omgeving. Ader reist regelmatig naar het westen om de contacten te leggen.
Op een van die reizen gaat het mis, het is juli 1944. In Haarlem wordt hij opgepakt als hij een wachtmeester van de politie in vertrouwen neemt, die hem vervolgens verraadt. In ruil voor wat tabak en vage beloften. Daarmee is ook het sensationele plan om de gevangenen in concentratiekamp Westerbork te bevrijden, van de baan.
Een deportatietrein moest worden gekaapt. Daarmee zouden verzetsmensen, verkleed in Duitse uniformen, het kamp binnendringen. Er was zelfs met de Engelsen contact over het plan; die beloofden steun, als het verzet de brug bij Ulsda kon opblazen. 'Hij was blijkbaar de grote man achter het plan', zei directeur Dirk Mulder van het Herinneringscentrum Kamp Westerbork daarover later. Treinliefhebber Bastiaan Jan Ader zou ook de machinist van de trein zijn.
Een poging om Ader te bevrijden uit het Huis van Bewaring in Haarlem mislukt, omdat hij enkele dagen eerder wordt overgebracht naar Amsterdam. Hij slaagt erin, ondanks meerdere harde verhoren in de gevangenis, geen vitale informatie over zijn activiteiten prijs te geven.
Daar is hij trots op, zo blijkt uit brieven aan Jo die uit de gevangenis gesmokkeld konden worden. Daarin is ook te lezen het gedicht, waaraan Wiebe Klijnstra de titel van zijn documentaire ontleent:
't Is niet om mij: 'k heb fel en taai gestreden,
Bij dag noch nacht begeerd naar rust;
'k Heb in het lijden der gedoemden meegeleden.
En vaar nu heen naar verre, lichte kust.
Als het verzet een Duitse soldaat doodt bij Veenendaal, wordt Bastiaan Jan Ader op deze dag, 20 november 1944, met vijf anderen vermoord door de bezetter als represaille voor die aanslag. In 1967 is aan het echtpaar Ader door het Israëlische herdenkingscentrum Yad Vashem de onderscheiding ‘Rechtvaardige onder de Volkeren' toegekend.
In Drieborg sticht Johanna al in 1950 een oecumenisch gemeenschapshuis, onder meer bedoeld om gesprekken tussen Nederlanders en Duitsers mogelijk te maken na de verschrikkingen van de bezettingsjaren.